UvA-econoom Wiemer Salverda: 'Vermogensongelijkheid groeit'

Het debat over de kloof tussen arm en rijk is nog altijd niet verstomd. Volgens UvA-econoom Wiemer Salverda zijn de vermogensverschillen nog nooit zo groot geweest.

Wieger Salverda: Als je naar de vermogens kijkt, worden de verschillen steeds groter.Beeld geenwoordenmaarbanen.nl

De Franse stereconoom Thomas Piketty is aan de top van de bestsellerlijsten al lang afgelost door journalist Joris Luyendijk, maar het debat over de vraag of de rijken steeds rijker worden gaat gewoon door. Volgens de Amsterdamse econoom Wiemer Salverda is de vermogensongelijkheid in Nederland de laatste jaren sterk gestegen en heeft de kloof tussen arm en rijk op dit punt inmiddels een recordniveau bereikt. 'De rijken doen het echt veel beter.'

Wiemer Salverda schrijft dit in een artikel op Me Judice. Het stuk vormt een reactie op de recente bijdrage op het discussieplatform voor economen van Koen Caminada en zijn collega's. Daarin stelde de Leidse hoogleraar dat - in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht - de rijken de afgelopen jaren niet rijker zijn geworden.

Caminada had het over de inkomensongelijkheid, die aan de top stabiel zou zijn. Maar volgens Salverda verdient de conclusie dat de rijken niet rijker zijn geworden 'een belangrijke nuancering'. Als je naar de vermogens kijkt, zijn bij de onderste 90 procent de schulden gestegen en is de eigen woning veel minder waard geworden, stelt de UvA-hoogleraar. De bovenste 10 procent zag zijn schulden stabiliseren, maar bezit naast het eigen huis nu meer vermogen dan ooit.

De inkomensongelijkheid is in Nederland volgens diverse onderzoeken relatief klein en stabiel. Bij de vermogens is het gat tussen arm en rijk veel groter, en bovendien groeiende. Volgens Salverda heeft eentiende van de huishoudens nu tweederde van het vermogen in handen. Dat is 10 procentpunt meer dan in 2009.

'De conclusie kan niet anders zijn dan dat de vermogensongelijkheid een ongekend niveau heeft bereikt', schrijft Salverda op Me Judice. De hoogleraar heeft de pensioenberg van meer dan duizend miljard euro niet meegerekend, omdat het vermogen is dat mensen zelf niet kunnen opnemen, noch nalaten aan erfgenamen. Volgens critici moeten echter die honderden miljarden voor de oude dag wel degelijk meetellen en is dan de vermogensongelijkheid in Nederland een stuk kleiner.

Ook de rijksten leden onder de kredietcrisis, maar de andere inkomensgroepen nog veel meer. De bovenste 10 procent leverde sinds topjaar 2008 36 miljard euro aan vermogen in en bezit nu 701 miljard. De rest had in 2013 nog 359 miljard euro over. Dat is 204 miljard euro minder dan in het topjaar. Het verschil zit met name in de gedaalde huizenprijzen - de eigen woning is het belangrijkste bezit van de 90 procent, als ze tenminste een koophuis hebben.

De bovenste 10 procent heeft vooral ook vermogen van heel andere aard, zoals (in waarde stijgende) aandelen. 'De vermogensongelijkheid is groter dan ooit en is er weinig reden om te verwachten dat dit snel zal veranderen', schrijft Salverda, onder meer verwijzend naar de honderden miljarden die de ECB in de markten pompt, waardoor allerlei beleggingen gaan stijgen. 'Integendeel.'

Koen Caminada: Rijken zijn niet rijker geworden, de inkomens­verschillen zijn al jaren stabielBeeld geenwoordenmaarbanen.nl
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden