De groeiontwikkeling is vooral te danken aan een stijgende export
De groeiontwikkeling is vooral te danken aan een stijgende export © ANP

Spectaculaire economische groei van 3,3 procent is goed nieuws voor het nieuwe kabinet

Door een spectaculaire groei van de economie dit en volgend jaar kan het nieuwe kabinet meer geld uitgeven dan eerder gedacht. Door die groei gaan er minder uitgaven naar uitkeringen en komt er aan belasting meer binnen. Dat is allebei gunstig voor de overheidsfinanciën. Het huidige kabinet laat dit jaar een overschot op de begroting achter van 4,4 miljard euro. Volgend jaar is dat overschot 6,9 miljard en in 2021 is het 13 miljard.

Dat voorspelt de rekenmeester van het kabinet, het Centraal Planbureau, vandaag. Het CPB gaat daarbij uit van de theoretische en onwaarschijnlijke situatie dat het nieuwe kabinet het beleid van het huidige VVD-PvdA-kabinet onveranderd doorzet. Als de huidige formatie met VVD, CDA, D66 en ChristenUnie wordt afgesloten met een regeerakkoord, maakt het CPB een nieuwe economische voorspelling tot 2021 - het beoogde laatste kabinetsjaar. Aan het verschil met de cijfers van vandaag zal dan te zien zijn, wat het effect van het nieuwe kabinetsbeleid is op de economie, werkloosheid, koopkracht en overheidsfinanciën.

Het CPB schat de economische groei dit jaar op 3,3 procent en volgend jaar op 2,5 procent. Daarna groeit de economie met naar schatting 1,8 procent per jaar door. De 3,3 procent groei van dit jaar is spectaculair. Voor het eerst sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 komt de groei boven de 3 procent.

De afgelopen jaren probeerde het CPB en kabinet Nederland juist te laten wennen aan het idee dat de Nederlandse groei nooit meer boven de 2 procent zou komen. Dat dit nu en volgend jaar toch gebeurt, is te danken aan een veel betere ontwikkeling dan gedacht van de Nederlandse export.

De economische groei gaat gepaard met een snellere daling dan verwacht van de werkloosheid. Dit jaar komt die op 4,9 procent van de beroepsbevolking en volgend jaar op 4,3 procent. Daarmee is volgens het CPB de bodem wel bereikt, want in de jaren daarna stijgt dat percentage weer naar 4,6 procent. Dat is een verlaat gevolg van het stijgen van de lonen de komende jaren. Als die te hoog worden, nemen bedrijven weer minder mensen aan en stijgt de werkloosheid.

De loonstijgingen zijn niet zo spectaculair als de economische groei doet vermoeden. Het CPB schat dat werknemers gemiddeld elk jaar 0,7 procent meer loon krijgen. Opmerkelijke koopkrachtstijgingen voorspelt de economische adviseur van het kabinet dan ook niet. Elk jaar komt er ongeveer een half procent aan koopkracht bij. Dat is een contrast met vorig jaar toen de koopkracht steeg met 2,6 procent. Dat kwam doordat het huidige kabinet, Rutte II, besloot de kiezer 5 miljard euro lastenverlichting te schenken ter gedeeltelijke compensatie van de offers die belastingbetalers hebben gebracht in de crisisjaren.

Bij de raming heeft het CPB rekening gehouden met de extra uitgaven aan verpleeghuiszorg. Die extra uitgaven lopen op tot 2,2 miljard in 2021. Desondanks zijn de overschotten op de overheidsbegrotingen tot 2021 groter dan waar het CPB in juni nog rekening mee hield. In 2021 verwacht het CPB een staatsschuld van 45 procent van het bbp. Dat is hetzelfde niveau als in 2007, voordat de financiële crisis begon.

Of het nieuwe kabinet een begrotingsoverschot geheel of gedeeltelijk uitgeeft of besteedt aan het aflossen van de staatsschuld, is een politieke keuze. Theoretisch zou het kunnen aankoersen op een tekort van 3 procent - de Brusselse norm. Dan kan het nieuwe kabinet in 2021 ruim 37 miljard euro extra uitgeven aan het politieke verlanglijstje waarop duurzaamheid, defensie, onderwijs, zorg en infrastructuur staan. Dat het nieuwe kabinet aankoerst op een tekort is echter onwaarschijnlijk.

Haagse topambtenaren adviseren elk nieuw kabinet hoe het met de overheidsfinanciën om moet gaan. Dit keer is het advies kort en goed: geef niets extra uit en bezuinig evenmin. Dat komt neer op een advies om het dak te repareren als de zon schijnt. Oftewel: in tijden van economische voorspoed streven naar een zo groot mogelijk begrotingsoverschot om de staatsschuld mee af te lossen. Het zou een unicum zijn in de Nederlandse geschiedenis. Sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw heeft geen kabinet de verleiding van economische groei kunnen weerstaan: extra geld uitgeven in plaats van het dak repareren.

Toch zit er zo'n reparatieadvies in de cijfers van het CPB verborgen. Het gaat daarbij om het zogenoemde houdbaarheidssaldo. Dat cijfer vertelt of 'het huidige niveau van regelingen en voorzieningen' ook op de lange termijn - denk aan 2060 - houdbaar is. Zodra het nieuwe kabinet iets gaat afknabbelen van de miljarden van het begrotingsoverschot, verslechtert dat houdbaarheidssaldo meteen. Zo besloot het huidige demissionaire kabinet tot de hogere verpleegzorguitgaven en ziet het nieuwe kabinet de houdbaarheid van de overheidsfinanciën dalen van 0,5 procent van het bbp, naar 0,2 procent. Die daling wordt dan nog flink gedempt door de spectaculaire groei die het CPB vandaag voorspelt.

Zijn de magere jaren nu echt voorbij? Lees hier meer over het economisch herstel:

Minder werkloosheidsuitkeringen
Door het economisch herstel zal het UWV dit jaar 700 miljoen euro minder kwijt zijn aan werkloosheidsuitkeringen. De uitkeringslasten dalen in 2017 tot 4,9 miljard euro. 

Een goed gevulde staatskas
Voor de formatieonderhandelingen begonnen, had Dijsselbloem goed nieuws voor de partijen: In 2021 heeft Nederland naar verwachting een begrotingsoverschot van 1,3 procent van het bruto binnenlands product. In euro's: in dat jaar ontvangt de overheid 10,7 miljard euro meer dan dat zij uitgeeft.

Het kan niet op: economische groei en begrotingsoverschot blijven toenemen
En dat zal de komende jaren nog wel even doorgaan, becijferde het Centraal Planbureau (CPB) eind maart

Het goede doel is weer in trek
Na enkele magere jaren door de crisis kregen de goede doelen vorig jaar 3,6 procent meer binnen aan giften en bijdragen dan een jaar eerder. Het is dat de nalatenschappen een dip kenden, anders was de geefgroei nog groter geweest.

Maar niet iedereen profiteert van het economisch herstel 
Dat blijkt uit cijfers die het CBS afgelopen februari presenteerde. Het aantal arme huishoudens bleef in 2015 vrijwel gelijk en in elke schoolklas zit wel een arm kind. Ook steeg het aantal bijstandsuitkeringen, onder andere doordat Syriërs, Eritreeërs en andere asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen een beroep kunnen doen op de bijstand

Zal de werkloosheid ooit weer zo laag worden als in de 'gouden tijden'?
De werkloosheid daalt, een enkele hapering daargelaten, al bijna drie jaar achtereen. Maar daarmee is de werkgelegenheid nog lang niet op het niveau van de 'gouden tijden' in 2008.