Verkenners voor Oranje

Zodra Nederland zich kwalificeerde voor het WK, steeg de werkdruk snel bij het KNVB-projectteam dat de komst van het Oranjelegioen moest voorbereiden....

Augustus 2005 Werkdruk: 5 procent

Het Nederlands elftal is nog niet eens officieel geplaatst voor het WK voetbal in Duitsland in 2006, als in de bossen van Zeist het WK-projectteam van de KNVB wordt samengesteld. Zeven KNVB’ers gaan zich in de aanloop naar het wereldkampioenschap bezig houden met ‘alles wat niet met voetbal te maken heeft’.

En dat is nogal wat. Ticketing, veiligheid, sponsors, accountmanagement, communicatie. Bert van Oostveen (in het dagelijks leven manager competitiezaken) krijgt de leiding. Hij schrijft een projectplan, met daarin twee doelen:

1: Wereldkampioen worden.

2: Als Oranjelegioen de beste gasten ter wereld zijn.

Het eerste doel ligt niet in de handen van Van Oostveen en zijn team, het tweede wel. Nederland moet veilig, gesponsord, en gesteund door duizenden Oranjefans in Duitsland gaan voetballen.

Van Oostveen: ‘Het is een ervaren crew. Iedereen werkt samen.’ Dat moet ook, want alle deelgebieden hebben met elkaar te maken. Als iemand van het Koninklijk Huis een wedstrijd wil bezoeken, moet iedereen aan de slag. Dat heeft namelijk gevolgen voor de veiligheid, maar ook voor de ticketing – wie zitten er in de buurt? – en de sponsoring. Of zoals Van Oostveen het uitdrukt: ‘Je kunt Willem-Alexander niet achter de goal zetten.’

Oktober 2005 Werkdruk: 10 procent

Op 8 oktober wint het Nederlands elftal met 2-0 van Tsjechië en is kwalificatie voor het WK een feit. Het ándere WK-team legt inmiddels de eerste contacten met de Nederlandse ambassade in Berlijn, de Duitse minister van Binnenlandse Zaken, de Duitse ambassade in Den Haag. Wat gaan we doen? Hoe zorgen we dat de tienduizenden Nederlanders die in juni ongetwijfeld naar Duitsland zullen afreizen zich gedragen?

Van Oostveen heeft uit ervaring niet zo’n positief beeld van de Duitse manier van werken. Maar dat valt mee. Van Oostveen: ‘Ik was op voorhand bang dat ze erg op de regels zouden zijn. Maar zowel de mensen van de Duitse overheid als die van de toernooi-organisatie bleken on-Duits flexibel. Ze denken mee, en staan open voor suggesties.’

December 2005 Werkdruk: 20 procent

Op 9 december reizen Bert van Oostveen en teammanager Hans Jorritsma af naar Leipzig. Daar is de loting voor het wereldkampioenschap. Voorafgaand aan de loting organiseert de FIFA een workshop voor de 32 deelnemende landen. Jorritsma en Van Oostveen zitten aan tafel tussen vertegenwoordigers van Mexico en Paraguay terwijl het gaat over de kleuren van de shirts (Oranje krijgt de kwalificatie van een ‘donkere’ kleur, de tegenstander moet dan een ‘licht’ shirt dragen), de speelsteden en de veiligheidsmaatregelen.

’s Avonds zitten de heren opnieuw naast de Paraguayanen. Van Oostveen maakt zich oprecht zorgen over de telefoonrekening van zijn buurman. ‘Die was continu aan het bellen.’ Zelf vindt Van Oostveen het een ‘strak geregisseerde bijeenkomst’. Hij is onder de indruk van aanwezige sterren als Pelé, Cruijff, Beckenbauer. Nederland loot een poule met Servië en Montenegro, Ivoorkust en Argentinië. De sporter in Van Oostveen denkt: ‘Een zware groep.’ De projectleider in Van Oostveen denkt: ‘Gelukkig geen risicowedstrijden.’

Januari 2006 Werkdruk: 50 procent

Nu de poule bekend is, stippelt het WK-team een Road to the Final uit. Waar speelt Nederland en tegen wie? De speelsteden zijn Leipzig, Stuttgart en Frankfurt. Het team maakt ook scenario’s voor als Nederland eerste of tweede wordt in de poule en finales gaat spelen. Samen met reisorganisatie OAD bezoeken Van Oostveen, zijn rechterhand Eddie Wassink en Herma Hoveling (zij gaat over sponsors en gasten) de speelsteden. Waar moeten de sponsors eten en slapen? Hoe worden zij vervoerd van hotel naar stadion?

Samen met Theo Pouw en Rob Polderman van de Oranje-supportersvereniging praten Gijs de Jong (hij gaat over veiligheid) en Van Oostveen met de burgemeesters en de politiechefs van de steden. Het gaat over geschikte locaties voor de ‘Oranjepleinen’, die sinds het EK in Engeland in 1996 een begrip zijn. De kenners betogen dat plekken in de stad waar fans van het Nederlands elftal bijeenkomen om te zingen en bier te drinken vooral in het centrum moeten zijn. Van Oostveen: ‘Buiten de stad heeft geen zin, daar gaat geen supporter naar toe.’ Pouw en Polderman tonen een dvd met beelden van de hossende oranjefans tijdens voorgaande toernooien. Het gaat ook over veiligheid. 18 Nederlandse politiemannen gaan mee, in burger, om de fans in de gaten te houden.

Februari 2006 - mei 2006 Werkdruk: 200 procent

De Duitse overheid eist dat alle toegangsbewijzen op naam staan. De KNVB heeft 17 duizend kaarten te vergeven, waarvan de helft naar de Oranje-supportersvereniging gaat. Dat betekent: 17 duizend namen inclusief adresgegevens, paspoortnummer en plaats in het stadion aanleveren aan de autoriteiten. Bovendien moeten alle bezoekers gescreend worden op mogelijke stadionverboden. ‘Een hell of a job’, zegt Van Oostveen. Wie zit op welk stoeltje?

Dat er maar zo weinig kaarten beschikbaar zijn, vindt de projectleider ook jammer, maar onvermijdelijk. ‘Van de FIFA krijgen we 8 procent van alle beschikbare zitplaatsen. Dat hebben zij zo bepaald: de rest gaat naar andere landen, sponsors, belanghebbenden. Maar al kregen we 100 duizend kaarten, dan waren het er nog niet genoeg.’

De laatste maanden gaat veel aandacht uit naar de sponsors. Die hebben allemaal hun eigen wensen, en de KNVB wil daar flexibel mee omgaan. Dat betekent geen lange, statige diners voor en na wedstrijden, maar, zoals straks in Leipzig, een sfeervol pre-match-buffet in een oude Oost-Duitse fabriekshal, compleet met jazz-zangeressen en auto’s uit de jaren dertig. Na de wedstrijd worden de sponsors vergast op een heuse Heimat-abend, opgeluisterd met zang van Jan Smit.

In Zeist stijgt de spanning. Hoe dichterbij het WK komt, des te belangrijker worden de details. Welke relatiegeschenken moeten er komen? Wat komt er op de menu’s van de sponsorbuffetten te staan? Schenken ze overal wel Heineken? Wie vangt de plaatsvervangend ambassadeur op?

Op 9 juni reist het team af, eerst naar Leipzig. Met de auto, want dat is vrijwel net zo snel als vliegen, en het scheelt ter plekke weer autohuur. Vanaf dat moment is het minstens twee weken rennen en vliegen. Weinig slapen, veel bellen. En voetbal kijken, natuurlijk. De projectmanager is overal bij. Want hij is pas tevreden als zijn gasten hun bed in rollen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden