Optimistisch, of toch gek?

In het voorjaar van 2008 werd Victor Muller, tot dan beschouwd als een dapper ondernemer waarvan we er in Nederland veel te weinig hadden, afgeschreven als een arrogante corpsbal met grootheidswaan....

Het is april 2008 en Victor Muller zit in zijn kantoor in een onopvallend bedrijfsgebouw op een onooglijk bedrijventerrein in Zeewolde. Hij oogt gespannen en gefrustreerd. Op de vraag wat zijn geheim als ondernemer is, antwoordt hij: ‘Dat heeft me nog niet veel goeds gebracht, toch, mijn geheim als ondernemer?’

U heeft voor het eerst in jaren een autofabriek in Nederland opgericht. Dat kan niet iedereen.

‘Daar kan ik kort over zijn. Het is gewoon een kwestie van nooit opgeven, gewoon doorgaan, doen alsof je gek bent. Als je je oren laat hangen naar wat men vindt, krijg je niets gedaan in dit land.’

Is dat het enige? Je moet toch ook goed kunnen enthousiasmeren?

‘Je kunt je afvragen of ik daar goed in ben. Het is me in elk geval niet gelukt Nederland enthousiast te krijgen. Maar in het buitenland werkt het verdomde goed. Daar krijg ik wel de respons die nodig is om geld te verdienen.’

Muller staat op dat moment op het punt definitief te worden afgeschreven. ‘De veelgeplaagde Spyker-topman Victor Muller gaat nog dit jaar emigreren’, heeft De Telegraaf op 14 april geschreven. Hij zou op zijn jacht Avanta gaan wonen, dat ‘ligt afgemeerd in het zonnige Florida’. Totale onzin, zegt Muller. ‘Ik heb tegen die journalist gezegd: ‘Ik ga niet emigreren’, maar dat geloofde hij blijkbaar niet. Want wie ben ik? Ik zal er wel over jokken, toch?’

Muller is extra gegriefd, omdat hij altijd het beste met Nederland heeft voorgehad. Hij wilde stiekem dezelfde rol spelen als Anthony Fokker ooit: ‘Hij hield het ook niet erg goed uit in Nederland en vertrok naar Amerika. Hoe goed kan ik dat begrijpen?’ De Spykerfabriek in Zeewolde was slechts het begin. Uiteindelijk zou in Lelystad Spykerworld verrijzen, een enorme fabriek, annex tentoonstellingsruimte. ‘Naïeve gek die ik ben, dacht ik: dat zal Nederland wel leuk vinden.’

Maar Nederland vond het niet leuk. Victor Muller, tot 2007 beschouwd als een dapper ondernemer, een echte entrepreneur waarvan we er veel te weinig hadden, was afgeschreven als een arrogante corpsbal met grootheidswaan.

Nog geen twee jaar later en nog geen 600 kilometer noordelijker ziet de werkelijkheid voor Muller er ineens heel anders uit. Hij wordt in het Zweedse Trolhättan op een podium gehesen en luid toegejuicht. Saab-werknemers houden borden met ‘Victory for Victor’ in de lucht. De Nederlander heeft een roemrucht automerk en duizenden banen gered.

‘Hij krijgt nu de erkenning die hij in Nederland altijd heeft gemist’, zegt André Hoogeboom, die het boek Spyker, langs de afgrond schreef. ‘Hier werd hij de laatste jaren met stront overgoten. Ik begin steeds meer respect te krijgen voor die man. Ken jij iemand die hetzelfde heeft gedaan? Ik niet.’

Waaraan heeft Muller deze wonderbaarlijke wederopstanding te danken? ‘Dit is de overwinning van het optimisme op de realiteit’, zei een kenner van de auto-industrie deze week in The New York Times. De realiteit is dat een autoproducent die al twintig jaar verlies maakt en die zijn verkoopcijfers in een jaar heeft zien halveren, wordt gered door een Nederlandse fabrikant van sportwagens die al tien jaar verlies lijdt, die misschien tien sportwagens per jaar aan de man brengt en die de afgelopen jaren overeind werd gehouden door een jonge Rus, om wie al tijden een zweem van criminaliteit en witwasserij hangt.

De reden dat deze overeenkomst toch is gesloten kan alleen het mateloze optimisme van Victor Muller zijn. ‘Hij ziet altijd weer kansen, waar anderen die niet zien. En hij gaat altijd door waar anderen ophouden’, zegt Maarten van der Pas, die met Robert van de Oever het boek Spyker Een Dollemansrit schreef.

Muller is een mooi symbool van het snel groeiende geloof dat je alle problemen kunt oplossen als je maar optimistisch genoeg bent. Hij ontwikkelt zich als een prominent lid van de smile or die generatie, beschreven door de Amerikaanse journalist Barbara Ehrenreich: als iedereen nou maar stopt met somberen, kunnen we niet alleen van kanker genezen, maar ook de kredietcrisis tot het verleden laten behoren én Saab van de ondergang redden.

Grootheidswaan
Maar wanneer slaat gezond optimisme om in grootheidswaan? Mullers lef en tomeloze energie (naar eigen zeggen werkt hij vaak 140 uur per week) dwingen ontzag af, maar soms lijkt het of hij in een manie is blijven hangen en elk zicht op de werkelijkheid is verloren. Hij neemt het motto van zijn onderneming Nulla tenaci invia est via (‘voor volhouders is geen weg onbegaanbaar’) wel erg letterlijk. Mullers toekomstvisioenen zijn vaak zo onrealistisch, dat hij voor iets minder optimistisch gestemde geesten al snel begint te lijken op een clown of een oplichter.

‘Je moet hem in ieder geval nageven dat hij keer op keer investeerders aan zich weet te binden’, zegt Van der Pas.

Muller haalden zijn investeerders eerst uit Nederland: John de Mol, Michiel Mol en vriend Marcel Boekhoorn. Toen die niet meer wilden, trok hij naar het Midden-Oosten: Mubadala uit Abu Dhabi is een grootaandeelhouder. En toen die ook niet meer wilde, kwam hij met Vladimir Antonov op de proppen, een 33-jarige Rus. Van der Pas: ‘De geldschieters worden steeds exotischer, maar hij vindt ze elke keer wel weer.’ Bij de overname van Saab heeft Muller zichzelf opnieuw overtroffen. Hij heeft honderden miljoenen euro’s bij elkaar geharkt.

Ze vallen allemaal voor Mullers toekomstvisioenen en zijn aanstekelijke verkoopverhaal. Tegelijkertijd is het onmogelijk te controleren of die visioenen al een beetje werkelijkheid aan het worden zijn. Zo weet niemand precies hoeveel Spykers er wereldwijd zijn verkocht. ‘Ik heb getracht het te achterhalen’, zegt Jeroen Willard van AEK, de enige analist die Spyker nog volgt, ‘maar ik ben het spoor bijster geraakt. Het laatste rapport over Spyker dateert uit 2007.’ Het concern blijkt niet in staat te zeggen hoeveel auto’s het in 2009 heeft geproduceerd en verkocht. ‘Daaruit blijkt wel dat de organisatie nog steeds niet op orde is.’

Muller weet de aandacht keer op keer af te leiden door met nieuwe modellen te komen op de jaarlijkse autosalon in Genève. Hij kondigde in 2006 al aan een Super SUV te maken, een enorme sportwagen, vooral bedoeld voor de nouveau riche in Rusland. Aan het eind van de autoshow had hij naar eigen zeggen al 114 ‘getekende orders’ binnen. De auto zou in 2007 in productie gaan, maar is er nog steeds niet. In 2007 kondigde hij de komst van de C12 Zagato aan. Deze luxe Spyker, die in beperkte oplage zou verschijnen, zou bijna vijf ton moeten gaan kosten en in 2008 in productie gaan, maar op het prototype na is er nooit een gemaakt.

Vlucht naar voren
Mullers belangrijkste wapen is de vlucht naar voren. Elke keer als de Spykerfabrieken wat moeizamer draaien, als hij zijn toezeggingen niet na dreigt te kunnen komen of als het hem eenvoudigweg niet snel genoeg gaat, tovert hij nóg grootsere plannen uit zijn hoed. Dat deed hij voor het eerst in 2002. Spyker bestond nog geen twee jaar, maar Muller schreef zich niettemin in voor de 24-uursrace van Le Mans. ‘Het prototype was toen nog volop in ontwikkeling’, zegt Hoogeboom, die de race volgde als journalist voor de GPD. ‘Het was een levensgevaarlijke exercitie.’

Hij deed het weer in 2006, toen Spyker een heel Formule 1-team opkocht om zich in een klap tussen grote merken als Ferrari, Mercedes en Renault te positioneren. Hoogeboom: ‘Dat was grenzeloos naïef. Dat heeft Muller zelf later ook toegegeven.’

Tot nu toe richtten de vluchten naar voren vooral grote schade aan. Maarten de Bruijn, de ontwerper met wie hij Spyker had opgericht, haakte in 2005 af. Hij vond het hoge tempo waarin Muller het bedrijf en nieuwe modellen wilde ontwikkelen onverantwoord.

De mislukking van het Formule 1-avontuur bracht het concern aan de rand van de afgrond. Muller had de sponsorinkomsten enorm overschat, coureur Christian Albers presteerde ver onder de verwachtingen en Muller en Michiel Mol – die hem had geholpen het avontuur te financieren – konden niet met elkaar overweg. Er restte een strop van tientallen miljoenen. Spyker ging bijna failliet, Muller werd tijdelijk op een zijspoor gezet. Pas toen zich van de hulp van Antonov had verzekerd, maakte hij eind 2007 zijn comeback.

Het nadeel van vluchten naar voren, is dat je er niet zomaar mee op kunt houden. Hoogeboom: ‘Deze do-or-die-acties zijn voor hem een overlevingsstrategie. En je kunt niemand kwalijk nemen dat hij probeert te overleven. Zijn we daar niet allemaal mee bezig?’

Zijn voorlopig laatste vlucht naar voren komt voort uit bittere noodzaak. Spyker was in 2009 nog steeds zwaar verlieslatend, waardoor Muller steeds zwaarder moest leunen op Vladimir Antonov. ‘De leningen waren zich aan het opstapelen, waardoor de rentebetalingen snel stegen’, zegt analist Willard. ‘Ik ben bang dat de overname van Saab nog zijn enige overlevingsmogelijkheid was..’

Muller vecht ook voor zijn eigen hachje, denkt Hoogeboom. ‘Al zijn geld zit in Spyker, er is geen weg terug.’ Muller vergaarde ooit een vermogen met de verkoop van het sleepbedrijf Wijsmuller en de beursgang van kledingmerk McGregor. Maar het vermoeden bestaat dat hij dat hele vermogen inmiddels in Spyker heeft zitten. ‘Dat gaat niemand een flikker aan’, zegt hij daar in 2008 over, maar ook: ‘Ik ben nog steeds in goeden doen en dat blijft zo, als ik geen gekke bloopers maak met Spyker.’ Feit is dat hij zijn villa in 2008 heeft verkocht en volgens het Kadaster geen nieuw huis heeft aangeschaft.

Vertrouwen
De grote vraag is waarom degelijke partijen als de Zweedse overheid en GM hun vertrouwen in Muller hebben gesteld. De historie van Spyker kan weinig vertrouwen inboezemen. Je zou bijna gaan vermoeden dat Muller als stroman wordt gebruikt. De Zweedse regering wil met het oog op de aanstaande parlementsverkiezingen niet dat Saab nu al omvalt en General Motors ziet op tegen de dure ontmanteling van de fabrieken en krijgt er liever nog wat geld voor.

Muller heeft een overeenkomst in elkaar gesleuteld die alle verlangens bevredigt. GM heeft het idee dat het uiteindelijk 400 miljoen euro van Muller krijgt, de Zweedse regering kan uitstralen dat Saab is gered, voorlopig zonder extra kosten voor de belastingbetaler.

Muller heeft de overname van Saab op dezelfde manier vormgegeven als de overname van het Formule 1-team. Hij betaalt slechts een klein deel aan en belooft de rest de komende jaren te voldoen, als de Saabs – en Spykers – weer van de band rollen. Hij neemt weer een flink voorschot op een toekomst die volgens hem geweldig zal zijn.

Wie minder optimistisch van aard is, ziet vooral drie partijen die zich in wanhoop aan elkaar vastklampen om de onvermijdelijke executie nog even uit te stellen. Leif Östing, topman van de Zweedse truckbouwer Scania, ziet dat ook zo. ‘Saab laten leven is een onmogelijk opdracht. We moeten stoppen te geloven in illusies.’

Dat vindt Hoogeboom te snel geconcludeerd. Je moet niet uitsluiten dat deze laatste vlucht naar voren hem de overwinning gaat opleveren, vindt hij. ‘Hij zou voor het eerst een echt slimme strategie hebben bedacht. Misschien gaan wij ons met onze sceptische instelling nog deerlijk vergissen. Saab is een verstoft merk. Muller kan wat dynamiek terugbrengen.’

Ook analist Willard ziet geen reden om Muller af te schrijven. ‘Het is een fantastische merkenbouwer en een ideeënman. Hij moet alleen een man aanstellen die ervoor zorgt dat de dingen die hij beloofd ook worden uitgevoerd.’

Muller is alle kritiek alvast voor met de uitspraak. ‘Mensen kunnen zich er niets bij voorstellen, maar dat komt omdat ik ondernemer ben en zij niet.’ Hoogeboom heeft zich erbij neergelegd, dat hij Muller niet altijd kan volgen. ‘Dit gebeurt allemaal in een wereld die voor ons stervelingen onbegrijpelijk is.’

Het lijkt Muller niets meer uit te maken wat de Nederlanders van hem denken. De productie van Spykers wordt overgeheveld naar Coventry. Binnenkort is de Amsterdamse beursnotering nog het enige Nederlandse element aan Spyker-Saab. Op de vraag van Jeroen Pauw, wat Nederland eigenlijk had aan de overname van hij, antwoordde Muller dan ook. ‘Geen bal.’ En op de vraag van Rob Trip, een dag later, of hij verwachtte in Nederland met net zoveel gejuich te worden ontvangen, zei Muller. ‘Dat is irrelevant.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden