Plakken op het pluche van de OR

Is de ondernemingsraad nog up-to-date? Dankzij de code-Tabaksblat werkt het bestuur van een beursgenoteerd bedrijf sinds 2004 transparanter. Tijd voor nieuwe werkafspraken.

Beeld Claudie de Cleen

Bij alle aandacht die er is voor het reguleren van een goed bestuur van bedrijven blijft een belangrijke speler onderbelicht: de ondernemingsraad. Ook voor de werknemersvertegenwoordiging zouden goede afspraken moeten worden vastgelegd over bijvoorbeeld de maximale periode dat iemand in de OR kan zitten of wat te doen als de belangen van een OR-lid botsen met het bedrijfsbelang.

Daarvoor pleiten advocaat Marnix Holtzer en notaris Sander Wiggers van het internationale advocatenkantoor DLA Piper in Amsterdam. Zij willen daarvoor een dialoog beginnen met werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers.

'Wij komen in onze praktijk geregeld zaken tegen waarbij we vraagtekens kunnen plaatsen bij de handelwijze van ondernemingsraadleden', zegt Holtzer. 'Dan probeert een raad bijvoorbeeld een reorganisatie te blokkeren, omdat leden van de raad verwachten dat ze hun baan dreigen te verliezen. Dan moet je je toch afvragen welk belang ze dienen: dat van zichzelf of dat van het voortbestaan van een bedrijf.'

Er bestaat sinds 1950 een, inmiddels aantal keren herziene, Wet op de ondernemingsraden waarin veel is vastgelegd over wanneer een bedrijf een OR moet hebben (vanaf vijftig medewerkers of meer) en de bevoegdheden die een raad heeft. Zo moet de personeelsvertegenwoordiging om advies worden gevraagd bij belangrijke strategische besluiten of als er wordt ingegrepen in de arbeidsvoorwaarden.

In veel bedrijven zijn er wel afspraken over de zittingstermijn (vaak drie of vier jaar), maar kan een OR-lid onbeperkt terugkeren. Niet zelden is een lid een grijze, oudere collega. Ook dat maakt dat er doorgaans weinig animo is om in de OR te stappen.

Wiggers: 'Iedereen herkent dit. Wij vinden het opmerkelijk dat er weinig is geregeld over de manier waarop de ondernemingsraadleden hun bevoegdheden moeten uitoefenen. En kijk naar wat er nu speelt bij de politie. Dat gaat echt wel ergens over. Kennelijk is er behoefte aan good practices zoals die in andere codes wel voor de andere organen zijn vastgelegd.' (Zie inzet OR in opspraak)

OR in gesprek

Sinds 2004 is er de code voor goed bestuur van beursgenoteerde ondernemingen, bekend als de code-Tabaksblat. De code regelt de verhoudingen tussen het bestuur, de raad van commissarissen en de aandeelhouders en moet bijdragen aan meer transparantie, het voorkomen van tegenstrijdige belangen en het doorbreken van het old boys network. Zo is afgesproken dat een commissaris niet meer dan vijf commissariaten mag hebben, bestuurders voor een termijn van vier jaar worden benoemd en drie keer mogen worden herbenoemd, en de gouden handdruk niet meer dan één jaarsalaris mag bedragen.

Bij de medezeggenschap spelen volgens Holtzer en Wiggers dezelfde thema's die voor het bestuur en de raad van commissarissen al wel geregeld zijn: een beperkte zittingsduur, regels hoe te handelen bij tegenstrijdige belangen en het afleggen van verantwoording. (Zie inzet code-Tabaksblat)

Zowel de voorzitter als een regulier OR-lid zou volgens beide juristen maximaal acht jaar op het pluche moeten zitten, zoals dat ook geldt voor de top van hun bedrijf. Holtzer: 'Een voorzitter blijft niet zelden jarenlang aan. Hij is gezichtsbepalend en kan zijn stempel op het vertegenwoordigend overleg drukken. Vaker rouleren dwingt een ondernemingsraad ook tot vernieuwing, het vergroot de betrokkenheid van de achterban en maakt de medezeggenschap aantrekkelijker voor jongeren.'

Als het gaat om tegenstrijdige belangen zou hetzelfde moeten gelden als nu in de code-Tabaksblat is bepaald: het OR-lid mag niet meedoen aan de discussie en stemming over bijvoorbeeld de reorganisatie waarbij zijn eigen baan verdwijnt. En in het jaarverslag van de raad zou de OR net als hun bazen moeten aangeven hoe is omgegaan met de code.

Code-Tabaksblad

De korpschef van de Nationale Politie, Erik Akerboom, heeft onlangs een onderzoek gelast naar het handelen van de Centrale Ondernemingsraad van de politie. Dat spitst zich toe op de vraag of het budget van de raad, 1,6 miljoen euro in 2015, wel 'doelmatig' is uitgegeven. Binnen de politie gaan verhalen over buitensporige etentjes en een dienstreis naar Curaçao. Hangende het onderzoek is de voorzitter van de raad teruggetreden.

De kantonrechter in Eindhoven heeft vorig jaar een OR-lid van de gemeente geschorst omdat er volgens de raad niet met de man was te werken. Hun collega met de bijnaam 'wandelgangenorakel' handelde volgens de OR alleen op basis van geruchten. Hoewel OR-leden rechtsbescherming hebben, toont de schorsing aan dat de onafhankelijkheid van OR-leden niet onbegrensd is.

Werkgeversvereniging AWVN is niet tegen een code, zegt woordvoerder Jannes van der Velde. 'We zien geen excessen of andere rare dingen. Maar een code zou bijvoorbeeld kunnen bijdragen aan een goede doorstroming van ondernemingsraadleden.'

De code die de juristen voorstaan maakt het OR-werk zo goed als onmogelijk, stelt Frank Schreiner van SBI Formaat, een trainings- en adviesbureau voor ondernemingsraden ontstaan uit de vakbonden FNV en CNV. 'Alles wat een OR-lid doet, heeft in meer of mindere mate te maken met eigen belang, bijvoorbeeld als het gaat om beloning, functiewaardering en ook reorganisaties. Je hebt geen ondernemingsraad meer als werknemers dan niet mogen meepraten. Een onuitvoerbaar voorstel dus.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden