Achtergrond Geluidloos Heien

Stil heien is goed voor vis én bouwer

Offshorebedrijf Van Oord gaat windmolens op zee plaatsen met een nieuwe, superstille methode: een omgekeerde reuzenemmer.

Windmolenpark na windmolenpark moet de komende decennia uit de grond worden gestampt in de Noordzee. Beter gezegd: in de grond gestampt, want om windmolens op zee te plaatsen, zijn enorme heipalen nodig ter versteviging. Dat gebeurt, net als bij de huizenbouw in West-Nederland, vaak met harde klappen.

Door het gedreun raken dieren gedesoriënteerd, beschadigt hun gehoor of sterven ze zelfs wanneer ze te dicht bij het heien in de buurt komen, zegt bioloog Hans Slabbekoorn van de Universiteit Leiden.

Bubbelgordijn

Daarom moeten bedrijven het aantal decibels in de Noordzee beperken. Dat doen ze onder meer met bubbelgordijnen, gecreëerd door lucht onder hoge druk uit buizen met gaatjes te persen. Een andere methode is het draperen van grote isolatiemantels om de palen, vertelt Wouter Dirks, onderzoeks- en ontwikkelingsmanager bij het Rotterdamse offshorebedrijf Van Oord.

Dat alles kost vaak honderdduizenden euro’s per molen, wat kan oplopen tot tientallen miljoenen per windpark. Echt stil kun je het heien bovendien nog niet noemen: een veelgebruikte geluidseis is 160 decibel op 750 meter afstand - alsof je naast een geweerschot staat.

Duitse Bocht

Vandaar dat bedrijven als Van Oord investeren in stille heitechnieken. De innovatie gaat snel: aankomende lente plaatst het Nederlandse bedrijf twee windmolens met zo’n stille methode, als laatste proef. Dat gebeurt tijdens de bouw van windpark Deutsche Bucht in het Duitse deel van de Noordzee. Is de proef succesvol, dan is de techniek klaar om de markt betreden.

Het gaat om de zogenaamde ‘mono bucket’, een soort omgekeerde emmer van staal die onder de heipaal zit. Een pomp zuigt water naar buiten, waardoor een vacuüm ontstaat en de emmer zich vastzet. Door aan de rand een beetje water in de bodem te spuiten neemt de frictie af, waarna de paal door zijn eigen gewicht en dat van de waterkolom zo’n achttien meter de grond in zakt. ‘De kok die in de scheepskeuken in de weer is met potten en pannen, is onder water beter te horen dan dit systeem’, aldus Kristian Jacobsen, hoofd bedrijfsontwikkeling bij Universal Foundation, dat de mono bucket ontwikkelde.

Nek uitsteken

De techniek is vijftien jaar in ontwikkeling, maar nog nooit werd zij op deze schaal toegepast. Van Oord moet schepen aanpassen, zich zorgvuldig voorbereiden en de installatie in één keer uitvoeren. En als de molen eenmaal staat, moet hij 25 jaar meegaan.

De offshore-industrie moet haar nek wel uitsteken, meent hij. ‘Er is een race aan de gang tussen energiebronnen: wie wordt de goedkoopste? Momenteel is wind concurrerend met fossiele energie en andere duurzame bronnen. Maar de kosten moeten nog verder omlaag, wil dat zo blijven.’ Technologieën als de mono bucket kunnen hierbij helpen.

Zo ver is het nog niet, benadrukt onderzoeksmanager Dirks. Toeleveranciers moeten uitzoeken hoe productie van de mega-emmers seriematig en zo goedkoop mogelijk kan.

De emmer van Universal Foundation is niet de enige stille manier om windmolens te installeren. Zo voert het Delftse bedrijf Fistuca proeven uit op de Maasvlakte met een variant waarbij aardgasontbrandingen in een afgesloten watertank een watermassa in beweging zetten. Deze massaverplaatsing duwt de paal met elke ontbranding een stukje verder omlaag. Volgens oprichter Jasper Winkes schaalt Fistuca volgende maand op naar een daadwerkelijke heipaal (nog zonder windmolen). Ook hij hoopt zijn stille techniek volgend jaar in de markt te zetten.

Vorig jaar won een duo Delftse studenten de Philips Innovation Award met hun stille heimethodeZij laten de zeebodem met trillingen meewerken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden