Interview Mel Kroon

Tijdens de Elfstedentocht van 2032 kan stroom heel duur worden

Toen topman Mel Kroon begon bij Tennet ging het om gas, kolen en kerncentrales, straks draait de stroomproductie om wind en zon. Met wellicht variabele prijzen, want een langdurig koude winter wordt een probleem.

De gasgestookte Essent Clauscentrale in Maasbracht levert aan het Tennet-netwerk. Foto Peter Hilz

Zestien jaar lang leidde Mel Kroon (60) Tennet, de beheerder van het landelijk hoogspanningsnet . ‘Toen ik hier binnenkwam kreeg ik pasje nummer 270, en die pasjes worden op volgorde van binnenkomst genummerd. Nu werken er 4 duizend mensen.’ Het balanstotaal steeg van 1 miljard naar 21 miljard euro.

Toen hij begon, voorzag men vooral een toekomst met gas-, kolen- en kerncentrales. Hoe anders oogt die toekomst nu. In 2030, zo staat in het recentelijk gesloten Klimaatakkoord, zal minstens 70 procent van de stroom duurzaam opgewekt moeten worden: met zonnepanelen, windmolens en het verstoken van biomassa. Op dit moment is dat nog maar 12 procent. Nu nog is stroomproductie grotendeels een kwestie van centrales aan of uitzetten; straks bepalen zon en wind de stroomproductie.

Mel Kroon. Foto ANP

Mel Kroon
Geboren 21 juni 1957 in Rhodesië (het latere Zimbabwe)
1982: Afgestudeerd lucht- en ruimtevaarttechniek, Delft
1984-1996: Directeur bij Fokker Aircraft
1996-1997: Directeur bij Holec
1999-2002: hoofddirectie SNS Reaal
2002-2018: bestuursvoorzitter Tennet

Dat betekent een enorme verandering voor het Nederlandse stroomnet. Kroon: ‘Met de plannen zoals die er nu liggen voor 2030 kunnen we dat wel aan.’ Al moet er veel gebeuren: meer en grotere verbindingen met het buitenland zodat de stroom makkelijker kan stromen van winderige en zonnige gebieden in Europa naar de donkere en windstille.

Maar het kan. ‘We moeten ons gelukkig prijzen met zo’n Noordzee voor de kust. Over tien jaar of iets meer produceren we daar meer stroom dan we in Nederland kunnen gebruiken. Dan is de vraag: kunnen we het gebruik van elektriciteit stimuleren? Dat klinkt raar in een periode van energiebesparing, maar de industrie kan heel veel minder CO2 uitstoten door zijn processen te elektrificeren.’ De industrie, vooral de zware, zit vooral aan de kust. Als die meer Noordzeestroom gebruikt, hoeft die stroom niet met dure kabels diep het land in te worden gebracht.

Een stroomoverschot kan op die manier worden opgelost. Maar wat te doen aan de tekorten in tijden van windstilte? In de eerste plaats, doceert Kroon, moeten stroomnetten zo veel mogelijk aan elkaar worden gekoppeld. ‘We leggen nu een kabel aan van de Eemshaven naar Denemarken. Waait het hier niet, dan waait het daar wel en omgekeerd.’ Volgend jaar is die kabel klaar.

Moeilijker wordt het na 2030, wanneer zeker de helft van de stroom weersafhankelijk is. Het grote probleem wordt dan het Elfstedenscenario, of zoals de Duitsers het noemen de Dunkelflaute: wekenlang ijzige kou waardoor de elektrische warmtepompen volop draaien om woningen warm te houden, maar nauwelijks wind en zon om stroom te produceren. Ook dan moet Tennet zijn leveringszekerheid van nagenoeg 100 procent waar kunnen maken. 

Om die situatie het hoofd te kunnen bieden, zegt Kroon, moet de prijs van stroom variabel worden. Tijdens de Elfstedentocht van 2032 kan stroom dus heel duur worden. Een aantal industrieën zal, om geld uit te sparen, zijn verbruik verminderen of zelfs productieprocessen stilleggen. Kroon noemt het woord ijsvrij niet, maar dat lijkt een mogelijkheid.

In het ergste geval zullen toch weer centrales de problemen moeten oplossen. Maar dan bijvoorbeeld centrales die draaien op waterstof in plaats van aardgas. ‘We zullen centrales moeten hebben die we alleen inzetten op zulke momenten.’ Elektriciteitsbedrijven lobbyen al jaren om subsidie te krijgen voor het instandhouden van gewone, ‘fossiele’ energiecentrales, maar daar is Kroon fel tegen. ‘Als je ook subsidie betaalt voor centrales die gaan draaien zodra de prijs van stroom stijgt, dan bederf je de markt voor duurzame stroom en innovatie.’

Wat doet TenneT?
Tennet, opgericht in 1998, beheert het landelijk hoogspanningsnet in Nederland. Het staatsbedrijf, met hoofdkantoor in Arnhem, nam in 2009 het Duitse netwerk over van Eon, en haalt sindsdien ruim de helft van zijn omzet uit Duitsland. 

Hij ziet de oplossing in ‘strategische netwerkelementen’, Duitsland is daarmee begonnen. Dat zijn centrales die alleen stroom mogen leveren als een black-out op het stroomnet dreigt. Centrales dus die vijftig weken per jaar stilstaan, of misschien nog langer. Wordt dit een nieuwe taak voor Tennet? ‘Tennet mag geen stroom produceren. De overheid moet er een partij voor aanwijzen. Wie die taak krijgt, is niet zo belangrijk.’

Die reservecentrales zouden op den duur op waterstof kunnen draaien, die dan op zee gemaakt kan worden. Moet worden. Want rekent hij voor: ‘In de toekomst staat er zoveel windcapaciteit op zee, dat je het heel vaak niet op krijgt. Dat overschot kun je gebruiken om op grote schaal waterstof te maken.’ Dat is makkelijk op te slaan en goedkoper te transporteren dan stroom via kabels.

Het landelijke hoogspanningsnet redt het wel. Groter en acuter is het probleem bij de regionale netten, zegt Kroon. Die moeten maar zien al die windstroom en vooral zonnestroom te verwerken via hun netten. ‘Tennet kan de noodzakelijke uitbreidingen netjes plannen. Maar als er in een regio iemand bedenkt om een zonnepark te bouwen, kan dat er binnen een jaar staan. Daar kun je als regionale netbeheerder nooit op tijd maatregelen voor treffen. Het zou beter zijn als die netbeheerders de mogelijkheid kregen om gebieden aan te wijzen voor zonneparken, zodat ze daar hun investeringen op kunnen afstemmen. Maar dat vergt wel een wetswijziging.’

Terwijl Europa zich opmaakt voor een toekomst met CO2-vrije stroom, worden steeds meer kerncentrales gesloten. In Duitsland gingen in 2011 zes kerncentrales vrijwel gelijktijdig dicht. In 2022 sluiten ook de laatste. Tennet, dat in het oosten van Duitsland een netwerkbedrijf beheert dat reikt van Noordzee tot Zwitserland, heeft daar veel mee te maken. Duitsland wordt steeds afhankelijker van windstroom uit het noorden en van de Noordzee. De sluiting van de kerncentrales versterkt dat. Maar de grote verbruikers zijn industrieën in het zuiden.

Om vraag en aanbod samen te brengen, gaat Tennet een peperdure ondergrondse stroomverbinding aanleggen, Suedlink, die echter pas in 2025 klaar is. Tot die tijd, erkent Kroon, is het behelpen op het Duitse net. Als het stevig waait in het noorden, moet Tennet soms windparken afschakelen. Tennet moet voor die stilstand betalen; nu al kost dat het bedrijf een miljard per jaar, een bedrag dat wordt doorberekend aan de Duitse klanten. Als de laatste kerncentrales dicht zijn en er nog meer molens op zee draaien, wordt dat zelfs 4 miljard. Daar sta je dan met je duurzame stroomopwekking. Het is een tijdelijk probleem, verzekert Kroon. ‘Zodra Suedlink er ligt, is dat verleden tijd.’

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.