Steeds langer doorwerken: waar ligt de grens?

AOW-leeftijd stijgt

Alweer stijgt de AOW-leeftijd, naar 67 jaar en drie maanden vanaf 2022. Daarna gaat het stapsgewijs verder omhoog, gebaseerd op de hogere levensverwachting. Maar is de rek er qua gezondheid niet een keer uit?

10 procent van de werkenden van 55- tot 64 jaar kampt met hart- en vaatziekten. Foto anp

'Ik zeg al jaren: de levensverwachting mag dan wel stijgen, maar de gezonde levensverwachting stijgt minder snel.' Dorly Deeg is hoogleraar epidemiologie van de veroudering en vanuit het VU medisch centrum in Amsterdam betrokken bij een onderzoeksproject naar langer doorwerken en gezondheid. Volgens haar heeft de huidige generatie oudere werknemers meer gezondheidsproblemen dan vroeger, toen mensen eerder overleden aan bijvoorbeeld hartproblemen of kanker. Het gevolg is dat er redelijk wat personen met gezondheidsproblemen op de werkvloer rondlopen.

Zo blijkt uit onderzoek van Deeg en collega's dat ongeveer 10 procent van de werkenden van 55- tot 64 jaar kampt met hart- en vaatziekten. Dat hoeft geen probleem te zijn. 'Door betere medische behandeling valt vaak ook prima door te werken', stelt Deeg. Maar wie met kwaaltjes kampt, werkt niet meer zo snel en energiek als voorheen. En op een gegeven moment is de koek misschien toch op.

Zouden we de pensioenleeftijd daarom niet beter kunnen koppelen aan de gezonde levensverwachting in plaats van de 'gewone' levensverwachting? 'Dat lijkt me het enige juiste idee. Hoewel ik de bezwaren ertegen ook wel snap. Er is immers geen 'hard' criterium: gezondheid kun je op vele manieren meten en de fitheidseisen voor diverse beroepen lopen sterk uiteen.'

Werktempo

Ook hoogleraar beroepsziekten Monique Frings-Dresen van het Academisch Medisch Centrum Amsterdam voelt wel wat voor het idee om uit te gaan van gezonde levensverwachting. Maar waar de pensioenleeftijd ook aan gekoppeld wordt, als die omhoog gaat zal de werkgever de weg naar het pensioen beter moeten begeleiden. 'Als je ouder wordt, is je herstelperiode bij vermoeidheid langer. Daarnaast neemt het aantal chronische ziekten bij ouderen toe. Denk aan werkgerelateerde problemen als rugklachten en burn-out, maar ook ouderdomsziekten als diabetes en reuma. Die hebben enorme impact op wat je nog kunt doen.'

Hoe hoger de pensioenleeftijd, hoe belangrijker het wordt in de jaren voor het pensioen vragen te stellen als: kan iemand zijn werk nog goed aan? Kan hij het werktempo bijbenen? Of is omscholing naar een minder belastende functie beter?

Deeg: 'Er zijn meer maatregelen nodig dan alleen een financiële prikkel om personen langer aan het werk te houden. De werkgever moet oudere werknemers faciliteren, bijvoorbeeld door meer pauze, minder werkuren of andere taken.'

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Werknemers voelen die behoefte zelf ook, blijkt uit een literatuurstudie van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) uit 2012 naar deelname van ouderen aan de arbeidsmarkt. Gevraagd naar omstandigheden waaronder personen te porren zijn voor doorwerken na de pensioenleeftijd van destijds 65 jaar (slechts 14,3 procent wilde dat uit zichzelf al), zijn de meest gegeven antwoorden: minder uren of dagen (51 procent), als stoppen financieel onaantrekkelijker wordt (26,1 procent) en fysiek of psychisch lichter werk (22,3 procent). De financiële en gezondheidsprikkel gaan blijkbaar hand in hand.

Maar voor sommigen is het al lastig überhaupt de eindstreep te halen: in beroepen als stratenmaker, verpleegkundige en onderwijzer zou zo'n 22 procent van de uitval vóór de pensioenleeftijd komen doordat het werk fysiek en psychisch te zwaar wordt.

'Natuurlijk is het van groot belang dat mensen de AOW-leeftijd gezond halen', reageert een woordvoerder van het ministerie van Sociale Zaken. 'Dat is gelukkig ook steeds vaker het geval. En voor personen die arbeidsongeschikt raken vóór hun AOW-leeftijd zijn andere inkomensvoorzieningen.' De koppeling van de AOW met de 'gewone' levens-verwachting is volgens haar 'een belangrijk instrument om de solidariteit tussen jong en oud te handhaven. Elke generatie krijgt op deze manier ongeveer evenlang een AOW-pensioen. Het is de manier om de AOW op de lange termijn financieel houdbaar te houden.'

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Archiefkasten

Toch zal er door verhoging van de pensioenleeftijd nog meer rekening gehouden moeten worden met individuele verschillen tussen oudere werknemers. Alleen al in de aftakeling van het brein kunnen die groot zijn, zegt hoogleraar neuropsychologie Jelle Jolles van de Vrije Universiteit Amsterdam. De ene 65-jarige functioneert cognitief beter dan de andere. 'De kern van de achteruitgang, die iedereen ondergaat, is dat de snelheid waarmee iemand informatie verwerkt, achteruitgaat. Dat begint al vanaf je 30ste. Daar staat wel iets tegenover: de kennis en ervaring die je opdoet. Het brein van een oudere staat eigenlijk vol archiefkasten. Zeker gemiddeld en hoogopgeleiden kunnen daarmee vaak goed compenseren voor de minder snelle informatieverwerking.'

Maar ook bij hen kan het ineens misgaan, door verstoringen in de hersenfunctie. Vaak zijn dat microscopisch kleine herseninfarctjes waar je niets van merkt tot het zich te veel heeft opgestapeld. Jolles: 'Net als bij rimpels geldt voor die verstoringen: hoe ouder je wordt, hoe meer je er krijgt. Hoeveel precies, dat verschilt ook per persoon.'

Volgens Jolles is dat iets waar rekening mee moet worden gehouden bij het verhogen van de pensioenleeftijd: dat het cognitief snel en onverwacht achteruit kan gaan. 'En als dat eenmaal gebeurt, ben je ook gevoeliger voor problemen als depressie en burn-out.' Voor sommigen van hen is de werkkoek op, anderen kunnen misschien door in een andere functie. Dat laatste heeft een bijkomend voordeel. 'Verandering kan je een boost geven, of je nou 65-plus bent of 40. De hersenen vinden dat heerlijk, die willen vernieuwing.'


Harry Bos (60) schilder: simpelweg op

'Ik oefen een zwaar beroep uit. Zo heb ik inmiddels versleten nekwervels en rugklachten opgelopen door mijn werk. Ik kan het niet opbrengen om tot mijn 67ste levensjaar en 3 maanden te werken. Des te meer omdat ik minder seniorendagen heb door de nieuwe cao, terwijl die vrije dagen noodzakelijk zijn om lichamelijk te herstellen.

Ik moet dus langer doorwerken, met minder hersteldagen. Verschrikkelijk vind ik dat, want zo kan ik fysiek gezien niet meer van mijn oude dag genieten. De regelingen maken het schildersvak bovendien oninteressanter, waardoor minder mensen het vak willen leren en vakmanschap verdwijnt.

Een AOW-leeftijd die gekoppeld is aan de algemene levensverwachting zou bij schilders niet aan de orde moeten zijn. Na 40 jaar schilderen ben je simpelweg op. Daarom ben ik een voorstander van een vervroegde uittreding voor mensen die in de bouw werken, zoals dat ook bij de politie mogelijk is.'

Harry Bos (60), schilder. Foto Aurélie Geurts

Michiel Bilstra (61) Directeur voor techniek- en bouwopleidingen op een ROS in Zwolle: fijn doorwerken

'Ik vind de verhoging van de pensioenleeftijd niet zozeer negatief. Ik heb mij altijd verbaasd dat je zou moeten stoppen na een bepaalde leeftijd, want voor iedereen is die grens anders. In mijn werk merk ik dat ik met enige regelmaat afscheid moet nemen van collega's die het werk nog jaren zouden kunnen uitvoeren. Dat is niet alleen voor de school jammer, want die docenten hebben veel ervaring, maar ook voor de docenten zelf. Het vormen van jongeren geeft veel zin en betekenis aan het leven en dat valt voor hen weg. Maar voor andere werkenden is de AOW-leeftijd weer te hoog, bijvoorbeeld als ze zwaar fysiek werk doen. Om iedereen tegemoet te komen, zou de overheid de AOW flexibeler moeten inrichten. Werkenden die door kunnen, moeten worden aangemoedigd om dat te doen. En werkenden die door omstandigheden de pensioenleeftijd niet halen, moeten meer ruimte krijgen om minder te werken.'

Michiel Bilstra (61), directeur voor techniek- en bouwopleidingen op een ROC in Zwolle. Foto Aurélie Geurts

Piet Koster (61) Zzp'er en raadslid bij de gemeente Alkmaar: maak het flexibel

'Ik ben op 1 januari 1955 geboren, dus ik krijg nog net te maken met de verhoogde AOW-leeftijd. Maar ik vind dat niet zo erg, want ik weet toch dat ik niet voor mijn 70ste ga stoppen. Mijn werk is daar veel te leuk voor. Ik vind de klaagzang over de verhoogde AOW-leeftijd gezeur. 55+-plussers zijn nu gezonder, beter opgeleid en productiever dan zo'n 60 jaar geleden toen de AOW werd ingevoerd. Bovendien kunnen we door de stijging van de levensverwachting langer genieten van onze oude dag en moeten we niet vergeten dat de financiering van de AOW steeds duurder wordt. Het stelsel moet daarom meebewegen.

Uiteraard heb ik makkelijk praten en kan niet iedereen tot de huidige AOW-leeftijd doorwerken. Daarom pleit ik voor meer differentiatie. In sommige beroepstakken gelden andere grenzen, dus moeten daar meer mogelijkheden zijn om op vroege leeftijd minder te werken of te stoppen. Die mogelijkheden zouden via cao's tot stand moeten komen.'

Pim Pauwels

Piet Koster (61), Zzp'er en raadslid bij de gemeente Alkmaar. Foto Aurélie Geurts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.