Analyse Nederlandse Gamesindustrie

Op zoek naar de Hollandse Fortnite, de Nederlandse gamesindustrie lijkt vast te zitten in level 2

Een beeld uit Bone Voyage, gemaakt door studenten van de Breda Universiteit voor toegepaste wetenschappen. Team Cobblestone kreeg de meeste stemmen in een verkiezing voor de beste game op het Utrechtse game-evenement IndigoX. Beeld Team Cobblestone

In de gamesindustrie gaat wereldwijd 119 miljard euro om. Het aandeel van de Nederlandse studio’s blijft klein. ‘De meeste gamemakers missen zakelijk instinct en durf.’

Aan talent geen gebrek in de Nederlandse gamesindustrie. Neem Alliath Hammed, een 18-jarige Syriër die de oorlogsellende in zijn land ontvluchtte en al sinds zijn zevende aan games knutselt. Op de IndigoX-gamebeurs vorige week in Utrecht toonde hij zijn game-in-wording TinyShot. Waarin een klein wezentje horden monsters van zich afslaat, in de stijl van het bekende computerspel The Binding of Isaac. ‘Ik ben een fan van de maker, Edmund McMillen’, vertelt Hammed.

Hammed bouwde de game in z’n eentje. Zonder gamesopleiding. Zonder financiering. ‘In drie weken.’ Hammed was op IndigoX een van de 31 makers die hun games mochten pluggen bij potentiële geldschieters.

Zoals Hammed zijn er meer. Volgens de Games Monitor 2019, een nieuw onderzoek naar de stand van de branche, zijn er in Nederland 575 gamesbedrijven. Daarvan zijn er 186 eenpitters. De meesten hebben een vakopleiding achter de rug. In veel gevallen vonden ze na hun studie geen baan bij een bestaande studio’s. Dus begonnen ze er zelf eentje, om de game te maken die ze zelf willen spelen.

De meeste bedrijfjes zullen iets groeien, als gelijkgestemde zielen de handen ineenslaan. Maar klein blijven ze. Zestig procent van de studio’s heeft een personeelsbestand dat past in een gezinsauto, becijfert de Games Monitor. Driekwart van de ondernemingen kan toe met twee auto’s. Nog steeds heeft Nederland pas vier studio’s die meer dan honderd mensen aan het werk houden.

De branche in kaart brengen bleek niet eenvoudig. ‘We kwamen bij onze inventarisatie veel bedrijven tegen die nog stonden ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en die hun spelletjes verkopen via Steam (een grote webwinkel voor gamedownloads – red.) Maar ze bestonden niet meer’, aldus een van de samenstellers van de Games Monitor.

Groot geld wordt er niet verdiend. De Games Monitor neemt een ruime marge: de gezamenlijke omzet bedroeg vorig jaar tussen de 225 miljoen en 300 miljoen euro, tegen 150 tot 225 miljoen vier jaar terug. Volgens adviesbureau PwC geven consumenten in Nederland dit jaar 1,06 miljard euro uit aan games, maar dat verdwijnt dus grotendeels over de grens.

De helft van de lokale gamesbedrijven zet een ton of minder om; 40 procent minder dan de helft. Ter vergelijking, ook al is die niet helemaal eerlijk: de uitgever van het razend populaire, wereldwijde internetfenomeen Fortnite, Epic, verdiende vorig jaar omgerekend 184 miljoen euro aan de verkoop van virtuele kleding en gereedschap in de game. Per maand. Geen wonder dat Epic eind deze maand een toernooi kan houden met 26 miljoen euro aan prijzengeld.

Hoog bezoek

Vijf jaar geleden leek de Nederlandse gamesbranche eindelijk volwassen te worden. Ministers knipten linten door bij de opening van nieuwe studio’s, gamesontwikkelaars schudden de hand van het koninklijk paar. De minister-president kwam over de vloer van de Dutch Game Garden, een broedkamer voor startende gamemakers.

‘Ik vind het inspirerend’, tekende De Utrechtse Internet Courant op uit de mond van Rutte. ‘Dit is een business die niet teert op subsidie, maar door innovatie probeert het hoofd boven water te houden.’ Het ministerie van Economische Zaken beloofde vijf miljoen euro bij te dragen aan een particulier investeringsfonds voor games. Dat fonds ging vorig jaar roemloos ten onder.

In 2019 is de sector iets gegroeid, maar spectaculair is de sprong niet te noemen. Het aantal mensen werkzaam in de gamesindustrie steeg in vier jaar met ruim 900 naar dik 3.800. Bij lange na niet genoeg om een plek te bieden aan alle 900 mensen die elk jaar van de 44 gamesopleidingen komen. Er is een troost: vrijwel niemand zit zonder werk. Met hun kennis kunnen spellenmakers gemakkelijk elders aan de slag.

De successen

Om in gamestermen te spreken: de gamesindustrie lijkt vast te zitten in level 2. Waarom? ‘Veel mensen in onze branche kunnen hele mooie dingen maken’, analyseert Jan-Pieter van Seventer, directeur van de Dutch Game Garden in Utrecht. ‘Maar om in het enorme aanbod van games op te vallen moet je een stapje verder zetten. Dan zul je ook bedrijfsmatig meer lef moeten tonen. De meeste gamemakers missen een zakelijk instinct en durf.’

René Derks, gamesopleider aan de Breda University, beaamde dat, vorige week tijdens een paneldiscussie in Utrecht. ‘Ondernemen trekt de meeste studenten niet.’ Toch begint lang niet iedereen meer voor zichzelf, denkt Derks. ‘Studenten zijn zich er van meer bewust dat ze na hun opleiding terecht kunnen bij middelgrote en grote studio’s in het buitenland.’ In Groot-Brittannië is een grote vraag naar ontwikkelaars.

Dat het aantal bedrijven en banen groeit zegt niet zoveel, vindt Alessandra van Otterlo, uitgever van het vakblad Control. ‘Wat de Games Monitor niet laat zien zijn de successen van studio’s als Triumph en Vertigo. Die zijn veel belangrijker. Die stralen af op de hele industrie. Ze vallen ook op in het buitenland. Daar moet het geld vandaan komen.’

Van Seventer: ‘De meeste Nederlandse investeerders zijn te voorzichtig. Ze kennen de gameswereld niet. We hebben smart money nodig, geld van mensen met verstand van games. Mensen die je niet hoeft uit te leggen hoe de techniek werkt en waarom je soms meer tijd nodig hebt dan je eerder had gezegd.’

Van Seventer zou graag zien dat Nederlanders die het hebben gemaakt in de industrie en miljoenen verdienden geld stoppen in beloftevolle projecten om de boel aan te jagen. Dat deden gamesmiljonairs in Zweden en Finland vijf jaar geleden, twee landen die nu op Nederland vooruitlopen.

Het succes kwam overigens in Scandinavië ook niet uit de lucht vallen. De Finse studio Rovio bracht 51 mager scorende games uit voor het in 2009 de jackpot won met Angry Birds. Van Seventer: ‘En bij Rovio hebben ze nu grote moeite om dat succes te evenaren.’

Tim Laning, een gamesveteraan en medeoprichter van Grendel Games in Leeuwarden, denkt dat het wel goed komt met de gamesindustrie, na wat hij heeft gezien op de IndigoX-beurs in Utrecht. ‘Wij vonden de beroepsopleidingen vroeger ondermaats. Als je nu de presentaties ziet, zou je niet zeggen dat het om studentenprojecten gaat. Je ziet de groei.’

Alliath Hammed kan gerust zijn: voor hem en zijn TinyShot is er een toekomst.

GUERRILLA: DE WITTE RAAF

De grootste Nederlandse gamesstudio is Guerrilla Games in Amsterdam, dat vorig jaar een kantoor betrok met plaats voor 400 werknemers. Guerrilla brak in 2004 internationaal door met Killzone. Het jaar daarop werden ze ingelijfd door Sony. Twee jaar geleden scoorde Guerrilla Games een hit met Horizon Zero Dawn. Daaraan werkten intern 270 mensen mee. Daarnaast werd werk uitbesteed aan bedrijven in onder meer Servië, de VS, het Verenigd Koninkrijk, Brazilië, Taiwan en China. Er waren zoveel mensen bij betrokken dat de aftiteling van Horizon Zero Dawn 35 minuten duurt. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden