Oppositie wil loonkloof dichten, maar wat is de beste oplossing?

De oppositie wil een wetswijziging om de loonkloof tussen mannen en vrouwen te dichten. Vier vragen over de loonkloof tussen de seksen.

Voor de Tweede Kamer staat een geldbad, waarin vrouwen worden uitgenodigd om te baden in het gemiddelde loonverschil tussen mannen en vrouwen Foto anp

Hoe groot is de loonkloof tussen mannen en vrouwen?

In 2014 verdienden vrouwen in het bedrijfsleven 20 procent minder dan mannen, stelde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) anderhalf jaar geleden vast in een onderzoek voor het ministerie van Sociale Zaken. Bij de overheid was dat verschil 10 procent. Het gemiddelde verschil komt daardoor uit op 16 procent.

Die verschillen zijn voor grotendeels verklaarbaar, zegt het CBS. Zo betalen typische 'vrouwenberoepen' (zorg en welzijn, horeca en 'haarverzorging') minder dan bedrijfstakken als de financiële sector, waarin meer mannen werken. Ook hebben vrouwen gemiddeld genomen minder werkervaring dan mannen - vaak door een 'loopbaanonderbreking' vanwege kind(eren). Het gemiddelde opleidingsniveau van vrouwen is ook (nog) lager. Vrouwen werken ook vaker in deeltijd, wat negatief doorwerkt in het salaris, zijn minder vaak leidinggevende.

Als deze factoren worden meegewogen, blijft er een 'gecorrigeerd loonverschil' over van 5 procent bij de overheid en 7 procent in het bedrijfsleven. Of die resterende, niet goed verklaarbare loonkloof te wijten is aan seksediscriminatie of andere oorzaken heeft, weet het CBS niet.

Wat kan de verklaring zijn?

Dat vrouwen qua beloning gediscrimineerd worden, staat vast. De Commissie Gelijke Behandeling stelde in 2012 vast dat een Limburgse zorgstichting een man ten onrechte 375 euro per maand meer betaalde dan zijn vier vrouwelijke collega's. Hij kreeg dat extra salaris voor 'coördinerende taken' die de man nooit uitvoerde.

In het Verenigd Koninkrijk ontstond begin dit jaar ophef toen de China-correspondente van de BBC haar baan opzegde. Ze deed dat, omdat ze veel minder verdiende dan haar mannelijke collega's - zelfs na de loonsverhoging van 33 procent die ze na haar klacht kreeg aangeboden. Bij de Nederlandse publieke omroep zijn er 'geen aanwijzingen voor ongerechtvaardigde ongelijke beloning van mannen en vrouwen', zei toenmalig staatssecretaris Sander Dekker in september.

In hoeverre werkgevers - al dan niet bewust - vrouwen ten onrechte minder betalen dan mannen, is onduidelijk. Een van de mogelijke verklaringen voor het 'onverklaarbare' beloningsverschil is dat vrouwen meer belang zouden hechten aan secundaire arbeidsvoorwaarden als verlof, dan aan de hoogte van het salaris. Ook zouden ze minder goed zijn in salarisonderhandelingen dan mannen.

Uit recent FNV-onderzoek bleek dat mannen en vrouwen even vaak over hun salaris onderhandelen (56 procent), maar dat mannen daarbij vaker succes boeken (30 tegen 22 procent).

Wat wil de oppositie?

PvdA, GroenLinks, SP en 50-Plus kondigden deze week een wetsvoorstel aan waarin organisaties met 50 werknemers of meer verplicht worden aan te tonen dat ze gelijk loon betalen voor gelijk werk. Anders kunnen boetes volgen. Deze 'omgekeerde bewijslast' moet de resterende loonkloof dichten. Nu moeten werknemers zelf aantonen dat ze onterecht minder salaris krijgen dan collega's met dezelfde functies.

De voorstanders van het wetsvoorstel verwijzen naar IJsland, waarin sinds 1 januari strafbaar is om vrouwen zonder goede reden slechter te belonen dan mannen. IJslandse bedrijven moeten zelf aantonen dat ze gelijk betalen voor gelijk werk. Die (verplichte) bewijsvoering zou werkgevers in Nederland ook bewuster maken van de loonverschillen, aldus de voorstanders. Nu realiseren werkgevers zich vaak niet dat er een probleem is.

Tegenstanders - de werkgevers voorop - wijzen erop dat zo'n wet enorme administratieve rompslomp met zich meebrengt. Volgens hen is het veel effectiever om eerst eens uit te zoeken wat de oorzaak is van die resterende loonkloof van 5 tot 7 procent. Bovendien is het ook in Nederland al verboden mannen en vrouwen met dezelfde functie en ervaring ongelijk te belonen. Dat verbod staat in de Wet gelijke behandeling.

Wat is de oplossing?

Het goede nieuws is dat de loonkloof tussen mannen en vrouwen kleiner wordt. Volgens het CBS verdienden vrouwen in 2008 bij de overheid nog 7 procent minder dan mannen en in het bedrijfsleven 9 procent. Zes jaar later was dat verschil dus teruggelopen tot respectievelijk 5 en 7 procent. Bovendien verdienen jonge vrouwen inmiddels meer dan mannen, omdat ze hoger zijn opgeleid dan hun mannelijke leeftijdgenoten. Bij de overheid ligt het omslagpunt op 36 jaar en in het bedrijfsleven op 30 jaar.

De werkgevers stellen monter vast dat het probleem dus vanzelf verdwijnt als deze trend zich voortzet. Of het echt zo eenvoudig gaat, is ongetwijfeld weer onderwerp van discussie op de volgende Equal Pay Day (3 november, als 84 procent van het jaar erop zit) en Internationale Vrouwendag (donderdag 8 maart).