Klopt dit wel? Factcheck

Vertrekken er echt ‘veel’ ministers van Financiën naar de financiële sector, zoals oud-minister Dijsselbloem beweert?

Yanis Varoufakis, destijds Minister van Financiën van Griekenland, in gesprek met toenmalig Minister van Financiën van Nederland Jeroen Dijsselbloem op het hoofdkwartier van de EU in Brussel in mei 2015. Beeld ANP

Van wie komt de claim?

Voormalig PvdA-minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem vertelde afgelopen zondag bij televisieprogramma Buitenhof, dat hij, als voorzitter van de Europagroep, ‘iets van 55 ministers van financiën’ had meegemaakt. ‘Veel van hen zijn naar de financiële sector gegaan’, voegde de oud-minister eraan toe in gesprek met Paul Witteman. Dijsselbloem onthulde dat hij ook voor een lobbyfunctie bij een bank was gevraagd, maar dat onmiddellijk had afgewezen.

En, zijn het er 55?

Wat het aantal collega-ministers betreft, zit hij in de buurt. Het zijn er vier minder: 51. Mogelijk is Dijsselbloem de tel kwijtgeraakt tijdens de slopende onderhandelingen met de Grieken. Zij wisselden tijdens zijn voorzitterschap maar liefst zes keer van post. 

Het was niet met iedereen kortstondig koffiedrinken. Spanje, Duitsland en Slowakije bleven trouw aan een en dezelfde man tijdens het voorzitterschap van Dijsselbloem. 

Hoeveel stapten over? 

Dat veel van de financiële ministers in de financiële sector zijn terechtgekomen, daar maakt Dijsselbloem zich zorgen over, zei hij. ‘Het roept ernstige integriteitsvragen op.’ Hij doelde op ministers die hun kennis en expertise delen met financiële instellingen, bijvoorbeeld als lobbyist.

‘Veel’, zei Dijsselbloem dus. Hoeveel? Na grondig spitwerk naar ex-ministers van financiën van eurolanden, blijkt dat 8 van de 51 zijn overgestapt naar wat Dijsselbloem de ‘verkeerde kant’ noemt - de financiële sector. Dat komt neer op 16 procent. Hierbij past wel de kanttekening dat van twee Cyprioten die beiden heel kort minister zijn geweest, Vassos Shiarly en Michalis Sarris, niet kon worden vastgesteld wat ze na hun ministerschap zijn gaan doen. Ook de ambassade van Cyprus kon dat niet. Zouden zij als bankier of lobbyist aan de slag zijn gegaan, dan heeft één op de vijf ministers van financiën de oversteek gemaakt.

Speelt dit breder?

Dijsselbloem snijdt een gevoelig punt aan. Corporate Europe Observaty, een non-profitorganisatie die onderzoek doet naar de invloed van lobbywerk op Europese beleid, publiceerde in april een stuk. Daarin werd aangetoond dat een derde van de ambtenaren van DG Fisma, dat de Europese financiële sector moet reguleren,  ofwel uit die sector komt of er na de ambtelijke baan naartoe gaat. 

Het Europese voorbeeld van die financiële draaideurcultuur is José Manuel Barroso, die na zijn tijd als voorzitter bij de Europese Commissie, in 2016 bij Goldman Sachs aan de slag ging. Een gevoelige overstap, al was het maar omdat de Amerikaanse zakenbank gezien wordt als mede-veroorzaker van de financiële crisis. In februari van dit jaar werd bekend dat Barroso anoniem gelobbyd had voor zijn nieuwe werkgever, terwijl hij had beloofd dat nimmer te doen.

Conclusie 

Het aantal ministers van financiën was 4 minder dan de 55 in de schatting van Dijsselbloem. Dat hij het veel vindt dat 16 à 20 procent van zijn oud-collega’s de financiële sector ingaat, is gezien zijn weigering begrijpelijk. Maar ‘veel’ blijft een subjectief begrip.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.