Column Peter de Waard

Moeten we echt heimwee hebben naar de peseta?

Vakanties waren tot 2002 educatief. Vreemde valuta in guldens omzetten hielp mensen beter te leren rekenen: de prijs in Franse franc moest door drie worden gedeeld, de Oostenrijke schilling door zes, de Belgische frank door twintig en de lire door 880. De generatie X en het eerste deel van de generatie Y zijn er bollebozen van geworden. Wie dat kunstje nu met het kroost wil doen, moet een stuk verder reizen.

Dat is jammer, net zoals het jammer is dat zoveel topografische kennis verloren gaat nu elke auto uitgerust is met satellietnavigatie en er niet meer op een wegenkaart wordt gekeken. Maar de vooruitgang is niet tegen te houden, hetgeen zowel geldt voor de opkomst van satelliet-navigatie als die van de gezamenlijke munt.

Dat het toerisme van de euro heeft geprofiteerd staat buiten kijf. Het toerisme in de eurozonelanden is sinds de invoering van de gezamenlijke munt zo snel gegroeid dat luchthavens als Schiphol uit hun voegen barsten en zelfs geld moeten gaan rekenen voor het simpel afzetten van vrienden en geliefden, hetgeen kiss & ride blijkt te heten. Populaire steden worden overspoeld met weekendtoeristen uit andere Europese landen die duizend kilometer van huis een expositie willen zien of zich willen volgieten op een zonnig terras.

Deze toegenomen mobiliteit heeft niet alleen met die ene munt te maken. Het wordt zeker ook veroorzaakt door het goedkope vliegen en de komst van nieuwe diensten als Airbnb. Maar volgens het onderzoek Euro’s effect on intra-European tourism flows van drie Spaanse economen blijkt dat de gemeenschappelijke munt daar flink aan heeft bijgedragen. Op grond van een model dat ook het valuta-effect van handelsstromen berekent, zou de euro sinds de invoering in 2002 tot een stijging van het toerisme in de huidige 19 eurolanden hebben geleid van 44 procent. En als het onderzoek wordt beperkt tot de 11 oorspronkelijke eurolanden, is dat zelfs 146 procent.

Dat zet zich nog steeds door. Vorig jaar groeide het toerisme wereldwijd met 7 procent. In de zuidelijke eurolanden aan de Middellandse Zee was de groei met 13 procent bijna twee keer zo hard.

Het belang van toerisme voor de Europese economie neemt steeds verder toe. In 2017 waren de directe en indirecte baten volgens cijfers van het Travel & Tourism Council 2 biljoen euro – 9,9 procent van het bbp – waarmee 36 miljoen banen zijn gemoeid. Dat zal stijgen tot 2,6 biljoen euro – 10,7 procent – en 42 miljoen banen in 2028.

Nogal eens is beweerd dat de landen aan de Middellandse Zee hordes meer toeristen hadden kunnen trekken als ze lekker hadden kunnen devalueren met hun drachme, lire, peseta en escudo en niet vast aan de ‘Duitse’ euro hadden gezeten.

Afgezien van de vraag of nog meer stijging al wenselijk zou zijn – ook daar zijn de steden overvol – blijkt juist daarvoor de euro een geschenk uit de hemel te zijn geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.