Union wil met weer een nieuwe eigenaar behalve produceren ook iets gaan verdienen 'We hoeven nu minder fietsen te verkopen'

Union heeft weer een andere eigenaar, de zoveelste in korte tijd. Al die onrust heeft het bedrijf geen goed gedaan....

Van onze verslaggever

Hans Faber

NIEUWLEUSEN

De showroom voor de Union-fabriek in het Overijsselse dorp Nieuwleusen heeft veel weg van een keurige fietsenwinkel. Op verhogingen staan tientallen exemplaren, compleet met prijskaartjes. Degelijke Hollandse fietsen zijn het, maar wat opvalt is dat de klant slechts kan kiezen uit groene, zwarte, grijze en bruine fietsen. Zelfs de mountain bikes die het assortiment kent - het zijn er twee - zijn metallic grijs gespoten. Wie een snel en felgekleurd model zoekt, heeft weinig in Nieuwleusen te zoeken.

Bij Union hadden ze de laatste jaren wel andere zaken aan hun hoofd dan fietsen maken. De veelgeplaagde fietsenfabrikant is het afgelopen decennium zo vaak van eigenaar verwisseld, dat ze zelfs in de fietsenbranche het spoor bijster zullen zijn. Het is hen niet kwalijk te nemen: het leek de laatste jaren wel of er vaker aandelen Union werden verkocht dan fietsen.

Het Union-dossier is dik, en staat vol met verhalen over misère, directiewisselingen, reorganisaties, dumpingpraktijken, mislukte fusies, surséance van betaling, managers zonder visie en een verziekte sfeer op de werkvloer.

Begin jaren negentig ging de crisis even liggen, toen een grondige sanering onder leiding van crisismanager Berry van den Brink vruchten afwierp. Het bedrijf, toen nog beursgenoteerd, was grotendeels eigendom van de Groupe Courtier.

Courtier maakte van Union een 'beheersmaatschappij met daaronder een aantal zelfstandige profit centers'. Gekocht werden bijvoorbeeld het technisch metaalbedrijf Feenstra en het textielbedrijf Lonneker Textiles. Dat fietsen niets te maken hebben met bedrijfskleding maakte niets uit: het was in die tijd nog niet in de mode activiteiten te beperken tot de kern van de onderneming.

Toen Courtier tot verkoop besloot beleefde de fietsenfabriek een krankzinnig jaar. Van den Brink bracht Union begin 1995 via een zogeheten reverse take-over onder in Stokvis, een industrieel bedrijf dat hij had verkocht aan het Haagse handelshuis Borsumij Wehry. Nog datzelfde jaar raakte Borsumij in de problemen, zodat vervolgens alle activiteiten werden overgenomen door Hagemeyer. Die haalde de fietsenfabriek van de beurs en bracht het onder bij zijn dochterbedrijf A.R.M.

Veel rust wordt Union ook dit jaar niet gegund. Opnieuw heeft het bedrijf een andere eigenaar: Winning Wheels Holding, eveneens gevestigd in Nieuwleusen. Ook wie Union heeft gevolgd, zal van die naam raar opkijken. Kondigde het handelshuis Hagemeyer in februari niet aan Union verkocht te hebben aan Bimaco, wat stond voor Bicycle Marketing Company, een houdstermaatschappij waarvan de ware indentiteit pas later zou worden bekend gemaakt?

'Klopt', zegt Huub Snellen, directeur van Union. 'Winning Wheels is Bimaco, alleen is ons gebleken dat er al een Bimaco bestond. Die naam hebben we dus moeten veranderen.' Grootste aandeelhouder is Rob van der Linden uit Putten. Hij is onder andere eigenaar van Koch Kleeberg uit Almere, agent van de Duitse rijwielonderdelenfabrikant Fichtel und Sachs en importeur van ziekenhuisapparatuur. Snellen participeert voor 10 procent.

Met een derde investeerder - een groepje particulieren - moet deze week een overeenkomst worden getekend. Snellen dacht in februari al 'binnen een paar weken' de hele overname te kunnen afronden, maar het zoeken van de derde partij die voor de solide basis moet zorgen duurde langer dan verwacht.

Onder de vleugels van de nieuwe eigenaren moet Union zich weer kunnen terugknokken op de Nederlandse fietsenmarkt, verwacht Snellen. Het bedrijf beschikt volgens hem nu over een eigen vermogen van zo'n twaalf miljoen gulden op een balanstotaal van dertig miljoen, genoeg om het even uit te zingen als het onverhoopt weer mis mocht gaan.

Hagemeyer deed het verlieslijdende Union voor een habbekrats van de hand. 'Ze hebben zeer positief meegedacht', bevestigt Snellen. Bedragen wil hij niet noemen, maar meer dan een miljoen zal Winning Wheels niet betaald hebben voor het bedrijf dat 170 medewerkers telt en vorig jaar goed was voor een omzet van 55 miljoen. Alleen de compensabele verliezen die er de afgelopen jaren waren verzameld - in het geval van Union toch een miljoenenbedrag - hield het Naardense handelshuis zelf.

Snellen neemt het Hagemeyer niet kwalijk. 'We hebben de afgelopen twee jaar alle lijken kunnen bergen die uit de kast kwamen vallen. Over al die kosten heeft Hagemeyer niet moeilijk gedaan. Dat noem ik zeer schappelijk.' Door al die maatregelen kon Union opnieuw op poten worden gezet, zodat eindelijk weer aan rendement kan worden gedacht.

Dat was in november 1995, toen Snellen aantrad, wel anders. Toenmalig eigenaar Van den Brink plukte hem weg bij Dawes Cycles in Birmingham. Daarvoor werkte hij jaren voor Batavus. Snellen heeft zich, zo wil hij nu wel toegeven, verkeken op de deplorabele staat waarin Union verkeerde. 'Ik schrok van wat ik hier aantrof. Toen ik kwam, het was bijna Kerstmis, had de directie dertig kransen te weinig besteld. Ze wisten simpelweg niet hoeveel medewerkers ze hadden', vertelt Snellen.

Het toenmalige management had volgens hem geen flauw benul hoe Union er voor stond. 'Er was geen goed management informatiesysteem. Ze wisten niet of er winst of verlies werd geleden, er werd alleen maar gefocust op productie. Pas maanden nadat het jaar was afgesloten, dat kon rustig in mei zijn, werd duidelijk wat nu eigenlijk het resultaat was.'

Dat was steevast een verlies. In 1995 was er een negatief bedrijfsresultaat van 1,5 miljoen gulden, aangezien het verkochte aantal fietsen 10 procent onder het voorspelde breakeven-point van 130 duizend bleef. Bovenop dat verlies kwam nog een miljoenenbedrag aan reorganisatievoorzieningen. Ook vorig jaar kwam Union niet uit de rode cijfers, in tegenspraak met de voorspellingen. Niet alleen moest er wederom een flink bedrag worden uitgetrokken voor saneringen, het bedrijfsresultaat was ook negatief.

Snellen wijt dat aan deels aan de moeizame invoering van een nieuw automatiseringssysteem. Maar de kern van het probleem was dat Union in een negatieve spiraal verkeerde waar het maar niet uit kon komen. 'Toen ik kwam heerste er een lamgeslagen sfeer onder het personeel. De mensen waren onzeker, namen een afwachtende houding aan. Geen wonder ook, er ging geen jaar voorbij zonder dat er een reorganisatie plaatsvond of een nieuwe eigenaar aantrad.'

Snellen betwijfelt het nut van al die reorganisaties. 'Er werd alleen maar gesneden in het personeelsbestand. Je kunt wel zeggen: van de twintig man moeten er twee weg, dan heb ik 10 procent verdiend. Maar als je output tegelijk met 10 procent afneemt, heb je helemaal niets verdiend. Je moet proberen de productiviteit te verbeteren.'

Dat is precies waar Union maar niet in slaagde. 'Het bedrijf is bijna kapot gesaneerd. Als de receptioniste/telefoniste vrij was werd ze niet vervangen, zodat een verkoper steeds de telefoon moest opnemen. Die man vond dat natuurlijk minderwaardig werk, werd bovendien voortdurend van zijn eigenlijke werk gehouden en raakte daardoor gedemotiveerd. Er was nergens geld voor. Marktonderzoeken mochten niet aangekocht worden, zeshonderd gulden was al snel te veel.'

Het resultaat was dat Union geen idee had wat de markt verlangde. Terwijl concurrenten met all terrain bikes, personal bikes en andere hippe fietsen kwamen bleef Union bij zijn oerdegelijke modellen. Die werden ook nog eens goedkoper geleverd. Snellen: 'Union koos voor het volume. Het liet zich in de positie van underdog manoevreren en vergat rendement na te streven. Vergelijkbare fietsen van Batavus werden in de winkel honderd gulden duurder verkocht. Op die laatste honderd gulden zit nou net je winst.'

Pas onder de hoede van Hagemeyers A.R.M. konden er fundamenten onder Union worden gelegd. 'Het afgelopen jaar hebben we eindelijk weer mensen kunnen aannemen', vertelt Snellen. Het gehele management is vernieuwd met mensen die niet uit de fietsenbranche komen. Zij moeten zorgen voor de noodzakelijke 'frisse wind'.

'Misstanden' uit het verleden werden geruimd. 'Werknemers die niet functioneerden konden jarenlang blijven zitten. Bij een bedrijf van deze omvang heb je tien kanjers nodig, tien aanjagers. Dan loopt het. Heb je in plaats daarvan vijf verstorende elementen, dan gaat het mis.'

Het gedonderjaag, om met Snellen te spreken, is nu afgelopen. Uit de resultaten die tot nu toe zijn behaald, blijkt volgens Snellen dat het weer de goede kant op gaat met Union. 'We hoeven tegenwoordig minder fietsen te verkopen, omdat onze prijzen zijn verhoogd. Ons break-evenpoint ligt nu bij 100- in plaats van 130 duizend fietsen.' In de eerste maanden van dit jaar werd er geld verdiend, bezweert Snellen. 'Ik verwacht dat ons bedrijfsresultaat dit jaar vier tot vijf miljoen hoger zal uitpakken dan over 1996.'

Volgend jaar lanceert Union zelfs een complete nieuwe collectie, de eerste die onder leiding van het huidige management is gemaakt. 'Stevige fietsen met een moderne uitstraling worden dat. Er komen andere kleuren, nieuwe frames. Union zal laten zien dat het ook trendy kan zijn', zegt Snellen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden