AnalysePatenten

Philips doet volop mee in de groeiende patentoorlog

Het kantoor van Philips in Amsterdam. Het bedrijf verloor deze week een zaak om een patent op nummertoetsen.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Philips maakt steeds meer werk van het beschermen van zijn patenten, zo bleek ook deze week weer in een - nu verloren - rechtszaak tegen Google. Patenten, oud of niet, zijn namelijk lucratieve business. En met dat geld kunnen juist nieuwe uitvindingen worden bedacht.

In de loopgraven van de smartphone wars, de al jaren woedende wereldoorlog om de minstens 250 duizend patenten op onze telefoons, stonden Philips en Google afgelopen week tegenover elkaar. De nieuwste schermutseling in de rechtszaal ging over een van die 250 duizend patenten, RE44,931, een bijna twintig jaar oud Philips-patent op nummertoetsen. In de ogen van Philips had Google dit patent geschonden met zijn besturingssysteem Android, gebruikt in de smartphones van de eerder door Philips aangeklaagde Taiwanese elektronicareuzen Acer en HTC.

Voor buitenstaanders lijkt de kwestie waarover het Amerikaanse Hof van Beroep zich maandag boog een juridische variant op de oude theologische twist over hoeveel engelen kunnen dansen op de punt van een naald. De kneep zat ’m in het verschil tussen de cijfers en letters op de nummertoetsen van een telefoon. Een Britse Philips-werknemer had begin deze eeuw een toetsenblok bedacht waarbij je de letters en leestekens kon laten verschijnen door het cijfer 5 enkele seconden ingedrukt te houden.

Te miniem

Maar een Japanse uitvinder had al eerder iets bijna identieks gepatenteerd. Het enige verschil tussen de patenten, betoogde Google, was dat je bij de Japanse uitvinding de letters en leestekens bleef zien nadat je bijvoorbeeld een uitroepteken of K had ingetoetst, terwijl je bij de Philips-uitvinding daarna meteen terugkeerde naar de cijfers. De rechters gaven Google maandag gelijk: het verschil met de Japanse uitvinding was te miniem. 

Je zou bijna denken dat Philips tegenwoordig behalve CT-scanners, hartmonitoren en neushaartrimmers ook declarabele uurtjes voor advocaten produceert, zoveel patentzaken vecht het bedrijf de laatste tijd uit. Elektrische tandenborstels, rookloze grills, scheerapparaten, dimbare led-lampen, fitbits, het zijn zomaar wat voorbeelden van vermeende patentbreuken waar Philips de laatste tijd werk van maakt.

Tandenborstels

Eind november trok Philips bijvoorbeeld aan het langste eind tegen Duitse en Poolse makers van elektrische tandenborstels: hun opzetborstels leken wel erg veel op de producten van Philips, vond de rechter. Fitbit kreeg deze zomer van Philips een rechtszaak aan de broek omdat de populaire fitnesstrackers van het Amerikaanse bedrijf geënt zouden zijn op oude Philips-patenten, zoals een 22 jaar (!) oud octrooi op een via gps werkende ‘persoonlijke atletische prestatiemonitor’, dat leest alsof een fitbitgebruiker in een teletijdmachine naar het jaar 1998 is gestapt.

En dan zijn de schier eindeloze rechtszaken van Philips tegen techgiganten als Google, Microsoft en Asus in de smartphone wars nog niet genoemd. Zo won Philips in oktober een zaak tegen Google over een patent op de overdracht van geluid, maar ging een zaak over een patent op het gebied van 3G-netwerken verloren. Ook tegen Microsoft voert Philips tal van rechtszaken, zoals patenten over MP3-bestanden, nummertoetsen en aanraaktechnologie.

Struikrovers

Dat Philips eind 19de eeuw tot een succes kon uitgroeien, kwam voor een belangrijk deel doordat Nederland van 1869 tot 1912 geen octrooiwet kende. Daardoor konden Nederlandse gloeilampenfabrikanten, waaronder Philips, schaamteloos de patenten van Thomas Edison en andere uitvinders plunderen. Dat juist het arme Nederland kon uitgroeien tot bolwerk van de gloeilampenindustrie, met Philips voorop, kwam ook doordat Britse ondernemers noodgedwongen naar ons land uitweken, nadat Edison ze brodeloos had gemaakt met agressieve patentzaken. En doordat Nederlandse bedrijven niet alleen straffeloos buitenlandse patenten konden stelen, maar zelf dankzij het Verdrag van Parijs (1883) met hun eigen producten wél octrooibescherming genoten in het buitenland. Het verleidde een Franse diplomaat tot de verzuchting ‘Ah, maar gij, gij zijt een volk van struikrovers.’

Duizenden patenten per jaar

‘Dat is nog niks, Philips is mondiaal een kleine speler’, zegt Béatrice Dumont, hoogleraar economie aan de Sorbonne en veelschrijver over de wildgroei aan patentaanvragen – wereldwijd meer dan 3 miljoen per jaar – en conflicten over intellectueel eigendom. Van alle Nederlandse bedrijven vraagt Philips met afstand de meeste patenten aan – rond de duizend per jaar – maar wereldwijd voeren Japanse, Koreaanse, Chinese en Amerikaanse bedrijven de boventoon.

Met patenten (oftwel octrooien) is het een beetje zoals wat Bono zong in een bekend U2-liedje: ‘I can’t live with or without you’, vertelt Dumont. Patenten zijn uitgevonden om uitvinders te beschermen tegen het stelen van hun ideeën. Tegelijkertijd komen ’s werelds grootste bedrijven tegenwoordig zo agressief op voor hun patenten dat het de vraag is of dit de Nikola Tesla’s en Alexander Graham Bells van de toekomst niet juist afschrikt.

Neem telecom, vertelt Dumont. Toen we nog belden met 2G (oftewel gsm) waren nog ‘slechts’ 107 duizend patenten van toepassing op de telecomsector. De volgende generatie, 3G, was dit al uitgedijd tot 356 duizend, bij 4G tot 575 duizend en Joost mag weten welke astronomische hoeveelheid patenten 5G ons zal brengen. En al die patenthouders, van Samsung en Huawei tot Apple en Google, kunnen elkaar het leven zuur maken in de rechtszaal.

Intimiderend

De Tilburgse advocaat Hub Dohmen, sinds eind jaren tachtig gespecialiseerd in intellectueel eigendom, verdedigt geregeld mkb-bedrijven en start-ups in patentzaken tegen grote jongens als Philips. Voor zijn cliënten voelt het soms alsof Philips zich gedraagt als een pestkop op het schoolplein. ‘Dan ontvangt een bedrijfje dat net een product op de markt heeft gebracht een schrijven van Philips waarin staat: ‘U maakt inbreuk op de volgende octrooien’ – en dat zijn er dan 1500, of 800. Dat geeft dan toch wel een intimiderend gevoel.’

‘Een bedrijf als Philips realiseert zich bijzonder goed wat de waarde van intellectueel eigendom is’, zegt Dohmen. Aan het uitventen van intellectueel eigendom, bijvoorbeeld door concurrenten licenties te verkopen voor het gebruik van Philips-patenten, hield Philips in 2018 272 miljoen euro over, ruim 11 procent van het totale bedrijfsresultaat. ‘Het mkb ziet patentenaanvragen vaak nog als kostenpost, terwijl het juist een investering is. Grote spelers als Google geven inmiddels ongeveer evenveel geld uit aan het aankopen van intellectueel eigendom en het voeren van patentzaken als aan het ontwikkelen van nieuwe producten. Dat is toch wel heel opvallend.’

Geen pestkop

Philips bestrijdt dat het zich als een pestkop zou gedragen tegen kleinere bedrijven. ‘We stellen ons juist altijd heel constructief op’, zegt Stephanie van Wermeskerken, hoofd Intellectueel Eigendom van de Philips-tak die zich onder andere bezighoudt met CT-scanners en MRI-apparaten. Bijvoorbeeld door pas een vergoeding te vragen voor het gebruik van patenten als een bedrijf er ook echt succes mee heeft. ‘We willen iets niet bij voorbaat bombarderen, want we hebben allemaal hetzelfde doel: innovaties naar de markt brengen.’

Philips investeert elk jaar 1,8 miljard euro in R&D, dus is het niet zo gek dat het bedrijf daar iets voor terug wil zien, en dat het zich beschermt tegen bijvoorbeeld ‘Chinese copycats’ die met Philips-ideeën aan de haal proberen te gaan, zegt Van Wermeskerken. Dat Philips daarbij ook dikwijls rechtszaken aanspant over patenten die het zelf, als gezondheidsbedrijf, niet of nauwelijks meer gebruikt – denk aan MP3-bestanden, of nummertoetsen – ziet het bedrijf niet als een probleem. Het geld dat Philips beurt voor oude succesnummers kan het immers weer steken in nieuwe uitvindingen.

Bovendien, zegt Van Wermeskerken, is uitvindingen op de markt brengen tegenwoordig meer dan ooit een symbiose tussen verschillende partijen. ‘Het is in de gezondheidszorg zelden nog zo dat je in je eentje met een product de markt verovert. We kunnen niet alles zelf doen, terwijl ziekenhuizen toch vaak een totaaloplossing willen, dus is samenwerken noodzakelijk. Zoals met bedrijven en ziekenhuizen op het gebied van kunstmatige intelligentie, met wie we samenwerken om patronen te herkennen in MRI-scans en te voorspellen hoe een tumor zich ontwikkelt. En je bent vooral aantrekkelijk voor andere grote bedrijven als je je uitvindingen hebt beschermd. Want ook zij willen hun investeringen terugverdienen, en niet dat tien concurrenten er uiteindelijk met je ideeën vandoor gaan.’

Vijf items, van links naar rechts, waarover Philips de laatste tijd rechtszaken voerde vanwege patenten: een mobieltje van Acer, elektrische tandenborstels, scheerapparaten, de fitbit en de spelcomputer Wii van Nintendo.Beeld de Volkskrant
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden