Naar Brussel slechts 340 kilometer

Ruim achthonderd bordjes wijzen vanaf het Centraal Station in Amsterdam over 340 kilometer de fietser de weg via Rotterdam, Roosendaal, Antwerpen en Mechelen naar Brussel....

door Marc van de Broek en René Didde

HOOFDSCHUDDEND wijzen Ans en Arie Jurling op het fietsbord voor het station in Roosendaal. De markering op de fonkelnieuwe paal gaat schuil achter de bladeren van een grote linde. De aanduiding op het witgroene bord 'Brussel 180 km, Amsterdam 160 km' valt slechts met grote moeite te ontwaren. 'Daar maken we een aantekening van', zegt Arie. 'Dit kan echt niet', beaamt Ans. De Jurlings zijn twee van de zestig vrijwilligers die bewegwijzerde fietsroutes controleren en het onontbeerlijk onderhoud plegen. 'Soms trappen of knippen we woekerend gras weg voor een bordje', vertelt Ans Jurling. Een andere keer zijn ze met een spons in de weer om een vuile paddestoel of een door algen groen uitgeslagen bordje schoon te boenen.

Dat laatste is voorlopig niet nodig. Op een schitterende dag fietsen we langs nieuwe LF 2-bordjes die glimmen in de zon. Het fietspadennet is goed, grotendeels asfalt, hier en daar tegels en betonplaten, terwijl we soms over kleine stukjes met klinkers, kasseien of los grind stuiteren. Onderweg fietsen de Jurlings een stukje mee om te laten zien wat ze doen.

Deze maand opende staatssecretaris Faber (PvdA) van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV) het lange afstandsfietspad LF 2. Ze nam ook een website over de route (www.fietsplatform.nl) in gebruik. 'Stedenroute' heet de nieuwe tocht terecht, want wie de ruim achthonderd bordjes over een afstand van 340 kilometer volgt, fietst van Amsterdam via Rotterdam en Dordrecht naar Roosendaal. Daar duikt de stedenroute België in: Antwerpen, Mechelen, Leuven, en ten slotte Brussel.

Het Landelijke Fietsplatform in Amersfoort, dat met geld van het ministerie van LNV handen en voeten moet geven aan het fietspadenbeleid, schat dat het Nederlandse deel van de LF 2 200 duizend gulden kost, vooral vanwege de bordjes. Nog eens twee ton reserveert de organisatie voor het onderhoud van de route gedurende tien jaar. De helft wordt betaald door gemeenten, recreatieschappen en provincies.

Drie jaar is het Fietsplatform bezig geweest met de voorbereiding van de LF 2, en dan nog ontdekken de Jurlings bij de eerste de beste controle net zo'n fout als in Roosendaal. Vermoedelijk is het bord door een onoplettende gemeente-ambtenaar in het vroege voorjaar bij de toen nog kale linde neergezet.

In de stad is het fietspad het meest kwetsbaar. Daar is het al een rimboe van borden en andere blikvangers. 'Soms is er een half jaar een brug uit de vaart, dan weer een weg opengebroken', zegt Arie Jurling. En de wildgroei aan uitbreidingswijken en bedrijfsterreinen maken van tijd tot tijd correctie van de route noodzakelijk.

DE bedenkers van de LF 2 hebben een voorliefde voor in- en uitvalswegen langs water, terwijl steevast ook het station in de route is opgenomen om het aantal vertrekpunten te vergroten. 'Brussel 340 kilometer' staat bemoedigend achter het Centraal Station in Amsterdam.

Langs de Amstel worden we de stad uitgevoerd. Via Gouwe en Groene Hart pikt de toerist de Rotte op. Slingerend langs de linker Rotte-oever, en via bruggen met gemene metalen drempels, soms op de rechter Rotte-oever, naderen we Rotterdam. Oude dijkwoningen hebben de havenstad zien oprukken, en voor we er erg in hebben, fietsen we via het groene Hillegersberg op het drukke Hofplein en over de Weena. De ruimte voor de fietser in Rotterdam is ongekend. Zelfs in de spits is de LF-route autoluw.

Na het station gaat het met 35 kilometer per uur over het brede fietspad langs de Boompjes naar de Van Brienenoordbrug. Overal is het fietspad gescheiden van de rijbanen voor de auto's. Op de Ringdijk richting Ridderkerk lijkt Nederland samengebald als een Madurodam in het groot. De oude huisjes van het dorpje Brienenoord en schapen op de dijk staan naast lelijke bedrijfspanden en de opzichtige architectuur van een uitbreidingswijkje. Het is geen gezicht, maar het is Nederland en je fietst erlangs.

Oudere routes, zoals de Noordzee-, de Maas- en de Boerenlandroute, voeren langs rustige wegen waar groen de dominante kleur is. Ander geluid dan het blaten van schapen of het loeien van koeien is uit den boze. De Stedenroute, het tiende bewegwijzerde traject, breekt met de traditie van tien jaar fietsroutes. Ze voert van het gezapige, groene ommeland naar de dynamische jungle van de stad.

Er is een soort strijd gaande, meent Arie Jurling. 'Sommige fietsers willen alleen weilanden en bomen. Anderen willen pleisterplaatsen en nu en dan bij een café zitten.' Dit dilemma leidt voor de LF 2 tot een voor elk wat wils-formule. In de steden en dorpen zijn voldoende stopplaatsen en gelegenheden tot het opsnuiven van cultuur-historie, terwijl de natuurfreaks tussen de steden in het landelijk gebied hun groene hart kunnen ophalen.

Een probleem voor de routeplanners is dat ze niet goed weten wie er over de routes fietsen en waarom ze dat doen. Onderweg ontwaren we nauwelijks lange-afstandsfietsers of toeristen. Wel zien we forensen peddelen met wapperende stropdas en aktetas onder de snelbinders. Stoere huismoeders fietsen met een kar vol kroost naar de stad, Surinaamse jongetjes skaten en skeeleren, en krasse knarren gaan vissen met een tuinstoeltje achterop.

Een klein onderzoek uit 1994 maakt gewag van stellen en opvallend veel eenlingen. Ans en Arie Jurling: 'En vrijwel altijd veertig-plus, nauwelijks twintigers en dertigers.' Andere trefwoorden: hoogopgeleid, kinderen zijn het huis uit.

Soms leidt de drang tot realiseren van een natuurlijk tracé tot fors omrijden. Het platform hanteert als vuistregel een omrijfactor van 1,25. Als de kortste route tussen twee steden honderd kilometer is, mag de LF-route hooguit 125 kilometer bedragen.

Bij Nispen, onder Roosendaal, staat een 'gewoon' rood-wit fietsbordje met de aanduiding 'Antwerpen 31 km', terwijl het groene LF 2-bordje 54 kilometer aangeeft. Dat is een omrijfactor van net geen 1,75. De oorzaak daarvan ligt in het kennelijke genoegen dat de Belgische routeplanners scheppen om de fietser door villawijken te sturen.

In Kalmthout is nog het aardig om de protserige landhuizen van de rijken der lage landen te aanschouwen. Het is een mooie onderbreking van de Kalmthoutse heide, waar orchideeën en veenpluis op de natte, vergraste vlakte gedijen. In de nieuwe doolhof door Brasschaat is de lol eraf om andermaal langs prestigieuze villa's en 'moderne klassieke' kastelen te rijden. Hier wijken de eiken voor de rijken, en fietst de LF-ganger kilometers om.

VASTSTAAT dat de horeca en campings langs zo'n LF-route verzekerd zijn van de nodige cliëntèle, net als de fietsenmakers, buurtwinkels en supermarkten. Hoe groot dat economisch effect is, is niet precies duidelijk. De fietsers geven enige miljoenen guldens per jaar uit langs de fietsroutes, schat het Fietsplatform.

'Dit is een druk puntje, hoor', zegt Claudia Gommeren, serveerster bij De Gouden Leeuw in Nispen. De dorpskroeg staat op het snijpunt tussen twee LF-routes. Amsterdam-Brussel kruist hier Venlo-Middelburg (de LF 13). Bijna op het terras staat een forse LF-paal.

Vooral 'in een goeie zomer' moet ze veel lopen, zegt Gommeren. 'Dan vormt koffie met vlaai een flink deel van de omzet, al valt het me op dat de meeste fietsers zelf brood bij zich hebben.' Gommeren is niet door VVV of gemeente gevraagd of die paal pal voor de deur welkom is, en evenmin of adres en telefoonnummer in de fraaie routebeschrijving van de LF 2 mocht.

Datzelfde geldt voor Henny Zweers, uitbaatster van camping Jolly in Moerdijk. 'Er komen al mensen die om de beschrijving van de nieuwe route vragen, maar ik weet niet waar het gidsje te koop is.' 's Zomers zit Zweers' camping bomvol fietsgasten. De trekkers met de tentjes zijn in de minderheid. 'De wat duurdere fietsvakantie is in opkomst. Ik verhuur meer blokhutten aan fietsers.'

In Antwerpen, waar de lange-afstandfietser in een surrealistisch decor van een veelal vervallen haventraditie arriveert, valt de fietser weg tussen de stadstoeristen. Duidelijk wordt hier dat we in ons eentje nooit een dergelijke autoluwe route kunnen uitstippelen. Antwerpen verlaten we via een wirwar van weggetjes langs oude fabrieksterreinen, boomgaarden en weilanden.

Mechelen bereiken we via de rivier de Rupel over een schitterend zoevend fietspad met voortdurend zicht op de kleiwinning en steenbakkerijen langs de rivier. Na driehonderd kilometer fietsen doemt Leuven op. Dan is het nog iets meer dan veertig kilometer naar Brussel. Vanaf de gemeentegrens is geen bordje meer te vinden. Die worden later geplaatst, belooft het Fietsplatform.

De fietsroutes zijn niet zo bekend als bijvoorbeeld wandelroute Pieterpad, maar toch ligt er al ruim zesduizend kilometer (12.500 bordjes) bewegwijzerde LF-routes in Nederland. De LF 2 is het tiende lange-afstandfietspad in tien jaar.

In 1989 begon het project met de LF 1 (Noordzeeroute), die langs de kust van Den Helder naar België voert. De karakteristieke groene LF-bordjes sieren ook de Maasroute (LF 3), die Arnhem met Maastricht verbindt. De LF 4, Midden-Nederlandroute, gaat dwars door Nederland, van Den Haag naar Enschede. De LF 7 (Oeverlandroute) is deze zomer klaar en leidt van Alkmaar naar Maastricht. De LF 8 is een mooi rondje Twente. De Waddenzeeroute heet LF 10 en verbindt Callantsoog met Nieuwerschans. LF 13 (Schelde-Rijnroute) loopt van Middelburg naar Venlo. De LF 14 (Saksenroute) voert van Lauwersoog naar Enschede. Die stad is ook het eind-of beginpunt van de LF 15 naar Alkmaar via Urk (Boerenlandroute).

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden