Achtergrond Emissierechten

Uitstoten van CO2 wordt nu een dure grap, en dat is goed voor het klimaat én de schatkist

Het kostte jarenlang bijna niets om broeikasgassen uit te stoten, maar nu begint het systeem van emissierechten eindelijk echt te werken. Wordt het uitstoten van CO2 straks zo duur dat bedrijven overstappen op duurzamere energiebronnen?

Foto Hollandse Hoogte / Berlinda van Dam

 Het Europese Emissie Handelssysteem ETS heeft veel weg van de kernfusiereactor: een geweldig idee, maar werken doet hij niet. Het systeem werd in 2005 in Europa opgezet om een klassiek economisch probleem op te lossen. Bedrijven konden broeikasgassen de lucht in blazen zo veel ze maar wilden, en het kostte ze geen cent. Terwijl steeds duidelijker werd dat door die uitstoot het klimaat was gaan opwarmen.

De oplossing was er één uit het klassieke economieboekje: zorg ervoor dat die uitstoot ze wel geld gaat kosten. En zo geschiedde. Sinds 2005 moeten bedrijven voor elke ton uit te stoten broeikasgas een emissierecht aanschaffen. Wie meer gaat uitstoten, moet emissierechten bijkopen, en als iedereen dat doet schiet de prijs ervan omhoog. Dan wordt het interessant om eens na te denken over het verminderen van de uitstoot. Die rechten zijn vrij verhandelbaar op een beurs, en dat is cruciaal.

Salpeterzuurfabriek

En het werkte. Er waren genoeg voorbeelden van. In 2007 bouwde DSM een nieuwe installatie voor zijn salpeterzuurfabriek, waardoor de uitstoot van CO2 met 20 procent afnam. De investering van tientallen miljoenen euro’s werd in een paar jaar terugverdiend doordat het bedrijf minder emissierechten nodig had, en het overschot kon verkopen.

Maar om te werken, moet zo’n emissierecht niet te goedkoop worden. In de eerste jaren van het systeem lukte dat nog vrij aardig. In het jaar dat DSM zijn salpeterproductie klimaatvriendelijker maakte, lag de prijs van een emissierecht rond 20 euro. Een jaar later steeg die prijs zelfs naar 30 euro, maar dat was maar voor heel even: begin 2009 was de prijs gedaald tot een tientje.

Die prijsval van 2009 had twee belangrijke oorzaken. Met het faillissement van de bank Lehman Brothers in 2008 begon de financiële crisis die jaren aanhield. De productie liep terug, fabrieken draaiden op halve kracht of gingen failliet, investeringen werden uitgesteld. Talloze bedrijven hadden plotseling veel meer emissierechten in hun kluizen liggen dan ze nodig hadden, en verkochten die overschotten op de markt. De prijs zonk tot nagenoeg niets. In 2013 kostte een emissierecht nog maar 3,80 euro, een prijs die industriële bedrijven nauwelijks nog merken.

De andere oorzaak van die prijsdaling zat in het systeem zelf. Kort gezegd: er werden veel te veel emissierechten op de markt gebracht. Niet ieder bedrijf heeft emissierechten nodig. Alleen de grootste CO2-uitstoters moesten aan de bak, in Nederland 431. Maar alle bedrijven kregen de emissierechten die ze nodig hadden helemaal gratis. sterker nog: er werden meer emissierechten uitgedeeld dan er nodig waren. In Nederland ging het in 2012 zelfs om 15 procent meer.

Concurrentie

De industrie had effectief gelobbyd. Bedrijven hadden geklaagd dat zij strak zouden worden geconfronteerd met kosten voor CO2-uitstoot, terwijl hun concurrenten in Amerika en Azië lekker gratis konden uitstoten. Ze dreigden met het doembeeld van een verhuizing uit Europa. De Europese Commissie besloot daarop alle bedrijven gratis te voorzien van emissierechten, behalve die ene sector die van concurrentie van buiten Europa geen last heeft: de energiecentrales. Zodat het merkwaardige systeem ontstond dat industriële bedrijven geld verdienden aan de verkoop van emissierechten aan energiecentrales. Pas in 2012 werd dit enigszins rechtgetrokken. Sindsdien krijgen industriële bedrijven ‘nog maar’ de helft van hun behoefte aan emissierechten gratis.

Het hielp niks. De prijs liep nauwelijks op. Bedrijven hadden genoeg emissierechten op de plank liggen om maanden, in een enkel geval jaren CO2  uit te stoten. Het aanbod was te groot, de vraag heel klein. Het ETS, dat geweldige en bejubelde concept, was irrelevant geworden.

Veel mensen hadden het systeem al opgegeven. Om te kunnen werken, betoogden velen, was een prijs van 30 euro wel het minimum, en dat punt leek onbereikbaar. Totdat de Europese Unie een jaar geleden besloot het systeem drastisch te hervormen. De enorme voorraad ongebruikte emissierechten wordt fors afgeroomd: vanaf komend jaar wordt van de voorraad ongebruikte oude emissierechten elk jaar 24 procent uit de markt gehaald. En daarbovenop wordt elk jaar het aantal uit te geven emissierechten verminderd, vanaf 2021 met jaarlijks 2,2 procent.

Emissierechtenbeurs EEX

De milieubeweging meesmuilde nog hartgrondig over die maatregelen: die zouden lang niet ver genoeg gaan. Maar op de emissierechtenbeurs EEX in Leipzig, waar de Europese Commissie elke week drie veilingen van emissierechten houdt (de opbrengst gaat naar de lidstaten), gebeurde iets opmerkelijks: de prijzen begonnen langzaam te stijgen, en vanaf begin dit jaar steeds sneller.

Volgens duurzaamheidsconsultant Jos Cozijnsen komen nu twee dingen samen. ‘De economie groeit nu echt overal, dus is er vraag naar emissierechten. En bedrijven verwachten sinds die maatregel van de Europese Unie dat er echt een schaarste komt aan emissierechten. Nu nog niet, maar wel vanaf 2020. Daarom begonnen ze langzaam wat emissierechten bij te kopen, alvast voor later.’

Cozijnsen verwacht dat de prijs nog verder zal stijgen, zij het niet zo snel als de afgelopen maanden. Carbon Tracker, een organisatie die de uitstoot van broeikasgassen bestudeert, verwacht dat er de komende jaren een tekort van 1,4 miljard ton zal ontstaan aan emissierechten. ‘En om de markt in evenwicht te brengen, zullen energiecentrales hun uitstoot moeten verlagen door over te stappen van steenkool op gas.’ Carbon Tracker verwacht wel dat daardoor de prijs van elektriciteit zal gaan stijgen.

Geweldig

Voor het kabinet zou deze ontwikkeling een geweldige oplossing zijn. Niet alleen omdat nu plotseling het geld binnenstroomt. De emissierechten brachten de staat vorig jaar 190 miljoen euro op, in de eerste helft van dit jaar was het al 200,4 miljoen. Zelfs als de prijs van emissierechten niet verder stijgt, zal de opbrengst voor het hele jaar uitkomen rond de 490 miljoen, een kwart miljard meer dan begroot.

Het kabinet had zich in zijn regeerakkoord voorgenomen om desnoods in eigen land een reële prijs voor CO2-emissies af te dwingen, althans voor de stroomproductie. Die prijs zou in 2030 moeten oplopen tot 43 euro per ton. Als de prijs van Europese emissierechten blijft stijgen, hoeft het kabinet helemaal niet in te grijpen.

Energiecentrales

Maar de echte vraag is natuurlijk of de stijging van de emissieprijzen ook effecten heeft voor de uitstoot van CO2, want daar was het allemaal om begonnen. Dat moment lijkt nabij, zeker voor de energiecentrales. Een kolencentrale stoot bij eenzelfde stroomproductie dubbel zo veel CO2 uit als een gascentrale, en zal dus veel meer last hebben van de prijsstijging van emissierechten.

Energiebedrijf RWE, dat in Nederland werkt onder de naam Essent en dat hier enkele kolen- en gascentrales exploiteert, zegt voorlopig nog geen beslissingen te zullen nemen. ‘Voor zulke beslissingen kijken we naar een langere termijn’, zegt een woordvoerder. Wanneer een beslissing kan volgen, kan hij niet zeggen.

RWE exploiteert onder meer de nog maar drie jaar oude kolencentrale aan de Eemshaven, de grootste centrale van Nederland. De Amercentrale, ook van RWE, wordt op dit moment langzaam overgeschakeld van kolen op biomassa. Als dat voltooid is, heeft deze centrale geen emissierechten meer nodig, want de CO2 uit biomassa wordt niet meegerekend. Maar RWE heeft ook nog gascentrales. Een grote, die in Maasbracht, staat al geruime tijd stil omdat stroom uit kolen op dit moment goedkoper is dan stroom uit gas. Gaat die centrale weer aan? De woorvoerder: ‘Dat zijn we niet van plan.’

Concurrentiepositie

Duurzaamheidsconsultant Jos Cozijnsen rekent uit het blote hoofd voor dat de duurdere emissierechten voor een modale gascentrale nu al een extra kostenpost opleveren van 15 miljoen euro per jaar. Voor een even grote kolencentrale bedragen de extra kosten zelfs 30 miljoen. ‘Dus wordt de concurrentiepositie van kolencentrales zwakker.’

Het moment dat het voor energiebedrijven interessant wordt om een andere brandstof te kiezen, komt daarmee dichterbij. De prijs waarbij die knoop wordt doorgehakt, heet de fuel switch price. Waar die prijs exact ligt, is niet bekend, maar Sander de Bruyn van onderzoeksbureau CE Delft heeft wel een idee. ‘We hebben onderzoek gedaan in het Verenigd Koninkrijk, en daar konden we vaststellen dat bij een emissieprijs van boven de 20 euro energiebedrijven overstapten van kolen op andere brandstof, met name gas.’ De energietransitie kan dus bijna beginnen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.