Nederlandse rijken zijn wel/niet rijker geworden

De Nederlandse rijken zijn de afgelopen jaren niet rijker geworden, stelt de Leidse hoogleraar Koen Caminada. Een veel te vergaande conclusie, zeggen critici.

Christina Curry (M) voorafgaand aan de openingsavond van Masters of LXRY, een exclusieve, toonaangevende lifestyle beurs in de RAI.Beeld anp

In opdracht van het Internationaal Monetair Fonds onderzochten hoogleraar Koen Caminada en zijn collega's de inkomensontwikkeling van de bovenste 10 procent van de Nederlandse huishoudens. Zij baseerden zich daarbij op de 'microgegevens', belastingaangiften van honderdduizend huishoudens in de periode 1990-2012.

Het aandeel van deze bovenste groep in het totale bruto inkomen blijkt de afgelopen decennia vrij stabiel rond de 25 procent. De onderzoekers zoomen nog wat dieper in op de grootverdieners door ook te kijken naar de top 5 procent, 1 procent en 0,1 procent. Maar ook binnen die groepen zijn er amper verschuivingen. Zelfs de superrijken zijn er dus niet significant op vooruitgegaan, stellen Caminada en zijn collega's.

In het onderzoek wordt niet bekeken hoe die bruto-aangiftengegevens zich verhouden tot de netto-inkomens van de best verdienenden. Maar de onderzoekers laten wel zien dat de groep rijken als geheel afgelopen decennia relatief meer inkomstenbelasting is gaan betalen. 'Het beeld dat de rijken steeds rijker worden gaat dus ten aanzien van de Nederlandse inkomensverdeling niet op', schrijven de onderzoekers.

Het gelijk van Piketty

Met die conclusie laaide dit weekend direct het debat op over het gelijk van de Franse econoom Thomas Piketty, die betoogt dat de bezittende klasse steeds rijker wordt. 'Het verhaal van Piketty gaat vooral op in de Verenigde Staten, maar niet in Nederland', stel Caminada.

Een van de punten waarop de Leidse onderzoekers worden aangevallen, is het feit dat in hun data de winst op vermogen niet goed wordt meegerekend. 'Wel vergelijken met de Verenigde Staten, maar vermogensgroei niet meenemen is slechte wetenschap', zegt econoom Robin Fransman. 'Ik voel plaatsvervangende schaamte bij het lezen van dit onderzoek.'

Vooral de top-5 procent van de Nederlandse inkomens bouwt volgens Fransman vermogen op in zijn eigen onderneming. Dat wordt niet belast als inkomen, terwijl men dat in de Verenigde Staten wel doet. Wanneer dat bedrijf vervolgens wordt verkocht, geldt dat als een vermogenstransactie.

Fransman: 'Dat gaat wel om heel veel geld - kijk naar de deal van John de Mol deze week. Maar het kan ook gaan om een specialist, advocaat of accountant die goodwill uit een maatschap laat uitbetalen.'

Ook de Amsterdamse hoogleraar economie Wiemer Salverda wijst op dit punt. 'Je kunt het mooi zien in 2007; toen was er een tijdelijke fiscale regeling waardoor eigenaren van bedrijven het kapitaal in hun onderneming gunstig konden opnemen. Het levert direct een piekje op in de grafiek van Caminada.'

De Rotterdamse hoogleraar Bas Jacobs kijkt niet op van de conclusies. 'Dit inkomensbeeld was al wel bekend uit eigen onderzoek.' Hij vindt het alleen jammer dat het onderzoek nu weinig zegt over de inkomensverdeling in Nederland, doordat het niet kijkt naar de overige 90 procent van de inkomensverdeling. 'Aan het begin van de jaren tachtig is de ongelijkheid in het onderste deel van de inkomensverdeling toegenomen, omdat de inkomens van uitkeringsgerechtigden minder snel zijn gestegen dan de gemiddelde inkomens door de ontkoppeling.'

Franse econoom Thomas PikettyBeeld afp

Verschuivingen

Er zijn inderdaad verschuivingen geweest, stelt Caminada. Het onderste deel van de inkomensverdeling is volgens hem een zeer heterogene groep. 'Met veel zzp'ers en studenten en bijvoorbeeld mensen die kleine afhaalrestaurantjes hebben waarvan je denkt: hoe redden ze het?'

De grote diversiteit van die groep is een van de redenen dat Caminada terughoudend is cijfers over de onderste groep te publiceren. 'Als daar een cijfer uitkomt, moet je er wel een goed verhaal bij hebben. Dit verhaal is vrees ik niet simpel te vertellen. Het wordt al snel heel politiek geladen.'

Hoogleraar Salverda, die in 2014 voor de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid een onderzoek deed naar de inkomensverdeling, begrijpt weinig van die redenering. 'Er zitten 750 duizend mensen in dat onderste deciel. Dat die groep systematisch minder te besteden heeft, is dan op zich relevant.'

Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden