Column Frank Kalshoven

Sociale partners schepen de toekomst – gezond en vrolijk doorwerken – toch weer af met een fooi

Over het deze week gesloten principeakkoord tussen kabinet, werkgevers- en werknemersorganisaties over pensioen (en andere dingen) kan je een boek schrijven. Over – dan toch nog – het succes van de polder. Over – toch nog – het succes van Wouter Koolmees als minister van Sociale Zaken. Over de techniek van het pensioenstelsel, wat een tegelijkertijd saai én opwindend hoofdstuk zou worden. Over de gevolgen voor de schatkist, waar het kabinet werkelijk achteloos mee omgaat. En over de achterban van de FNV natuurlijk, die stemmen mag, en bij een tegenstem niet alleen het akkoord opblaast, maar ook de eigen organisatie.

Maar dat boek, daar hebben we geen plaats voor. We hebben plaats voor één hartenkreet. Die vraagt om een aanloopje.

Het aanloopje. Het akkoord, vervat in een brief van Koolmees aan de Kamer, gaat niet alleen over het stelsel van de aanvullende pensioenen, maar ook over de AOW-leeftijd (die minder snel zal stijgen dan nu voorzien), over een inkomensverzekering bij arbeidsongeschiktheid voor zzp’ers (een onderwerp dat niets met pensioen te maken heeft), over het verruimen van de mogelijkheden om eerder te stoppen met werken, en over duurzame inzetbaarheid.

De argumentatie van de polderpartners om het verhogen van de AOW-leeftijd te vertragen, en vormen van voortijdig pensioneren mogelijk te maken, is dat de aanpassingen te snel gaan. Mensen hebben te weinig tijd gekregen zich aan te passen aan de nieuwe werkelijkheid, waarin het gewoon is tot op hogere leeftijd door te werken. In Haagse beleidstaal: het ontbrak aan ‘flankerend beleid’. Ik denk dat dat een terechte constatering is.

In het principeakkoord worden vervolgens alle goede woorden gebruikt om ditmaal wél goed ‘flankerend beleid’ te voeren. Ik citeer: ‘Het kabinet zet samen met sociale partners in op een breed en intensief programma van duurzame inzetbaarheid en Leven Lang Ontwikkelen (LLO).’ Er moet niet minder dan een ‘doorbraak’ komen in LLO. Ik denk dat ook dit een terechte constatering is. Als we willen dat mensen fluitend hun pensioen halen, moeten we investeren in mensen. Tijdig van beroep wisselen als dat zwaar is voor lichaam of geest - dat werk.

Dus de woorden zijn goed.

Maar als het puntje bij het paaltje komt, en de portemonnee moet worden getrokken, wordt duidelijk hoe die woorden moeten worden gewogen. Het vertraagd ophogen van de AOW leeftijd kost de schatkist de komende vijf jaar 5 miljard euro, schrijft Koolmees in zijn Kamerbrief. Omdat de AOW-leeftijd na 2025 minder snel stijgt met het toenemen van de levensverwachting, besteedt de schatkist vanaf dat moment elk jaar weer dik 3 miljard euro aan extra AOW-uitkeringen. Dat is allemaal groot geld.

En de ‘doorbraak’ in een leven lang ontwikkelen, het ‘brede en intensieve programma’, wat mag dat dan kosten? Nou, de komende jaren 200 miljoen per jaar, en daarna nog 10 miljoen per jaar structureel. Een fooi. Een fooi bovendien die achteloos op de tafel van cao-partijen geflikkerd wordt om ‘maatwerk’ te bieden. Veel plezier ermee.

Dit principeakkoord is allesbehalve een eindstand. Koolmees schrijft, terecht, dat de invoering van het nieuwe pensioenstelsel nog jaren aan (technische) voorbereiding vergt en dat het akkoord, dat brede politieke steunt heeft, ook een volgend kabinet bindt.

De hartenkreet: dames en heren, neem nou bij de uitwerking dat leven lang ontwikkelen WEL serieus. Mooie vuistregel: voor elke euro die wordt besteed aan extra AOW-uitgaven ook een euro uitgeven aan investeringen in mensen. Geen woorden, maar daden.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? E-mail: frank@argumentenfabriek.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden