Pensioenfondsen krijgen klap

Door de onrust op de financiële markten en de dreigende Grexit hebben de vijf grote pensioenfondsen het afgelopen kwartaal vele miljarden verloren met hun beleggingen. Door de weer iets stijgende rente bleef de schade beperkt en stegen de actuele dekkingsgraden zelfs, al is de vreugde daarover door een ingreep van De Nederlandsche Bank eerder deze week van korte duur.

Beeld ANP

De miljardenverliezen op de beleggingen blijken uit de halfjaarcijfers die de grote fondsen vrijdag presenteerden. Het grootste pensioenfonds van Nederland, het ABP, zag de afgelopen drie maanden meer dan zestien miljard euro verdampen. Daarmee behaalde het ambtenarenfonds een negatief beleggingsrendement van 4,3 procent.

Dat is te wijten aan een giftige cocktail van flinke correcties op de obligatiemarkten, onzekerheid over het rentebeleid en de angst op de financiële markten voor een Grexit. Bij het op een na grootste pensioenfonds, Zorg en Welzijn, eindigde het rendement 6,6 procent in het rood.

Daardoor was het belegd vermogen voor de zorgsector 11,5 miljard euro lager dan een kwartaal eerder. De metaalfondsen PMT en PME zagen hun beleggingsportefeuilles met respectievelijk 8,3 en 7,2 procent in waarde zakken, bij bpfBouw daalde het vermogen met 9,9 procent.

De vijf fondsen beheren het pensioengeld van meer dan zeven miljoen Nederlanders. Naast de dalende beurskoersen door de snel groeiende zorgen over Griekenland werden de fondsen vooral getroffen door de weer licht stijgende rente van de afgelopen maanden. Hun beleggingen in obligaties en renteafdekking daalden daardoor flink in waarde.

Beleidsdekkingsgraad

Tegelijk is de oplopende rente goed nieuws voor de fondsen. Hun verplichtingen dalen erdoor, omdat ze bij een hogere rente minder miljarden hoeven aan te houden voor de toekomstige pensioenen. Die zogeheten actuele dekkingsgraad steeg het afgelopen kwartaal flink, bij het ABP met 7,5 procentpunt en bij Zorg en Welzijn met zelfs 8 procentpunt.

De fondsen moeten echter sinds dit jaar de zogeheten beleidsdekkingsgraad aanhouden, het gemiddelde over de afgelopen twaalf maanden. Die graadmeter, die aangeeft hoeveel geld een fonds heeft om aan alle toekomstige pensioenverplichtingen te voldoen, daalde het afgelopen kwartaal nog bij alle vijf grote fondsen.

Bij ABP ging de graadmeter licht omlaag naar 101,3 procent, Zorg en Welzijn zakte iets harder naar 102 procent. PMT zag zijn dekking teruglopen tot 101,7 procent en PME tot 101,1 procent. Bij bpfBouw daalde de dekkingsgraad ook iets, maar die zit met 114,1 procent nog op een flink hoger niveau.

Rooskleurig beeld

De cijfers geven eigenlijk nog een te rooskleurig beeld. Ondanks protesten van de pensioenfondsen en de vakbonden greep De Nederlandsche Bank deze week namelijk in bij de methode waarmee de fondsen hun dekkingsgraad moeten berekenen. De zogeheten rekenrente is verlaagd, omdat het percentage waarmee gewerkt werd al tijden niet meer is gehaald, en ook in de nabije toekomst naar verwachting niet wordt gehaald.

De verlaging van de rekenrente is per 15 juli ingegaan en is dus nog niet te zien in de vrijdag gepresenteerde kwartaalcijfers. Maar de ingreep trekt de dekkingsgraad de komende tijd op jaarbasis gemiddeld met zo'n 3 procentpunt omlaag. De fondsen zullen hun buffers dus nog verder moeten verhogen, waardoor indexatie (verhoging) van de pensioenen verder uit beeld raakt en de premies mogelijk omhoog moeten. 'Een hard gelag voor onze deelnemers', stelde PMT-directeur Guus Wouters vrijdag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden