Meten is weten: test het water

Klussen in en om het huis vereist niet per se betaald vakmanschap. Met advies van een professional kom je een heel eind....

De vijver kwam mee met het nieuwe huis. Dempen maar, dachten we eerst, want wat moet je met zo’n plas in de tuin? Maar toen dat er niet van kwam, er padden opdoken en de waterspiegel veranderde in een oase van blad en bloem waarboven libelles helikopterden – ja, toen dachten we er anders over. De vijver is here to stay.

Althans, als de vijver onze nalatigheid wil overleven. Het waterniveau blijkt drastisch gedaald na de winter, één vis is levend onder het ijs vandaan gekomen, en op de bodem ligt een tapijt van blad – helder water dus, dat wel. Wat nu? Vijverles?

Googelen helpt niet. Voordat je het weet, zit je verstrikt tussen de algen, pompen en koikarpers. Het is nog best ingewikkeld. Of niet? Bert Hilhorst, medewerker van Tuincentrum Overvecht in Eemnes, geeft raad. ‘In het algemeen regelt het zich vanzelf’, sust hij. ‘Maar vijverbiologie is geen een-plus-een-is-twee-verhaal.’ Kern van de zaak: voorkom ‘groene soep’, dat geeft stank – en ellende voor plant en dier.

De ideale vijverplaats?

Bert Hilhorst: ‘Een plekje in de halfschaduw, waar je een dagdeel schaduw hebt, en een dagdeel zon. Te veel zon is slecht; vissen en planten kunnen slecht tegen grote temperatuurwisselingen. En algen houden juist van zonlicht, vandaar. En hou bomen op afstand: al dat blad gaat rotten, je krijgt drab – en algen.’

Folie of voorgevormde bak?

‘Ik zeg: folie, in een mooie, rekbare kwaliteit. Dan kun je zelf vorm, grootte en diepte bepalen. Het minimum is 80 centimeter diep. De folie breng je trapsgewijs naar de zijkanten toe aan, met niveauverschil dus. Want de ene waterplant – een waterlelie – groeit 80 centimeter diep en de ander op 20 centimeter. Als de bak klaar is, leg je een laag substraat op het diepste punt van de vijver: een poreus soort grint, waarin bacteriën zich nestelen.’

Vullen met leidingwater?

‘Ja, en niet vergeten ervoor en erna op de watermeter te kijken, dat is een handigheidje – en niet tegelijk gaan douchen hè. Dan weet je precies hoeveel water erin zit. Als je een keer een medicijn moet toevoegen voor de vissen, weet je welke verpakking je moet kopen.’

Gewoon leidingwater dus?

‘Dood leidingwater ja. Er zijn middeltjes op de markt waarmee je het geschikt maakt voor een vijver. Zo ontchloor je het water meteen. Anderen zeggen: een emmer slootwater erbij. Maar dan komen ook parasieten en bloedzuigers mee. ’

Ideale plant? Vissen?

‘Te veel om op te noemen, maar glanzend fonteinkruid is de allerbeste zuurstofplant die er is. En goudwindes zijn ideaal: het zijn schone visjes, je ziet ze zwemmen – de reiger trouwens ook – en ze eten insecten en larfjes en blijven van de planten af. In tegenstelling tot karpers, die vreten alles op. Maar een koikarpervijver is sowieso een compleet ander verhaal.’

Misschien een anti-reigertip?

‘Bijna niks is afdoende. Hooguit een net, dat je 20 centimeter boven de vijver moet spannen. Ik zeg altijd: de reiger is onze beste klant.’

Nog iets essentieels?

‘Najaarsonderhoud! Organisch afval moet je voor de winter verwijderen. En meten is weten. De waardes van vijverwater zijn goed te testen. Dat kun je zelf doen met een tester, maar op 1 mei doen alle filialen van Tuincentrum Overvecht dat gratis.

‘En geduld hè. Een vijver heeft tijd nodig.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.