Nederlandse industrie stemt alsnog in met Energieakkoord

Vrijwillige verplichting tot besparingsprestaties

Onder dreiging van wettelijke maatregelen hebben de grootste energieverbruikers uit de Nederlandse industrie toegezegd dat ze zich toch zullen houden aan het Energieakkoord. Zij zullen vóór 2020 energiebesparende maatregelen treffen ter grootte van 9 petajoule. Dat is meer dan alle huishoudens in een stad als Eindhoven aan gas en stroom gebruiken.

Kolengestookte RWE/Essentcentrale in de Eemshaven. Beeld de Volkskrant

Met de nieuwe afspraken, zegt minister Kamp, is uitvoering van het Energieakkoord uit 2013 veiliggesteld. De herbevestiging van de afspraken was nodig, omdat de energie-intensieve industrie haar toezeggingen in het Energieakkoord op geen stukken na waarmaakte. Vanaf nu zal volgens Kamp de uitstoot van CO2 dalen.

Uit de Nationale Energie Verkenning (NEV) van oktober vorig jaar bleek dat ze hooguit een kwart van haar toezeggingen haalde. Daarop dreigde Kamp met wettelijke maatregelen. 'Dat heeft geholpen', zegt hij, 'Maar het belangrijkste was natuurlijk dat die bedrijven zich graag aan hun eigen beloften wilden houden.'

Besparingsprestaties

De honderd grootste energieverbruikers in de Nederlandse industrie hebben zich 'vrijwillig' verplicht tot besparingsprestaties. Elk bedrijf krijgt een doelstelling toebemeten. Wie dat doel niet haalt, moet een boete betalen aan een daartoe op te richten stichting. Die zal dat geld gebruiken om bij andere bedrijven CO2-besparing te 'kopen'.

Het achterblijven van de klimaatinspanningen van de Nederlandse industrie bleek ook al eerder deze week, toen de Europese Commissie gegevens publiceerde over de uitstoot van CO2 door de grote energie-intensieve bedrijven, inclusief energiecentrales. In Europa daalt die uitstoot al jaren fors, in Nederland steeg hij tot een recordniveau in 2015, dat vorig jaar vrijwel gehandhaafd werd. Nederland wordt hierom steeds vaker gezien als het vieze mannetje van Europa.

Volgens Kamp stijgt deCO2-uitstoot doordat de economie in Nederland goed draait, waardoor raffinaderijen, chemische bedrijven en andere energie-intensieve fabrieken volop draaien. Deze tendens tekent zich al jaren af en komt voor een deel door de bouw van nieuwe kolencentrales in Nederland.

Uit eerdere analyses van Energie Centrum Nederland, de adviseur van de regering op energiegebied, blijkt dat voor energie-intensieve bedrijven besparing amper interessant is. Zij betalen voor gas de helft van de prijs die huishoudens betalen, en maar een kwart voor hun stroom. Dat maakt het minder rendabel om in extra besparingsmaatregelen te investeren, stelt ECN.

Terwijl er kansen genoeg zijn. ECN en Planbureau Leefomgeving becijferden deze week dat de industrie, door meer te recyclen en processen zuiniger te maken, tot 11 miljoen ton CO2 zou kunnen uitsparen, 5 procent van de totale nationale uitstoot. En daarmee zou ze ook nog honderden miljoenen euro's uitsparen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.