Verhalenverteller in de garderobe

In de garderobe van het biologisch-dynamische restaurant Lembas in Driebergen biedt zich een verhalenverteller aan met 'verhalen voor jong en oud, gezogen uit eigen duim of gevonden in oude boeken'....

Zijn op kringlooppapier gedrukte uitnodiging om 'even op verhaal te komen' heeft concurrentie van een gifgroen stapeltje A4-tjes dat van een 'Een nieuwe eeuw en nieuwe kansen' rept. Een creatieve tekstschrijver van de Vrije School in Amersfoort heeft zijn best gedaan op een wervende tekst voor - ja, voor wat eigenlijk?

'Op het kruispunt van twee eeuwen en zelfs twee millennia kunnen we terugblikkend en vooruitkijkend ons eigen standpunt bepalen. Met het oog op de toekomst zoeken we naar nieuwe wegen om aan die uitdaging gestalte te geven. Rob Tuk zal hierover wat vertellen, maar de meeste tijd wordt er gedanst met Esclarmonde Tuk.'

Wat Rob Tuk tot de aangewezen persoon maakt om over de toekomst te praten en of de dansende Esclarmonde een menselijk wezen is - misschien zelfs de vrouw van Rob - of een andere entiteit, staat niet vermeld. Onbekend blijft ook wát deze Esclarmonde precies danst: stijl, of toch iets met de maan?

Verward dwaalt de blik naar boven, waar een affiche van het Theosofisch Genootschap attendeert op een lezing over het onderwerp 'Manipulatie bij reïncarnatie' op 11 januari. Manipulatie bij reïncarnatie: het beeld blijft vaag, zelfs als je de woorden een paar minuten in je hoofd tot rust laat komen.

Dat Lembas, een van de weinige biologisch-dynamische restaurants van Nederland, in het hart van Driebergen ligt, hoeft niet te verbazen. Biologisch-dynamisch voedsel is bedacht door de antroposofen en daar barst het in Driebergen en omstreken van. Volgens de leer van grondlegger Rudolf Steiner is voedsel geen klakkeloze brandstof, maar de bron van kracht en leven. Die bron dient zo natuurlijk mogelijk, volgens een strikte kalender en uiteraard zonder gebruik van bestrijdingsmiddelen en andere narigheden, tot stand te komen. Of restaurants als Lembas daadwerkelijk uitsluitend biologische producten gebruiken, is overigens vooral een kwestie van vertrouwen: een keurmerk of andere vorm van garantie bestaat nog niet.

Na de eerste schrik bij de garderobe verrast het restaurant door zijn ruimte en harmonieuze, degelijke inrichting. Er zijn twee zalen: eentje voor rokers en eentje voor niet-rokers. We kiezen de laatste, maar zien vervolgens dat het in de eerste zaal beduidend gezelliger is. Zijn rokers leukere mensen? Maakt de angst voor longkanker spraakzaam? In onze zaal zitten voornamelijk zelfgebreide dames van een jaar of zestig zwijgend aan een tafeltje tegenover hun evenmin spraakzame echtgenoten. De meesten hebben hun servet als een slabbetje om hun nek gehangen voor het geval de selderijsoep spettert.

Twintig jaar geleden is Lembas opgezet door Arta, een stichting voor drugshulpverlening in Zeist. Wie bij Arta een afkickprogramma had gevolgd, kon via Lembas weer aan het gewone leven wennen.

Nog steeds krijgt het bedrijf geregeld stagiaires via Arta, maar een werkervaringsplek voor ex-verslaafden is het allang niet meer. De vegetarische daghap van begin jaren tachtig heeft plaats gemaakt voor een glanzende menukaart, die naast de onvermijdelijke pompoensoep, spinaziesoep en selderij-crèmesoep sinds een tijdje ook vlees en vis bevat: gegrilde zalm, kalkoenbiefstuk, rundvleesgoulash. Verder nog steeds veel vegetarisch: Griekse quiche, gevuld koolblad, linzenkroketten, oesterzwamtempura, een feta-omelet.

We kiezen voor vegetarisch. Het weekmenu, een soep naar keuze, gevolgd door een 'wisselende schotel geserveerd met een graan, verse daggroenten en een salade' en een dessert kost veertig gulden en bestaat vandaag uit een pasteitje met champignon-ragout en bananenmoes met kwark, honing, kaneel en slagroom.

Lekker?

Lekker. De borden zijn tot de rand gevuld met gezonde zaken: verschillende soorten groenten, wat rijst en de beloofde champignon-ragout met een plak bladerdeeg. Om de boel toch een beetje feestelijk te maken is op elk bord een finishing touch aangebracht in de vorm van een toefje peterselie en een schijfje sinaasappel: een sympathiek, maar overbodig gebaar.

In het laatste nummer van Smaakmakend, een uitgave van Platform Biologica dat bij de natuurvoedingszaken te koop is, zegt chefkok Leo Verdel van Lembas dat het zijn streven is om van basale ingrediënten een gerecht te maken dat mensen verrast. Dat lijkt niet helemaal te lukken: op de oesterzwamtempura na staat er geen gerecht op het menu dat in een willekeurige thuiskeuken niet zelf, al dan niet biologisch, in elkaar kan worden gefabriekt.

Het voedsel dat Lembas serveert, is eerder degelijk dan spannend. Je krijgt wat er staat en het is allemaal goed klaargemaakt: niks meer en niks minder. Erbij één van de twaalf niet te dure biologische wijnen - gemiddeld ¿ 27,50 - of een glas appel-sleebessen-, mango- of abrikozensap en je gaat naar huis in de prettige veronderstelling dat je gezond hebt gegeten.

O ja: Lembas is kindvriendelijk. Een kindermenu bevat, naast groente en een kroketje of kaasomelet, weliswaar ook hier friet met mayonaise; maar het is echte friet en de mayonaise is zelfgemaakt. Bovendien beschikt het restaurant over een mand met speelgoed die net voldoende puzzels en potloden bevat om ouders de twee uur die een bezoek in beslag neemt, in betrekkelijke rust te laten uitzitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden