Column

Relatie tussen rente en arbeidsmarkt aan herziening toe

Column Peter de Waard

Precies 57 jaar geleden kwam de Nieuw-Zeelandse econoom A.W. (Alban William) Phillips met een grafiek die tot op de dag van vandaag centrale bankiers op het goede spoor moet zetten.

Foto anp

De toenmalige hoogleraar aan de London School of Economics baseerde deze grafiek op Britse data over een periode van honderd jaar: The Relation Between Unemployment and the Rate of Change of Money Wage Rates in the United Kingdom, 1861-1957.

Hij toonde aan hoe de inflatie veranderde als de werkloosheid veranderde en omgekeerd Als de werkloosheid afnam, steeg de inflatie, omdat er door een hogere vraag naar arbeidksrachten meer loon moest worden betaald. En als de werkloosheid steeg, daalde de inflatie, omdat door het grotere aanbod van werkzoekende mensen de lonen omlaag konden.

De huidige president van de Amerikaanse centrale banken (de Fed) Janet Yellen noemde de Phillips-curve in 2007 'de kern van elk realistisch economisch model'. Als de Fed beleidsbeslissingen zou moeten nemen, zoals een renteverhoging, moest de arbeidsmarkt nauwlettend in de gaten worden gehouden. Als die aan de beterende hand was, moest de inflatie in de kiem worden gesmoord.

Alleen doet de werkelijkheid niet wat het model aangeeft. De Amerikaanse werkloosheid is sinds 2009 gedaald van 10 naar 5 procent en is dicht bij een niveau gekomen dat volledige werkgelegenheid kan worden genoemd. Maar de inflatie is op jaarbasis nog maar 0,3 procent. Er is geen reden de rente te verhogen

Binnen de Fed nemen steeds minder bestuurders de Phillips-curve en daarmee mogelijk ook Yellen serieus. Daniel Tarullo, een van de Fed-bestuurders, zei in een interview met CBNC 'dat er geen reden was om uit te gaan van correlaties uit het verleden, zoals de Phillips-curve, die al tien jaar niet meer lijken te werken'. Hij kreeg bijval van bestuurder Lael Brainard: 'De beste inzichten wijzen erop dat de relatie zeer zwak is. De werknemers hebben nauwelijks een onderhandelingspositie ondanks de gedaalde werkloosheid.' Vanaf 1958 blijkt in de VS helemaal geen relatie te zijn tussen het prijsindexcijfer en de werkloosheid. Vaak gaan hoge inflatie en hoge werkloosheid samen, zoals eind jaren zeventig en begin jaren tachtig. Dat de Phillips-curve niet werkt, komt door het feit dat het aanbod op de arbeidsmarkt wordt onderschat.

Als de werkloosheid daalt, trekt dat nieuwkomers aan die aanvankelijk helemaal niet naar werk zochten. Dat betekent een toename van de participatiegraad. Herintredende vrouwen of mensen die de brui geven aan een studie, gaan werken. Actueler is dat het aanbod ook stijgt door immigratie. Immigranten trekken vooral naar landen waar de arbeidsmarkt krap is en waar dus gemakkelijk werk is te vinden, zoals Duitsland.

Een lage werkloosheid leidt tot meer mobiliteit, niet tot hogere lonen.

Reageren?

Meer over