Voor de gevestigde namen is het bordspelletje uit

Met het dreigende bankroet van V&D, Macintosh en DA kunnen winkelstraten in de provinciale steden hun ziel verliezen. In de Randstad staan de H&M's en Primarks te popelen om het gat op te vullen.

Beeld Raymond van der Meij

De Kalverstraat is nog altijd met recht het laatste vakje op het Monopolybord. Wie een winkel wil huren, is nergens in Nederland duurder uit. En, crisis of niet, in het Amsterdamse winkelgebied rond de Dam zijn de huurprijzen afgelopen jaar juist blijven stijgen. Wie een vierkante meter aan de Kalverstraat wil huren, betaalt volgens makelaarskantoor Jones Lang LaSalle bijna 3 duizend euro per jaar.

Dat warenhuis Vroom & Dreesmann in de Kalvertoren de deuren sluit en ook op nummer 203 waarschijnlijk binnenkort vertrekt, zal daar volgens alle winkelanalisten en retaildeskundigen geen verandering in brengen. Kijk naar het voorbeeld van V&D-buurman Maison de Bonneterie, ook zo'n decennialang begrip. Vier maanden nadat De Bonneterie begin vorig jaar voor de crisis capituleerde, opende de Zweedse modeketen H&M een flagship store in het oude, statige warenhuis.

Maar hoe anders ziet de toekomst eruit voor 'de Brink' en 'de Dorpsstraat' aan het begin van het kapitalistische gezelschapsspel. De recente reeks aan faillissementen van Halfords, Schoenenreus, Free Record Shop en juweliersketen Siebel hebben daar al voor een stevige kaalslag gezorgd. De winkelleegstand loopt er al jaren op. En met het dreigende bankroet van de 63 filialen bij Vroom & Dreesmann kunnen veel koopgebieden in de provinciale binnensteden definitief van hun kern worden ontdaan.

Metamorfose

Hoewel de situatie in de Dorpsstraat een hele andere is dan die in de Kalverstraat is het aangezicht in beide winkelgebieden totaal aan het veranderen. Een metamorfose die in beide gevallen wordt aangewakkerd door de opkomst van internet. Steeds meer Nederlanders bestellen hun boeken, kleding en apparatuur thuis vanachter hun computer. Die concurrentie drukt de marges, zeker als de economie ook nog eens tegen zit.

Als winkeliers hun prijzen niet aanpassen aan de concurrentie online, zijn veel klanten assertief genoeg om het zelf te doen. Steeds vaker stappen klanten met hun mobiele telefoon naar de kassa en laten zien voor welke prijs het scheerapparaat of espressomachine van hun keus te koop is: 'Zak jij met de prijs, of koop ik online?' Wil je in zo'n markt van dunne marges het hoofd boven water houden, dan moet je veel verkopen. En dus veel aanloop hebben.

Het levert in de winkelstraten op de dure kant van het Monopolybord een heftige concurrentiestrijd op, waarbij veel vertrouwde namen van de afgelopen decennia het onderspit delven. Winkels in het middensegement leggen het af tegen de prijsvechters en grote internationale modegiganten die spotgoedkope en steeds vernieuwde collecties in hun rekken hebben hangen. Exit Mexx, enter H&M.

Het Zweedse modebedrijf bezit in alle grote winkelsteden grote winkels en heeft daarnaast een florerende webshop. In het gebied rond de Dam heeft H&M inmiddels zelf zes filialen. Ook het Spaanse Zara doet mee in de slag om de hipster die graag voor een paar tientjes met volle zakken de winkel uitloopt.

De belangrijkste uitdager in deze markt komt uit Ierland. Primark opende vorig jaar zes winkels op belangrijke locaties. Drommen tienermeisjes en -jongens stonden in december voor de deuren van nieuwe filialen op populaire locaties in Rotterdam en Den Haag te wachten. De opening van de eerste Primark-vestiging in Amsterdam, op het Rokin, belooft dit jaar een vergelijkbaar spektakel op te leveren.

Een totaal andere categorie, die nog altijd goed loopt, is de absolute top van de markt. Precies de tegenhanger van de prijsvechters. De luxe ketens van merken als Louis Vuitton, Chanel, Tommy Hilfiger, Diesel en Petit Bateau. Merken die nooit in de uitverkoop gaan en meestal ook niet via internet te koop zijn.

In de Amsterdamse PC Hooftstraat, bij uitstek de plek waar de rich and famous met volle tassen over het trottoir paraderen, stijgt de gemiddelde huur afgelopen jaren door. Ook in de chique winkelstraten van Den Haag, zoals de Hoogstraat, worden de huren nog steeds hoger.

Luxe ketens

Dat luxe het goed doet in winkelland is ook te zien aan de strategie van de Bijenkorf, die zich veel meer op 'de top van de markt' is gaan richten. In 2013 besloot het warenhuisketen daarom vijf van de twaalf filialen in kleinere steden te sluiten, winkels die direct weer werden overgenomen door Primark.

In de luxe warenhuizen, met als topper de vestiging in Amsterdam, trekt de Bijenkorf klanten de winkel in met A-merken, die in hun shop-inshop binnen het warenhuis hun spulletjes uitstallen. Eenmaal binnen worden de klanten verleid om ook de hogere etages te bezoeken, in de hoop dat ze toch met een paar producten de deur uitlopen waarvan ze van tevoren niet hadden bedacht ze nodig te hebben.

In het verlengde van de deze luxe-trend ligt ook de groeiende vraag naar wellness en gezondheid, ook daar heeft de consument geld voor over. Die beweging is de bron achter het succes van natuurwinkel De Tuinen, waar hipstervoedsel als chiazaad en gojibessen de deur uit vliegt tegen prijzen waar je bij de supermarkt heel wat kilo's havermout en rozijnen kunt kopen.

De Tuinen is de snelst groeiende winkelketen van Nederland - als alles volgens plan verloopt, heeft het merk binnen drie jaar nog veel meer nieuwe vakjes op het Monopoly-bord ingepikt. Marloes Hofstetter, hoofd van de afdeling vastgoed bij De Tuinen, heeft als taak om in de nabije toekomst 100 nieuwe panden op A-locaties te vinden.

Volgens haar is de afgelopen jaren veel veranderd voor ketens die op zoek zijn naar nieuwe panden voor hun winkels. 'Ten opzichte van tien jaar geleden is het veel gemakkelijker geworden om panden te vinden', zegt Hofstetter. 'Dat ten eerste. De meeste ketens die nog groeien zijn of op zoek naar grotere panden, of ze willen helemaal niet op een A-locatie zitten. Wij wel.'

Iets anders dat volgens Hofstetter is veranderd, zijn de argumenten om een pand wel of juist niet te huren. 'Vroeger keek je bij het zoeken van een locatie naar de toeloop, maar ook naar waar de anderen zaten. Je wilde bij de Hema, Free Record Shop of Etos in de buurt zitten, want daar kwamen klanten die ook onze producten interessant vinden. Maar nu let niemand daar meer op. Je kunt er niet meer van uitgaan dat die winkels solide blijven.'

Het doel van De Tuinen is om in heel het land actief te zijn, maar Hofstetter geeft toe dat er plaatsen zijn waar het weinig nut heeft een filiaal te openen. 'Er zijn zeker plekken in Nederland waarin we gewoon minder geïnteresseerd zijn. We willen voor heel Nederland bereikbaar zijn, maar het gebeurt vooral in de Randstad en in kleinere plaatsen daaromheen. Daar ligt onze focus het meest.'

Primark tijdens de opening van de vijfde vestiging in NederlandBeeld anp

Kaalslag

Maar op 'de Brink' en 'de Dorpsstraat' zit amper een nieuwe hippe keten te wachten. De recente reeks aan faillissementen heeft daar voor een stevige kaalslag gezorgd. En nu vrezen deze winkelgebieden voor de ondergang van Vroom & Dreesmann.

'Zeist wordt een stad met een dood hart als V&D verdwijnt', zegt bijvoorbeeld Sjaak de Leeuw, een man die al veertig jaar in Zeist woont en al bijna even zolang winkelt bij Vroom & Dreesmann. 'Dit gebouw, deze winkel, het geeft toch een beetje allure aan de binnenstad. Wist je dat hier vroeger zelfs concerten werden gegeven? V&D zorgt voor sfeer, voor toeloop.'

Mee eens, zegt Petra Spies. Een vrouw die al 'zo lang ze op deze aardkloot rondloopt', bij de V&D in Zeist komt. 'Verschrikkelijk zou ik het vinden als die weg gaat.' Van een gezellig dagje winkelen, zou dan hoogstens een dagje winkelen over zijn.

Vanuit de gaarkeuken van La Place geurt inderdaad nog wat troost de winkelstraat in, maar verder is er nauwelijks volk in het centrum. In de 1e Hogeweg, samen met Belcour het centrale winkelgebied van Zeist, staan dan ook heel wat panden leeg. De lage huurprijs, ongeveer eentiende van de prijs die een winkelier in de Kalverstraat per vierkante meter moet betalen, lijkt ook geen nieuwe ondernemers over de streep te trekken.

Alleen middenstanders als vloer- en gordijnspecialist Roobol, Wai Wurrie damesmode en het Spaanse restaurant Ramblas (onbeperkt tapas voor 18,50 euro) houden dapper stand. Spies: 'Maar die winkels hebben ook profijt van V&D, hè. Ik vraag me af: als dit straks wegvalt', wijzend naar de betonglazen kolos naast haar, 'wat blijft er dan nog van Zeist over?'

Winkelonderzoeker Gertjan Slob van Locatus verwacht dat er over een aantal jaar inderdaad weinig overblijft van de winkels in stadscentra zoals Zeist. 'Bewoners kunnen met de trein naar Utrecht en Amersfoort, waar genoeg aanbod is.'

Slob verwacht dat er in 'ons dorp' straks alleen nog plek is voor middenstand die voorziet in basisbehoeften. 'Je houdt dan een klein winkelgebiedje over, rondom de supermarkt', zegt hij. 'Met een drogist, bakker, slager een kapper.' Misschien blijft er nog een klein koffietentje en mogelijk een afhaalpunt voor alles wat de bewoners online hebben aangeschaft.

Werknemers van warenhuis V&D organiseren uit protest een prijzencircus.Beeld anp

Provincie

Ook Kitty Koelemeijer, hoogleraar marketing en retailing bij Nyenrode, voorziet dat er in kleine dorpen en steden vaak niet veel meer dan een supermarkt en enkele omliggende winkels overblijven. Voor sommige provinciestadjes heeft ze nog hoop dat kleine middenstanders uiteindelijk toch weer hun kans zullen grijpen.

'Zodra de huurprijzen dalen, krijgen ook kleine zelfstandigen een kans', zegt ze. 'Er zijn zat mensen die graag een winkeltje zouden willen. Die halen het natuurlijk niet allemaal, maar dan komt er wel weer iets nieuws. Er zullen minder winkelstraten zijn, maar in de straten die overblijven zal met andere woorden veel meer dynamiek ontstaan.'

'Je ziet in zulk soort gebieden ook steeds vaker schoonheidsspecialisten en kappers een zaakje openen', zegt Gertjan Slob van Locatus.

Maar er zijn onvoldoende zelfstandigen om de leegstand in kleinere binnensteden en dorpen straks volledig te gaan opvullen. Dus blijft de grote vraag: hoe ziet de winkelstraat van Bennekom, Heerlen, Dordrecht of Zeist er over tien jaar uit? Eind vorig jaar publiceerde het Planbureau voor de Leefomgeving een rapport over de leegstand in Nederland. Daarin zien zij 'functieverandering' als de logische optie voor dit soort gebieden. Een term die, gestript van het vakjargon, neerkomt tot het ombouwen van winkels tot woningen.

Simpel is dat niet. Wie wil er immers wonen in een straat waar alleen ladende en lossende vrachtwagens mogen parkeren? En lenen winkelpanden zich eigenlijk wel voor woningen? Het zijn vragen die de komende jaren een heel eigen gezelschapsspel zullen opleveren voor lokale politici, vastgoedeigenaren en allerhande adviesbureaus.

Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden