Subsidie op brandstof wordt Aziaten te duur

Het zijn benauwde tijden voor Aziatische ministers van Financiën. Om de economische groei te stimuleren, de inflatie te beteugelen en – niet in de laatste plaats – kiezers te plezieren, subsidiëren veel Aziatische regeringen de brandstofprijzen....

Maar de ministers van Financiën van Aziatische groeikampioenen trekken aan de handrem. Met de huidige olieprijzen zijn de brandstofsubsidies domweg niet meer te betalen.

Donderdag maakte China bekend de prijs van diesel met 18 procent te laten stijgen. Benzine wordt 17 procent duurder. Eerder kondigden India, Taiwan, Maleisië, Sri Lanka, Pakistan en Indonesië aan brandstofsubsidies op te schorten of te verminderen.

Aan de pomp zal menig Aziatische klant morren, maar in het Westen wordt het afbouwen van de brandstofsubsidies toegejuicht. ‘Als econoom ben ik hier blij mee’, zegt Peter de Bruin, analist bij Fortis. ‘Olie is een schaars goed, maar door de subsidies merkten consumenten daar weinig van. Voor hen stijgen de prijzen nu, en dus zullen ze minder consumeren. De wetten van vraag en aanbod worden nu van kracht.’

Bovendien bevordert dure olie de zoektocht naar alternatieve brandstoffen. ‘Op de lange termijn ontkomen we daar niet aan. Hoe eerder we beginnen, des te soepeler de overgang zal zijn’, zegt De Bruin.

Een ander nadeel van subsidies is dat ze lusten en lasten oneerlijk verdelen. Alleen een kleine elite kan zich een auto permitteren, en alleen zij profiteert van de subsidies aan de pomp. De lasten worden echter wel hoofdelijk verdeeld via de overheidsbegroting. Hierdoor is er minder geld voor onderwijs en gezondheidszorg.

De prijs van benzine en diesel wordt in hoge mate beïnvloed door het mondiale krachtenspel tussen vraag en aanbod. Zullen wij in Nederland aan de pomp merken dat Chinezen, Indiërs en andere Aziaten minder tanken?

‘Dat gaan we waarschijnlijk merken’, zegt Coby van der Linde, hoogleraar in Groningen en directeur van het Clingendael International Energy Programme. ‘Maar niet zoals velen dat zouden wensen. Op de korte termijn kunnen brandstofprijzen stijgen.’

Dat zit zo. China controleert binnenlandse brandstofprijzen door een prijsplafond in te stellen. Chinese oliebedrijven werden hierdoor gedwongen met verlies te leveren. ‘De verhoging van het prijsplafond geeft Chinese oliebedrijven een aansporing meer olie om te zetten in olieproducten. Ze kunnen immers meer geld verdienen’, zegt oliespecialist Van der Linde.

Bovendien kunnen Chinese oliemaatschappijen nu meer investeren in raffinaderijen en infrastructuur. Hierdoor kunnen ze op de lange termijn de groeiende vraag naar brandstoffen beter aan.

De Aziaten zijn niet de enigen die steeds meer olie gebruiken, zegt Van der Linde. ‘Ook het Midden-Oosten is booming, en daar wordt meer en meer olie gebruikt. Zo goed als alle groei in de vraag naar olie wordt veroorzaakt door China en het Midden-Oosten’.

Op dit moment is er ‘geen enkel signaal dat de olieconsumptie zal afnemen’, aldus Van der Linde. Sterker nog: hoe meer olie China verbruikt, hoe sneller de Arabische economieën zullen groeien. En hoe duurder onze benzine en diesel worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden