Mahoniehout, koper en de geur van 1910

Koelte gezocht op de Vinkeveense Plassen, waar veel meer te zien is dan eenden en waterplanten. Bij het vallen van de avond tuffen er de motorboten voorbij....

Toch opvallend dat er tegenwoordig zoveel hout is op het water. In Reeuwijk een man gezien die zijn antieke Riva afmeerde en stralend wegreed in een Porsche uit 1969. Dat gevoel. In Rotterdam varen ouderwetse Italiaanse taxiboten naar Hotel New York. Stijl. Klassieke speedboten snijden door het grachtenwater van Amsterdam, fraai van lijn met hun hoge voorstevens. Zoals Hergé ze tekende voor Kuifje. Sommige kapiteins dragen een zeemanspet, maar de meesten zijn jonger en hebben een baseballcap.

Dat vooroorlogse schepen nog zo hip kunnen zijn!

Vertrokken naar Rotterdam, waar Willem ('Bill') Mulder zijn salonboten koestert. Voormalig machinist op de grote vaart, jarenlang gewoond in Zweden, nu directeur van Scama, bedrijf in koelers voor scheepsmotoren. Op de deur van zijn kantoor een koperen bord met 'Direktie', en binnen hangt de sfeer van een ouderwetse stuurhut. 'Dat voelt goed', zegt hij.

Vandaar ook zijn passie voor klassieke Zweedse jachten. Hij haalt ze naar Nederland, knapt ze op met de mannen van de vereniging 'De veteranen' en doet ze dan van de hand voor een vriendenprijs. Aan Hans van Rijswijk bijvoorbeeld, dansschoolhouder in Vlaardingen. Kocht een vervallen Pettersson en 'echt, elk halfuur dat ik vrij ben, werk ik eraan. Op slag verliefd was ik. De lucht in zo'n salon - dat is de geur van 1910.'

Zweedse schepen werden getekend door Pettersson, Johannson, Iversen, Forslund ('unieke man, een held in Zweden, de Rembrandt onder de scheepsbouwers', zegt Mulder). Hun boten dragen veelal sprookjesnamen. Oudere Zweden toeren er graag mee tussen de eilandjes bij Stockholm. In de Amsterdamse grachten doen ze het ook uitstekend bij bemiddelde jongeren.

Mulder stapt aan boord van een Forslund Express en jawel, in de salon ruikt het naar 1938. Mahonie kraakt onder de voeten, voor een schip van negen meter is er weinig ruimte maar dat deert niet. Mulder wijst op de koperen kapstok. De Forslund ligt niet in het water, hij maakt er deel van uit.

Hard varen kan ie ook. Mulder start de motor - negentig pk, donkerbruin geluid, 'loopt als een vliegmachine, toch al snel zestig per uur.'

Klassieke speedboten gaan nog veel harder. Zeg overigens geen speedboot, maar runabout. Dat is de juiste term. Vooral Italianen, Amerikanen en Zwitsers hebben er een traditie in.

De bouwers ervan hadden of hebben (sommige bestaan nog) klinkende namen: Pedrazzini, Boesch, Swiss Craft, Chris-Craft, Teuscher. Maar dé naam is nog altijd Riva.

Riva is een verhaal op zich. Riva-modellen zijn filmsterboten, geliefd, nee aanbeden in vooral Amerika. Riva's zijn de Ferrari's van het water.

Ze werden gebouwd door een Italiaanse vader-op-zoon-familie, sinds 1842. Ernesto Riva begon met een paar watertaxi's. Zoon Serafino Riva ging ermee racen en werd wereldberoemd. Tussen de twee wereldoorlogen al was de Riva hét jetset-schip. Tientallen ervan lagen aangemeerd aan de kades van Cannes en Nice, met op de wal een geparkeerde Bugatti of Hispano-Suiza.

Kleinzoon Marco Riva begreep vervolgens welke kant het uitging, bleef exclusieve boten bouwen en verhuisde naar Amerika. De Riva kreeg in de jaren vijftig een lange referentielijst; de boot was een must voor sporthelden, acteurs, sultans, prinsen en koningen.

Veel meer dus dan zomaar een speedboot. Koop zo'n schip en een hele geschiedenis van glitter en glamour straalt op u af.

De Amerikanen hebben er nog een mooie term voor: pleasure boat. Dat gaat veel verder dan plezierjacht. Dat heeft te maken met een gevoel. Het gevoel van spiegelend water in mahoniehouten flanken.

Klein nadeel: hout heeft heel veel liefde nodig. Zonder aandacht blijft er niets van over. Natuurlijk; moderne, stevige houtlak heeft de angst voor het schuren al verzacht. Maar goed onderhoud blijft noodzakelijk. Eigenlijk moet een Pettersson in een botenhuis liggen. En haal een Riva na het varen uit het water, anders gaat zijn toestand achteruit.

Mulder krijgt de laatste tijd mensen over de vloer die het fantastisch vinden, zo'n ouderwets jacht, en er echt wel een willen kopen, maar schuren, ho maar. 'Er belde een mevrouw uit Heemstede. ''We willen geen gewone boot, we willen opvallen.'' Dat zijn geen liefhebbers hè. Die komen hier met veel bravoure, willen pronken met een houten schip, maar ze hebben er weinig voor over. Of je bent een liefhebber, óf je moet er niet aankomen. Laat die mensen maar gewoon een plastic boot varen.'

Plastic. Houtadepten spreken niet over polyester, maar over plastic. Of 'tupperware-boten' (Van Rijswijk). 'Als je ziet wat er tegenwoordig aan plastic op het water is', zegt Dieter Hoheisel, 'dat doet soms pijn aan de ogen.'

Hoheisel is handelaar in antieke houten jachten, gevestigd in Harlingen. De handel is begonnen als een passie; 'Ik ben een oogmens. Mijn auto is een Citroën DS. Vorm is voor mij belangrijk, en de vorm van deze schepen is geweldig.'

Hij verkoopt er steeds meer en dat komt, is zijn conclusie, doordat de mens weer terug wil naar mooi. 'Plastic boten passen niet bij de natuur, bij het water. De vorm is verkeerd. Blokkendozen van driehoog met een flying bridge erop, dat werk. De vorm van oude houten boten is meer in evenwicht met het water. Nieuwgebouwd zijn ze niet te betalen, dus kiezen de mensen een gerestaureerd exemplaar.'

Nu zijn vintage jachten ook niet gratis. De markt begint bij twintigduizend gulden, voor anderhalve ton heeft u een prachtexemplaar en voor twee keer zoveel een uniek schitterend prachtexemplaar. Maar ja, dat kost een flinke plastic badkuip met Yamaha-brulmotor tegenwoordig ook. Dus dat kan het probleem niet zijn. En wat is geld, als het gaat om een levensgevoel?

Hans van Rijswijk, bijvoorbeeld, ziet zijn Pettersson al helemaal voor zich, als de restauratie is voltooid. 'Velours bekleding in de kajuit, donkerrode vloerbedekking op de grond. Glimmend koper overal. Dat is iets, weet je, dat is iets...'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.