Reportage

Netjes vechten voor naamsbehoud Elsevier

Weekblad Elsevier, waaruit het reusachtige uitgeversbedrijf Relx Group is voortgekomen, moet het veld ruimen. De redactie vreest dat er weinig van het blad overblijft zonder merknaam.

Journalisten van het tijdschrift Elsevier delen woensdag tasjes uit aan aandeelhouders. Het concern wil dat het blad zijn naam afstaat. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Eieren ontbreken, en ook tomaten blijft de zachte blauwe stof van de maatpakken bespaard, woensdagmiddag in het Sheraton bij Schiphol. Maar kwaad zijn ze wel, de demonstrerende Elsevier-redacteuren. Het moederbedrijf gooit hen én in de verkoop na 125 jaar trouwe dienst, briesen ze, én dwingt hun zorgvuldig opgebouwde naam af te staan. Want als het aan uitgeversconcern Relx ligt, is het binnenkort einde oefening voor weekblad Elsevier.

Pure titelroof, volgens de protesterende redacteuren. 'Wij hebben meer recht op de naam Elsevier dan het concern Relx', zegt de boomlange wetenschapsredacteur Simon Rozendaal (65), terwijl bezoekers van de aandeelhoudersvergadering zijn roep om aandacht grotendeels negeren. 'Wij zijn veel ouder. Sterker nog: (weekblad) Elsevier heeft de groei van de wetenschappelijke tak van Elsevier mogelijk gemaakt. Ik begrijp dat ze ons willen verkopen, maar die naam is van ons.'

Weekblad past niet in bedrijfsstrategie

Het dreigt een langslepend conflict te worden. Relx Group, tot vorig jaar bekend als Reed Elsevier, is het reusachtige uitgeversbedrijf dat is voortgekomen uit wat ooit begon als maandblad Elsevier. Uit de winst die dit blad in de beginjaren opbracht, ontstond een tak met wetenschappelijke en medische publicaties die het huidige opinieweekblad Elsevier inmiddels ver overschaduwt. Zo ver zelfs, dat de grondlegger van weleer nu het veld moet ruimen en zijn naam moet achterlaten; het weekblad past niet meer in de bedrijfsstrategie van Relx.

Het is geen triviale gevoelskwestie; de tijdschriftenmarkt staat onder grote druk. Elsevier draait de afgelopen jaren met een gezonde winst, maar veel redactieleden vrezen dat daar weinig van overblijft als de merknaam waar hun lezers zich mee verbinden van de omslag verdwijnt. Dat gaat banen kosten. Bovendien: in de ogen van aanwezige redactieleden schaft de leiding van een Angelsaksisch bedrijf even 125 jaar Nederlandse persgeschiedenis af en toont zich daarbij weinig open tot overleg. De onderhandelaars klagen dat ze niet eens worden terug gemaild door het bestuur in Londen.

Is er wel een succesvol voorbeeld?

Relx ziet dat heel anders, blijkt tijdens de vergadering. Twee Elsevier-redacteuren hebben voor de gelegenheid aandelen aangeschaft en eisen daarmee hun spreekrecht op. Syp Wynia, woordvoerder van ontstemde redactieleden, vuurt de vragen af: Waarom doet u aan kapitaalvernietiging van aandeelhouders door weekblad Elsevier zonder naam te verkopen, en hoeveel geld ging daardoor van de verkoopwaarde af? Kunt u één bedrijf in deze branche noemen dat een succesvolle rebranding tot een andere merknaam overleefde? Kunnen anderen in uw bedrijf wel zo'n voorbeeld geven?

Wynia en zijn collega krijgen bijval van vier Nederlandse aandeelhouders, onder wie een gepensioneerde Brabantse kaasgroothandelaar die via de simultaanvertaling de Britse bestuursvoorzitter Anthony Habgood vergeefs maant in het Nederlands te spreken. De kwestie-Elsevier kaapt daarmee het eerste uur van de aandeelhoudersvergadering, tot frustratie van Habgood, die aanwezigen herhaaldelijk verzoekt om vragen over een ander onderwerp - 'enig ander onderwerp' - te stellen.

Slechts een piepklein onderdeeltje

De vraag is hoeveel het oplevert; de bestuurders achter de tafel op het podium geven geen krimp. Een opinieweekblad op papier past niet bij Relx' toenemende focus op wetenschappelijke literatuur en online-dataverstrekking en -analyse aan professionals, redeneert het bedrijf. Daarom hebben ze tientallen vergelijkbare publicaties in andere landen van de hand gedaan. En de naam Elsevier omvat een wetenschappelijke publicatiepoot met een wereldwijde jaaromzet van bijna 3 miljard dollar - het weekblad is slechts een piepklein onderdeeltje. Er is geen sprake van dat zij de naam mogen meenemen, blijft bestuursvoorzitter Habgood herhalen. Relx heeft een koper gevonden die in Elsevier wil investeren, en is bereid om het weekblad vier tot acht jaar de tijd te geven voor de overgang naar een andere naam. Daarmee heeft Relx wat henzelf betreft genoeg gedaan.

De Britten spelen het hard, en dus houden ook hun tegenstanders de poot stijf. De redactievergadering van weekblad Elsevier heeft vorige week vrijdag het voorstel tot verkoop afgewezen en volgens het redactiestatuut mag de eigenaar van het blad daar alleen tegenin gaan als er 'zwaarwegende belangen' in het spel zijn. Zo nodig stapt de redactie naar de rechter, zegt actiewoordvoerder Wynia.

'Maar ik ben gematigd optimistisch', zegt hij nadat bestuursvoorzitter Habgood zijn vragenvuur eindelijk heeft weten te beëindigen. 'Habgood gaf aan dat overleg mogelijk was. Misschien kunnen we een deel van de naam houden. Ik zeg maar iets.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.