Stadsboer oogst op het balkon

Breng het kweken van groenten en fruit terug naar de stad. Dat is milieuvriendelijk, want het beperkt de ‘voedselkilometers’, en is goed voor de buurt....

Op de stadsboerderij in het Zuiderpark in Den Haag is het tijd van oogsten. Biologische groente vers van de plant, met de stad als achtergrond. Op 800 vierkante meter grond staan hier al ruim 50 soorten groenten en fruit, vertelt de coördinator van het project, Menno Swaak van Gezonde Gronden.

Ze hebben wat tegenslag gehad, de laatste tijd. Zware regenval en rukwinden hebben veel planten plat geslagen. Nu worden enkele fruitbomen, de maïsplanten en de hoge aardpeer, ook bekend als de Jeruzalemartisjok, weer opgericht en opgebonden aan palen. ‘We kijken wat we nog kunnen redden.’

Eind oktober vindt de officiële opening plaats van de stedelijke moestuin. Volgend jaar moeten er zo’n 80 soorten groenten en fruit te vinden zijn. ‘Dat is heel veel op zo’n klein stukje grond’, zegt Swaak.

Zijn tuin is een van de vele varianten van urban farming, een denkrichting die de stadsmens weer wil verbinden met zijn voedsel. De productie van het eten vindt nu nog te ver van de eter plaats, vindt men. Dat heeft tal van negatieve gevolgen.

Zo is het slepen met voedsel, een wereldwijde activiteit, een weinig milieuvriendelijke bezigheid. Ook maakt het de stadsbevolking kwetsbaar voor voedseltekorten. Of het nou komt door een aswolk of een terroristische aanslag, de voedselstroom is snel verstoord. Het industrieel geproduceerde voedsel is ook nog eens matig van kwaliteit.

Daarnaast zijn er nog sociale effecten. Mensen zijn zo afhankelijk geworden van de handel dat ze zijn vergeten wat goed voedsel is.

Breng het boeren terug naar de stad en iedereen profiteert. Swaak: ‘Het moet mogelijk zijn om de stadsbevolking voor een groot deel van hun voedsel te voorzien via stadsboerderijen.’

Niet iedere stadsboer denkt zo groot. Achter een Amsterdamse etalageruit druppelt langzaam water van fles naar fles, die onder elkaar aan een lange draad hangen. De pet-flessen, half opengesneden, bevatten kruidenplantjes.

Amerikaan Michael Doherty legt de laatste hand aan de installatie, die is bedoeld voor de tentoonstelling Farming the City, die het stadsboeren onderzoekt als methode voor verbetering van de stad. Zijn systeem is geïnspireerd op soortgelijke projecten in New York. ‘Dit kan ook op plaatsen zonder groen en zonder tuinen. Zo kan iedereen zijn eigen groente verbouwen. Voor weinig geld en met gerecycled materiaal.’

In de halve flessen zitten nu nog vooral kruidenplantjes als peterselie en basilicum. ‘Gewoon gekocht’, geeft hij toe. ‘Maar het mooiste zou zijn als je zaadjes of jonge plantjes zou kunnen betrekken van een stadsboerderij in de buurt. Om die vervolgens achter je eigen ramen op te kweken.’

In Nederland zijn op enkele tientallen plaatsen initiatieven ontstaan waarbij de voedselteelt is teruggebracht naar de stadsmens. In de Amsterdamse Rivierenbuurt bestaat al twee jaar de buurtmoestuin de Trompenburg. Er werken 14 buurtbewoners met hark en schoffel - en er is een wachtlijst om mee te mogen doen.

De tuin voorziet niet in volle winkelwagens met voedsel, maar de gezamenlijke maaltijd met zelf geteelde groente is een groot succes. Aangenaam bijproduct: veel buren gaan hun eerste gesprekken aan boven het groentebed. Anderen zijn op hun eigen balkon ook een groentetuintje begonnen.

In Amsterdam Osdorp is vorig jaar een ‘moestuingroep’ opgericht met 18 tuintjes van 2 bij 5 meter. Buurtbewoners hebben de gronden tussen de woonflats in eigen beheer.

In Den Haag, Rotterdam en Amsterdam zijn ‘VersVoko’s’ opgericht, groepen mensen die gezamenlijk hun groenten, fruit en ander voedsel inkopen. Deze ‘voedselcoöperatieven’ doen dit bij vertrouwde producenten in de eigen regio. De samenwerking moet het aantal ‘voedselkilometers’ beperken en de betrokkenheid bij het eigen voedsel vergroten. Over een half jaar moeten er in Nederland tien van zulke clubs zijn.

Er zijn ook letterlijk hemelbestormende ideeën. Er ligt een plan voor de bouw van een glazen kas van 12 verdiepingen hoog op de kop van het Amsterdamse Java-eiland. Op de begane grond zouden winkeltjes moeten komen en een restaurant. Op de bovengelegen etages zou voor het oog van de buurt de voedselproductie moeten plaatsvinden. Tot het tijd is voor het oogstfeest.

Groen gebruiken om verval van de stad tegen te gaan, dat is volgens stedenbouwkundige Francesca Miazzo, die de Amsterdamse tentoonstelling heeft samengesteld, een heel effectieve manier van stadsherstel. ‘Door de crisis blijft veel land braak liggen of blijven gebouwen ongebruikt. Door te investeren in groen creëer je veel activiteit, van de mensen die het aanleggen tot het onderhoud. Je brengt daarmee positief nieuw leven in die niet-productieve leegten in de steden. Vul je die in, dan zorg je voor een betere, gezondere leefomgeving.’

De snelle ontwikkelingen op het gebied van duurzame technieken helpen daarbij, denkt zij. ‘Overal zie je nieuwe ideeën op het gebied van duurzame productie. Verticale tuinen en groene daken bijvoorbeeld.’

Nils Norman, de kunstenaar die de opzet van de Haagse stadsboerderij bedacht, ziet de stadskweek voorlopig als een experiment. ‘Ik wil graag zien hoe ver je kunt gaan met dit idee, hoe realistisch het is om te denken aan grote opbrengsten.’ Utopisch denken is hem niet vreemd: ‘Ik ben geïnteresseerd in alternatieve strategieën in het algemeen. Onze werkwijze in Den Haag staat in een utopische traditie.’

De tuin alleen beoordelen op de hoeveelheid voedsel die wordt geproduceerd doet het initiatief tekort, vindt de Brit. ‘De stadsboerderij kan het startpunt zijn van een keten aan navolgers, van het ontstaan van een netwerk van tuinen die lokaal voedsel gaan produceren. Het is ook een pleisterplaats voor de beweging tegen de agrarische industrie. Hun agressieve werkwijze, met patent op planten en marketing, laat weinig ruimte voor anderen.’

Menno Swaak van de stadsboerderij in Den Haag kijkt al hoopvol naar het volgende seizoen. ‘Dan hopen we hier heel veel mensen uit de buurt te kunnen ontvangen. Mensen die weer met hun handen in de grond willen zitten. Of mensen die willen nadenken over de kwaliteit en de duurzaamheid van hun eten. Misschien komen ze hun keukenafval brengen. Die krijgen ze dan als compost terug voor hun balkonplanten.’

Stadsboerderij mag 5 jaar blijven
Stadsboerderij Herweijerhoeve in het Haagse Zuiderpark vormt de locatie van het project 'Eetbaar Park' van kunstenaar Nils Norman. Ook een natuurspeelplaats voor kinderen op volkstuincomplex Nut en Genoegen maakt deel uit van het evenement.

De tuinen mogen tenminste vijf jaar blijven bestaan. Afbraak laat geen sporen na. Een paviljoen van stro en leem is gemaakt van gerecyclede en natuurlijke materialen. Het Haagse architectuurcentrum Stroom organiseert het project als onderdeel van Foodprint, een reeks evenementen over voedsel en stad.

Farming the City. Temporary architecture as an answer to urban decay. 15 tot 19 september. Westerdok, Winthontstraat 7, Amsterdam.

www.stroom.nl

www.gezondegronden.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden