Siemens dumpt divisie mobiele telefoons

Siemens stapt uit de productie van mobiele telefoons. Het Duitse concern draagt deze grote tak –omzet vijf miljard euro, tienduizend medewerkers– gratis over aan het Taiwanese BenQ....

Van onze verslaggever Gert-Jan van Teeffelen

Siemens wil zo graag af van zijn mobieltjes, dat het concern er driehonderd miljoen euro op toelegt. Hiervan gaat 250miljoen als steun naar de divisie, terwijl het Duitse bedrijf voor vijftig miljoen euro nieuw uit te geven aandelen in BenQ koopt. De Taiwanezen mogen de merknaam Siemens nog vijf jaar gebruiken.

Siemens verloor in het afgelopen kwartaal elke dag anderhalf miljoen euro op de productie van mobiele telefoons. Terwijl alle grote rivalen meer telefoontjes verkochten, is de positie van het Duitse merk de afgelopen maanden snel verslechterd. Vorig jaar was Siemens nog de nummer vier achter Nokia, Motorola en Samsung, maar nu is het afgezakt tot de zesde positie, met met een marktaandeel van 5,5procent.

Siemens kampte met softwareproblemen in zijn telefoontjes en bovendien bestelden de belangrijkste afnemers –de uitbaters van mobiele netwerken– minder door de onzekerheid over de toekomst van het merk. Het bedrijf begon in 1986met het maken van mobiele telefoons. Het eerste model, de C1, woog bijna tien kilo.

Siemens voerde enkele malen vergeefs gesprekken met mogelijke partners. Motorola viel recent af, naar verluidt omdat het terugschrikt voor de dure productie in Duitsland. Siemens heeft in eigen land twee fabrieken. Zij hebben een baangarantie tot eind 2006. BenQ zal die respecteren. Siemens’ andere fabrieken staan in Brazilië en China.

BenQ (veertienduizend werknemers) produceert louter in lagelonenlanden. Het bedrijf werd in 2001 afgesplitst van de Taiwanese computermaker Acer. BenQ was ooit vooral een anonieme leverancier van goedkope hardware aan westerse bedrijven, maar timmert de laatste jaren ook onder eigen naam aan de weg.

De helft van de omzet (5,2miljard dollar in 2004) komt uit beeldschermen. De rest is afkomstig van projectoren, mp3-spelers, laptops, camera’s en opslagmedia. Op laatstgenoemd terrein begon BenQ in 2003 een joint venture met Philips, dat er geen heil meer in zag om zelf cd- en dvd-branders voor pc’s te bouwen. De mobiele tak van BenQ heeft een marktaandeel van 2,5procent.

Siemens is niet het eerste bedrijf dat zijn telefoontjes geheel of gedeeltelijk de deur uit doet. Philips deed de productie al in 2001 over aan het Chinese bedrijf CEC, en doet zelf alleen nog de ontwikkeling en marketing. Ericsson bracht zijn telefoontjes na zware verliezen onder in een joint venture met Sony. Het Franse Alcatel verkocht zijn mobieltjes vorig jaar aan het Chinese TCL.

Met het afstoten van de mobiele telefoons trekt Siemens zich verder terug uit de consumentenmarkt. Wat resteert in dit segment zijn de gloeilampen –via dochter Osram– en de draadloze dect-telefoons voor in huis.

Ooit maakte het concern uit München zo ongeveer alles waar een elektriciteitsdraad aan vastzit. De huishoudelijke apparaten gingen enkele decennia geleden de deur uit en werden ondergebracht bij Bosch. In de jaren negentig nam het bedrijf afscheid van tv’s en andere consumentenelektronica. Computers maakt het bedrijf nog in een joint venture met Fujitsu. De chipdivisie, Infineon genaamd, ging in 2000 naar de beurs.

Het overgrote deel van de omzet (vorig boekjaar 75,2miljard euro) komt nu uit industriële activiteiten. Siemens bouwt energiecentrales, windmolens, turbines, treinen en telecom- en elektriciteitsnetwerken. In de auto-industrie heeft het concern grote belangen via dochter Siemens VDO (omzet negen miljard euro). Die maakt onder meer systemen voor navigatie, de aansturing van airbags, ABS en brandstofinjectie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden