Privatisering bouwtoezicht voorlopig uitgesteld, gemeenten blijven verantwoordelijk

Gemeenten blijven voorlopig verantwoordelijk voor het toezicht op de bouw. Minister Plasterk van Wonen heeft dinsdag het kabinetsvoorstel om het bouwtoezicht over te dragen aan private 'kwaliteitsborgers' op de lange baan geschoven. Hij dreigde op een nee te stuiten in de Eerste Kamer en besloot daarom om de stemming tot nader order uit te stellen.

Minister Ronald Plasterk. Beeld anp

Het kabinet wilde met het wetsvoorstel de kwaliteit van de bouw verbeteren en de positie van consumenten versterken. Het toezicht van gemeenten beperkt zich in de praktijk tot een toets van de bouwplannen op papier, stelt minister Plasterk. Vaak wijkt het uiteindelijke gebouw af van die papieren plannen en is onduidelijk of het wel aan alle vereisten voldoet. Bovendien controleren gemeenten vooral op veiligheid, terwijl aspecten als duurzaamheid en ventilatie er volgens de minister bekaaid vanaf komen.

Oppervlakkiger toetsen

Bouwbedrijven en consumenten zouden gebaat zijn bij commerciële kwaliteitsborgers die niet alleen vooraf, maar ook tijdens de bouw de werkzaamheden inspecteren. Zij moeten voldoen aan strenge eisen van een publieke toelatingsorganisatie. Pas bij oplevering van een gebouw spelen gemeenten weer een rol. Op dat moment moet de private toezichthouder bij de gemeente aantonen dat aan alle voorschriften is voldaan. Mochten er toch dingen fout gaan, dan kan de consument zijn recht halen bij de kwaliteitsborger en het bouwbedrijf.

De wetswijziging stuit op bezwaren van critici die vrezen dat de slager zijn eigen vlees gaat keuren: het zou voor bouwers te makkelijk worden om het onderlinge toezicht te beïnvloeden. Een jaar geleden waarschuwden ambtenaren van de gemeente Den Haag al dat private controleurs oppervlakkiger toetsen en te weinig ingrijpen. Tijdens een pilot greep de gemeente meerdere keren alsnog in, omdat de veiligheid in het geding was.

Luidruchtig verzet

Het wetsvoorstel kent een lange geschiedenis. Al in 2008 onderzocht het kabinet-Balkenende IV de mogelijkheden van het privatiseren van bouwtoezicht. Maar vervolgens sloeg de crisis toe en lag de bouwsector op zijn gat. Minister Blok (VVD) pakte de draad in dit kabinet weer op en gaf het dossier door aan PvdA-collega Plasterk, toen die begin dit jaar Bloks portefeuille overnam.

Op de valreep van zijn ministerschap blijkt dit voorstel een zoveelste dossier dat Plasterk niet door het parlement krijgt. Hij stuitte vorige week op de senaat. De Tweede Kamer stemde in februari voor, maar de Eerste Kamer bleek uiterst kritisch. Het CDA, in de Tweede Kamer nog voor, uitte vorige week grote bedenkingen.

Wat Plasterk niet meehielp, was het luidruchtige verzet van gemeenten tegen het voorstel. Wethouders van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht stuurden een brandbrief aan de Eerste Kamer. Gemeenten moeten ingrijpen als het misgaat, maar kunnen dat niet als alle toezicht privaat is ondergebracht, schreven de vier grote steden. De senaat kon het voorstel beter verwerpen, vonden de wethouders.

Twee gedachten

Daarop verzuchtte Plasterk tijdens het debat in de Eerste Kamer: 'Ik las opeens in een ochtendblad dat een paar wethouders nu kennelijk een andere visie hebben ontwikkeld. Ik moet zeggen dat ik niet eerder een veld heb meegemaakt waarin de lobby zo acuut, heftig, permanent en tot de laatste snik actief was.'

De gemeentelijke lobby had al een succesje geboekt in de Tweede Kamer. Een meerderheid stemde ermee in dat gemeenten ook bij de start van de bouw te betrekken bij het toezicht. Maar de wethouders waren niet tevreden met hoe Plasterk het amendement had verwerkt in de wettekst.

De CDA-fractie in de Eerste Kamer berispte de minister juist voor het feit dat hij het amendement had toegestaan. Want was het niet de bedoeling om dubbel werk te voorkomen? Het wetsvoorstel 'hinkt op twee gedachten', was de klacht. CDA-senator Greetje de Vries: 'Of gemeenten zijn er voor het toezicht en mogen zich ermee bemoeien of je haalt de inhoudelijke afweging bij ze weg.'

Plasterk poogde de senatoren mild te stemmen door voor te stellen de wet pas per 2019 in te laten gaan. Die extra tijd zou het parlement in staat stellen details uit te werken via 'algemene maatregelen van bestuur', kleine aanpassingen waarvoor geen wetswijziging nodig is. Zolang het wetsvoorstel maar vast werd aangenomen. De minister: 'Want anders blijft het lobbyen doorgaan.'

Uiteindelijk concludeerde Plasterk dat hij de senaat niet had weten te overtuigen. Daarom vroeg en kreeg hij dinsdag toestemming van de Eerste Kamer om de stemming op te schorten. Hij laat het dossier aan zijn opvolger in het volgende kabinet.

Lees meer over de privatisering van het bouwtoezicht:

Het toezicht op de bouw van huizen en andere gebouwen wordt voorlopig niet overgedragen aan het bedrijfsleven. Minister Ronald Plasterk wil de gemeentelijke taak privatiseren, maar stuitte dinsdag op bezwaren van de Eerste Kamer en stelt de maatregel een jaar uit.

De vier grote gemeenten (G4) komen in opstand tegen de voorgenomen 'privatisering' van het bouwtoezicht. Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag vrezen dat het toezicht op de bouw van kantoren, flatgebouwen en huizenblokken verslechtert als een private aanbieder de controle gaat overnemen.

De Eerste Kamer debatteert over privatisering van het bouwtoezicht. Die taak zouden gemeenten niet langer aankunnen. Wie houdt straks het toezicht op de bouw?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.