Meer geld voor de Amerikaanse consument? Nee, een nieuwe zeepbel.

De bedoeling was dat consumenten meer te besteden kregen. De realiteit is een nieuwe zeepbel op de beurs.

Peter de Waard
Fed-voorzitter Janet Yellen (L) Beeld reuters
Fed-voorzitter Janet Yellen (L)Beeld reuters

Het was geen verrassing, maar wel een historische mijlpaal. Woensdag maakte de Federal Reserve (Fed) een einde aan zes jaar van gratis geldcreatie. De kraan ging zonder de plichtpleging van een persconferentie dicht. Of, zoals ook wel wordt gezegd: Fed-voorzitter Janet Yellen drukte in een vergaderkamertje op de uitknop van de bankbiljettenpers.

Officieel zou het ook het einde moeten zijn van de crisis van de Amerikaanse economie en daarmee van de wereldeconomie. Bij de start van de operatie in 2008 werd het tenminste aangekondigd als een grote, creatieve en moedige stap om de wereldeconomie te redden na de kredietcrisis. Maar niemand had gedacht dat het zo lang zou gaan duren en zo veel geld zou vergen. De Fed, de Amerikaanse centrale banken, hebben in zes jaar in drie fases 4.500 miljard dollar (3.500 miljard euro) aan nieuw geld in de economie gepompt.

De operatie ging van start onder de eufemistische naam kwantitatieve verruiming (quantative easing of QE), waarbij het bijgedrukte geld in circulatie werd gebracht door het opkopen van hypotheekobligaties en staatsobligaties van de eigen overheid. De Fed zette die als debiteurenpost op de eigen balans die hiermee tot krankzinnige hoogte werd opgeblazen. Al gauw bleek dat QE1 niet voldoende was en volgden QE2 en uiteindelijk de grootste van allemaal: QE3, waarbij elke maand 110 miljard dollar in de economie werd gepompt.

undefined

Stagnatie voorkomen

De bedoeling van de operatie was stagnatie te voorkomen. Banken, die als gevolg van de kredietcrisis op apegapen lagen, dreigden geen of alleen tegen torenhoge rentes kredieten te verstrekken aan bedrijven en consumenten. Door de hypotheken en obligaties van hun balansen af te halen zouden ze onbeperkte hoeveelheden nieuw geld krijgen, dat bedrijven zouden kunnen gebruiken om in machines te investeren en particulieren om huizen en auto's te kopen.

Uiteindelijk is dat maar deels gelukt. De rente is niet omhooggegaan. Het overgrote deel van de middelen werd echter niet gebruikt voor investeringen en consumptie maar werd herbelegd in aandelen, in obligaties van landen als India, Duitsland en Canada of paradoxaal genoeg geparkeerd op rekeningen bij dezelfde Fed. Het is geen toeval dat de koersen op de beurs van Wall Street bijna net zo snel stegen als de omvang van de balans van de Fed. Hiermee is de zeepbel op de hypotheekmarkt van voor 2008 vervangen door een nieuwe zeepbel op de beurs. Luke Bartholomew, investeringsmanager bij vermogensbeheerder Aberdeen: 'We zullen nooit weten wat het positieve effect van QE op de Amerikaanse economie en in het bijzonder de huizenmarkt en arbeidsmarkt is geweest, omdat we niet weten waar we hadden gestaan zonder deze ingreep. Je kunt je afvragen in hoeverre dat herstel ook zonder QE zou hebben plaatsgevonden.'

Voorstanders van een dergelijk monetair beleid in Europa wijzen echter op de verschillen met de eurozone. De groei in de VS is weer terug op 3,5 procent en de werkloosheid is gedaald van 8,1 naar 5,9 procent van de beroepsbevolking. Maar die cijfers zijn geflatteerd. De Amerikaanse economie groeit sneller dan die van Japan en Europa. Maar de banen die daarmee worden gecreëerd zijn slecht betaald. De voordelen van de aantrekkende welvaart komen in de VS terecht bij een beperkte groep geprivilegieerden. De daling van de werkloosheid is voor een groot deel te verklaren door het feit dat veel Amerikanen niet langer ingeschreven staan als werkzoekende. De participatiegraad in het arbeidsproces is gedaald. Bartholomew: 'Op dit moment is het moeilijk te voorspellen of het aantal mensen dat deel uitmaakt van de economie ooit terugkeert naar pre-crisis-niveaus.'

undefined

Problemen verhuld

Mogelijk heeft de kwantitatieve verruiming alleen de daadwerkelijke problemen van de Amerikaanse economie verhuld: de onderinvesteringen in gebouwen en machines, en in productiviteitsgroei, waardoor de potentiële capaciteit van de Amerikaanse economie niet wordt benut. Hierdoor dreigt voor langere tijd stagnatie van de Amerikaanse economie die decennialang de motor van de wereldeconomie is geweest.

De Fed is zelf ook nog niet gerust over het herstel. De geldkraan gaat dicht, maar de Fed pakt nog geen bezem om de uitgestrooide bankbiljetten bij elkaar te vegen en in de papierversnipperaar te doen. Er komt weliswaar geen nieuw geld meer op de markt, maar de hypotheken of staatsleningen in de portefeuille van de Fed worden bij aflossing nog wel gecompenseerd met nieuwe aankopen. Niemand weet wanneer de balans van de centrale banken weer naar normale proporties wordt teruggebracht. Het herstel is eveneens te zwak voor een renteverhoging - zelfs een symbolische stap van nul naar een kwart procent - hoewel de markt daar al op anticipeert. IJs en weder dienende zou de rente in 2017 al weer op een heel wat normalere 2 procent moeten staan. Maar dergelijke prognoses worden vaker niet bewaarheid dan wel.

De sceptici die waarschuwden dat kwantitatieve verruiming zou leiden tot hyperinflatie zoals in de jaren twintig van de vorige eeuw, lijken in het ongelijk gesteld. Ondanks de aanzwellende geldhoeveelheid is inflatie afgenomen en dreigt in de VS met de dalende energieprijzen net als in Europa zelfs deflatie. Met de 4.500 miljard euro op de balans van de Fed is een nieuw tijdbom is gecreëerd die op een gegeven moment kan exploderen. 'Ik denk dat de Fed langzaam maar zeker dat geld moet weghalen, ook als het net effect begint te krijgen', zegt Erik Weisman van vermogensbeheerder MFS.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden