Vrouwen voortrekken not done

Vrouwelijke wetenschappers stuiten tijdens hun loopbaan vaak op het old boys network. Met diversiteitsbeleid proberen universiteiten daarin verandering te brengen....

Makkelijk heeft de Universiteit Twente (UT) het niet. Zij is een technische universiteit en daar zijn vrouwen nog ver in de minderheid. Maar dat is volgens collegevoorzitter Anne Flierman geen excuus om zo laag te scoren met het aandeel vrouwelijke wetenschappers op prestigieuze posities als hoogleraar. Met 5,8 procent staat Twente samen met Eindhoven (1,6 procent) onder aan de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren, de ranglijst die vorige week is gepubliceerd. Dat percentage moet omhoog kunnen, zegt Flierman. ‘Daarvoor is wel druk op de ketel nodig.’

De weg van promovendus tot hoogleraar kost gemiddeld dertien jaar. Zo bezien is het reëel als de Universiteit Twente over tien jaar 20 à 25 procent vrouwelijke hoogleraren telt, zegt Suzanne Hulscher. Zij is theoretisch natuurkundige en sinds 2002 hoogleraar Watermanagement in Twente. Als voorzitter van het ambassadeursnetwerk, een club van hoogleraren en directeuren (m/v) van haar universiteit die ijvert voor meer vrouwen op hogere functies, bespreekt zij geregeld met Flierman hoe het old boys network te doorbreken.

Eerste stap is het scouten van talent. Het zijn merendeels mannen die binnen de universiteit aan de knoppen zitten en die geneigd zijn in eigen kring te werven voor functies als universitair hoofddocent of hoogleraar. ‘Geschikte vrouwen zien zij vaak – onbewust – over het hoofd’, zegt Suzanne Hulscher.

Om die reden helpt het ambassadeursnetwerk met het vinden van excellente vrouwelijke wetenschappers in binnen- en buitenland. Decanen met een vacature krijgen actief hun hulp aangeboden. Twee keer per jaar consulteert het netwerk alle decanen om te horen wat zij hebben ondernomen om talentvolle vrouwen door te laten stromen of te werven en benoemen.

Een andere maatregel van de Universiteit Twente is kansrijke vrouwen expliciet wijzen op een vacature. Dankzij die actieve opstelling haalde zij de bekende nanofysica Claudia Filippi binnen. Vrouwen voortrekken is er niet bij. ‘In de wetenschap telt voor elke functie dat de beste kandidaat wordt benoemd’, zegt Hulscher.

Maar aan welke criteria die moet voldoen, daarover zijn geen precieze afspraken, ontdekte zij. Daarom heeft Hulscher met haar faculteit selectiecriteria op papier gezet voor de doorstroming van docenten. Zo moeten zij een bepaald aantal publicaties op hun naam hebben staan, over een buitenlands netwerk beschikken en geld kunnen binnenhalen voor onderzoek. Het resultaat van deze, wat zij noemt, ‘transparante en genderneutrale beoordeling’ van sollicitanten heeft het afgelopen jaar tot uitzonderlijk resultaat geleid: van de zes academici die werden bevorderd tot universitair hoofddocent, zijn drie vrouw.

Voorts ziet het college van bestuur erop toe dat in elke benoemingsadviescommissie, verantwoordelijk voor de selectie van hoogleraren, minimaal een vrouwelijke hoogleraar zit. Met als gevolg dat het handjevol vrouwen dat er rondloopt, zich de benen uit het lijf rent, zegt Petra de Weerd-Nederhof, hoogleraar Organisatie van Innovatie.

Zij was, veeleisend als een fulltime hoogleraarschap is, aanvankelijk niet zo happig zich in te zetten voor de ‘vrouwenzaak’. Maar na een training binnen de universiteit waarin werd aangetoond dat gemengde sollicitatieteams duidelijk een verschil maken, ging ze overstag. Ze is mentor van aanstormend vrouwelijk talent en neemt veelvuldig zitting in sollicitatiecommissies.

‘Elke wetenschapper, man of vrouw, stelt aan sollicitanten voor topposities dezelfde eisen wat betreft vakkennis, onderzoekservaring, buitenlands netwerk en aantal publicaties. Maar vrouwen kijken ook of een sollicitant sociaal vaardig is, inspirerend en binnen een team past. Een hoogleraar is immers ook manager van een vakgroep dus die moet over veel capaciteiten beschikken. Die vrouwelijke blik maakt de kans dat er een vrouw uitrolt, groter.

Zelf heeft Petra de Weerd-Nederhof ook geprofiteerd van het diversiteitsbeleid van de Universiteit Twente. Toen in 1998 het ministerie van Onderwijs gepromoveerde jonge vrouwelijke wetenschappers stimuleerde onderzoeksvoorstellen in te dienen, waagde de technisch bedrijfskundige ook een gok. Diegenen die door de strenge selectie kwamen, kregen uitzicht op een baan als universitair hoofddocent, één trede onder het hoogleraarschap. De Weerd-Nederhof kwam erdoor, maar de belangstelling was zo overweldigend dat niet alle onderzoeksvoorstellen, zo ook niet de hare, gehonoreerd konden worden. Daarop benoemde de Universiteit Twente haar alsnog tot universitair hoofddocent.

Eenmaal op die positie werd er aan alle kanten aan haar getrokken; ze kon naar Groningen, naar Wenen. Maar ze wilde in Twente blijven, waar ze inmiddels gesetteld was met man en drie kinderen. Sinds maart dit jaar is ze hoogleraar. Benoemd na een open sollicitatieprocedure, met inderdaad merendeels mannen in de benoemingsadviescommissie. ‘Ik was gewoon de beste kandidaat.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden