Toetreder busmarkt plots tegen marktwerking

Het Engelse busbedrijf Arriva, de grote voorvechter van concurrentie in het openbaar vervoer, wil dat het kabinet voorlopig stopt met de invoering van marktwerking....

De stap van Arriva is opmerkelijk. Het busbedrijf heeft zijn bestaan in Nederland te danken aan de kabinetsplannen voor meer concurrentie bij de bussen. Door dit voornemen moest streekbusbedrijf VSN, dat sinds kort Connexxion heet, inkrimpen. VSN, eigendom van de overheid, had in het streekvervoer een marktaandeel van 90 procent. VSN moest van het kabinet kleiner worden om ruimte te geven aan concurrenten.

Daarom verkocht VSN vorig jaar voor 150 miljoen gulden het Friese busbedrijf Veonn en het Groningse Gado aan Arriva. Daarmee was in een klap een groot gedeelte van het busvervoer geprivatiseerd, en kreeg Arriva een vaste plaats op de Nederlandse busmarkt. Arriva had in Limburg ook al een zogeheten concessiegebied gekregen.

Arriva wil nu echter pas op de plaats maken. Het bedrijf vindt dat de provincies, die straks onder meer de subsidies voor het openbaar vervoer verdelen, nog niet berekend zijn op hun nieuwe taken. Ook is de verdeling van kaartopbrengsten niet goed geregeld. Ervaringen met de invoering van marktwerking in het Noorden en Zuiden van het land hebben het Engelse busbedrijf geleerd dat passagiers niet profiteren van de concurrentie, omdat provincies de rijkssubsidie afromen. Sinds kort verdelen sommige provincies de subsidiegelden. Daarvoor werd dit door het rijk gedaan.

'Marktwerking zou in het voordeel van de passagiers moeten uitwerken', schrijft het Engelse busbedrijf. 'Maar provincies willen hetzelfde vervoer voor minder geld. Zo werkt concurrentie dus niet in het voordeel van de passagiers.'

In het Noorden heeft Arriva te maken met drie provincies. 'Die zijn al geruime tijd aan het experimenteren met aanbestedingen en kennen het klappen van de zweep al aardig. Het is opvallend dat juist zij terughoudend aan het worden zijn. Ze realiseren zich dat er nog veel niet is geregeld', zegt directeur Ontwikkeling van Arriva Frits Overbeek.

Volgens hem zijn veel andere provincies nog niet eens op de hoogte van de problemen die zich voordoen bij aanbesteding. 'Provincies ondervinden vooral problemen met de toewijzing van de subsidies', zegt Overbeek.

Het busvervoer wordt voor ongeveer 65 procent gesubsidieerd. Vervoerders ontvangen het geld op basis van een ingewikkeld verrekeningssysteem. Volgens Overbeek zitten daar zoveel hiaten in dat het verschil in subsidie jaarlijks miljoenen guldens kan bedragen. Door fouten in het het huidige systeem ontvangt het bedrijf in Limburg volgend jaar enkele tonnen minder subsidie, terwijl het 30 procent meer reizigers heeft vervoerd.

Arriva stelt voor de marktwerking uit te stellen tot de chipkaart is ingevoerd. 'Pas dan weet je precies hoeveel reizigers er op de diverse buslijnen reizen', zegt Overbeek. Het plan is de chipkaart rond het jaar 2002 in te voeren. Of dat lukt, is nog allerminst zeker.

Tot die tijd wil Ariva dat de lokale overheden de busbedrijven een prestatiecontract opleggen. 'Zo kan de efficiëntie en de kwaliteit van het openbaar vervoer worden verbeterd', aldus Overbeek. 'Bovendien kunnen partijen dan wennen aan zakelijke verhoudingen.'

De wet personenvervoer, die de concurrentie in het openbaar vervoer moet regelen, ligt nu bij de Tweede Kamer en zal waarschijnlijk na de zomer worden behandeld. In de wet formuleert het - demissionaire - kabinet het voornemen snel met de concurrentie in het openbaar vervoer te beginnen. Voor het jaar 2003 moet 30 procent van het busvervoer op de markt zijn gegooid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden