Rekenwonder voor durfallen

Wie in opties wil beleggen, moet veel drempels nemen. Dat is enerzijds prima, want er is veel geld mee te verliezen....

De Nederlandse particuliere belegger is gek op opties. De beursindex van Amsterdam is op Europese schaal verreweg de populairste gokindex. Maandelijks worden meer dan twee miljoen opties op de AEX verhandeld. De Londense index FTSE 100 komt met 1,4 miljoen verhandelde contracten nog enigszins in de buurt, maar wat bijvoorbeeld de Belgen en de Fransen op dit gebied presteren, lijkt helemaal nergens op. Hooguit enkele tientallen duizenden halen het elke maand in hun hoofd hun verwachting omtrent de toekomstige koersontwikkeling van de BEL 20 of de CAC 40 om te zetten in optiecontracten.

De Nederlandse belegger is daar juist dol op. Van de anderhalf miljoen huishoudens die in een of andere vorm beleggen, hebben 200 duizend zich wel eens gewaagd aan opties. In mei kregen de AEX-opties met een looptijd van een, twee, drie of meer maanden zelfs gezelschap van kortlopende collega’s: weekopties. Die introductie leidde tot nieuwe omzetrecords voor de beurs.

Alex Beleggersbank, de grootste handelende partij op de Amsterdamse optiebeurs (met het grootste aantal particuliere optiebeleggers als klant), is natuurlijk niet te beroerd dit vuurtje verder op te stoken. De (internet)bank heeft voor zijn klanten een zogeheten Optiewijzer gebouwd, een rekenmachine die, gegeven de koersverwachting van de belegger, uitrekent met welke strategie het meest wordt geprofiteerd als die verwachting ook uitkomt.

Marcel Kalse, hoofd productontwikkeling van Alex: ‘Het aantal mogelijke optiestrategieën is zeer groot. Maar in elk individueel geval is er maar een de beste: de opties of combinatie van opties waarmee het maximale rendement wordt behaald. Zelf heeft de belegger echter niet de tijd en de middelen die combinatie uit te rekenen.’

Vraag tien professionele optiehandelaren om de ideale strategie bij een bepaalde visie, en je krijgt in eerste instantie tien verschillende antwoorden, aldus Kalse. ‘Iedere handelaar heeft zijn eigen stijl. Maar als je uitgebreid gaat rekenen, dan rolt er toch altijd een uit die echt het beste is.’ Dat rekenwerk doet de Optiewijzer. Op basis van software die ook de professionele partijen gebruiken, worden prijzen, koersen, looptijden van de optie, de beweeglijkheid van de onderliggende waarde, de rentevoet en dividendverwachtingen meegenomen. De belegger voert zijn verwachting in (bijvoorbeeld Fortis op 33 euro in februari 2007) en het bedrag dat hij daarop wil inzetten (bijvoorbeeld 700 euro). Eventueel kan hij invullen wat hij maximaal wil verliezen, en nog enkele andere criteria.

Na een seconde of drie rolt de beste strategie eruit (op de dag van deze berekening noteerde Fortis 31,88 euro): een zogeheten long call spread, met de aankoop van zes callopties februari met een uitoefenprijs van 31 euro, en de verkoop van zes callopties februari met een uitoefenprijs van 33 euro. Komt de verwachting uit, dan resulteert een winst van 354 euro, iets meer dan 50 procent. (De rechten om Fortis voor 31 euro te kopen, worden uitgeoefend en leveren 200 euro op; de verkochte rechten om Fortis te kopen (de plicht om te leveren) voor 33 euro, worden niet uitgeoefend. Het bijkomende resultaat is de eerder geïncasseerde vergoeding voor het schrijven van de optie.)

Wie dacht het principe van opties aardig te begrijpen, maar bij de vorige alinea afhaakte, is precies gestuit op een belangrijk probleem van de Optiewijzer: hij is moeilijk aan te raden aan beginners. Het is wellicht les 1 voor beleggers: doe nooit iets dat je niet begrijpt. Domweg de adviezen van het hulpmiddel opvolgen, zonder te beschikken over het bijbehorende inzicht, is een slecht idee.

Natuurlijk gaat het dan niet om het kunnen beredeneren van het gewicht dat de beweeglijkheid van het aandeel Fortis speelt in het berekenen van de prijs van een calloptie. Waar het wel om gaat is de basiskennis van met name de betekenis en de risico’s van het verkopen (‘schrijven’) van opties. De Optiewijzer berekent rendementen en maximale verliezen met een waarschijnlijkheid van 95 procent. Dat wil zeggen dat grote uitzonderingssituaties niet in de berekeningen worden meegenomen. Begrijpt de belegger niet wat hij doet, dan is hij de klos in het geval zich zo’n uitzonderlijke situatie toch voordoet.

Alex heeft bij de Optiewijzer ook allerlei waarschuwingen opgenomen, die de geïnteresseerde belegger aan het denken moeten zetten. Kalse vult aan: ‘Het gaat hier strikt om het beleggen op grond van een verwachting in welke richting de koersen zich zullen bewegen, niet om het indekken van aandelenportefeuilles. Daar zijn andere instrumenten voor.’

De gok van een optie kan door de Optiewijzer wel efficiënter worden. Voor beurs en banken is de optiehandel een loterij zonder nieten: zij verdienen aan het enkele feit dat er wordt gehandeld. Maar dat geldt dus voor de belegger. Wie het toch waagt, kan met een instrument als de Optiewijzer verder komen dan het inzetten van de simpele, maar niet altijd meest rendabele enkelvoudige call- of putoptie. Wat dat betreft is de Optiewijzer een vondst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden