Meer sluitingen in Waalse staalindustrie

De twee hoogovens van het staalbedrijf Cockerill Sambre bij Luik zullen over enkele jaren worden gesloten. Duizenden banen staan op de tocht in de regio, waar eerdere sluitingen in de sector al tot werkloosheidspercentages van bijna dertig procent leidden....

De internationale staalgroep Arcelor, waarvan Cockerill deel uitmaakt, besloot vrijdag investeringen in 'minder rendabele vestigingen' te schrappen. Aanvankelijk was het de bedoeling na 2005 de binnenbekleding van de ovens te vernieuwen, waarmee het voortbestaan leek verzekerd.

Arcelor snijdt in de uitgaven als gevolg van de overcapaciteit op de markt. Naast Luik worden ook fabrieken in Duitsland - EKO Stahl in Eisenhüttenstadt en Bremer Stahlwerke in Bremen - en in het Franse Florange getroffen. Het accent in de bedrijfsvoering moet meer komen te liggen op vestigingen bij zeehavens in plaats van meer landinwaarts gelegen filialen. De herstructurering moet 700 miljoen euro opleveren.

Hoewel in het plan van Arcelor geen termijnen worden genoemd, is de verwachting dat in Luik de activiteiten in 2006 zullen worden stopgezet. Daarmee gaan tweeduizend banen verloren. Volgens voorspellingen van de vakbonden komen bij leveranciers en onderaannemers zo'n vijfduizend personen zonder werk te zitten. Arcelor zegt te proberen de gevolgen zo beperkt mogelijk te houden. Zo kunnen werknemers vervroegd met pensioen en wordt getracht nieuwe bedrijvigheid aan te trekken. Bij Charleroi komt een nieuwe fabriek voor de productie van roestvrij staal.

De bonden, vanouds een machtig bolwerk in de staalnijverheid, reageerden verontwaardigd en overwegen acties. 'We zijn bedrogen', zegt algemeen secretaris André Delory van de christelijke CSC Metaal. Hij wijst erop dat er op dit moment al een sanering loopt, waaraan de bonden tot nu toe loyaal hebben meegewerkt. Serge Luchet van de socialistische FGTB vreest dat ook het voortbestaan van de koudwalserij, waar het staal verder wordt bewerkt, in het geding komt. Daar werken nu nog drieduizend mensen. De Waalse overheid wil de mogelijkheden onderzoeken voor juridische stappen tegen Arcelor. Volgens minister Kubla van Economie is sluiting in strijd met bestaande overeenkomsten tussen het bedrijf en de overheid.

Met de sluiting van de hoogovens verdwijnt een van de laatste resten van de ooit bloeiende Waalse staalindustrie. Cockerill is naast Seraing bij Luik nog actief in Charleroi, Gent en Genk, en Duferco heeft nog vestigingen in Clabecq en La Louvière.

Van een Belgische onderneming is al lang geen sprake meer. Cockerill, in 1823 opgericht door de jonge Ier John Cockerill in opdracht van koning Willem I, was al enkele jaren in handen van het Franse Usinor, toen die groep in 2001 fuseerde met het Luxemburgse Arbed en het Spaanse Aceralia tot Arcelor.

De neergang van de onderneming begon halverwege de jaren zeventig. Staatssteun en een fusie met Hainnaut Sambre in Charleroi stelden het voortbestaan nog even veilig, maar de onderneming werd als gevolg van de bemoeienis van de overheid ook steeds meer speelbal van de politiek. Vooral de Vlaamse partijen zagen de staalindustrie in Wallonië als een bodemloze put. De regionalisering van de sectoren leidde ertoe dat het Waalse Gewest bijna 80 procent van de aandelen verwierf, waarna een geleidelijke, maar omvangrijke sanering werd ingezet, gepaard gaande met het verlies van tienduizenden banen. Cockerill Sambre boekte in 2001 nog een winst van 65 miljoen euro, goeddeels toe te schrijven aan de verkoop van een aantal filialen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden