Late zorgen over Essent

De verkoop van energieproducent Essent aan het Duitse RWE lijkt onomkeerbaar sinds Provinciale Staten van Noord-Brabant gisteren van gedachten zijn veranderd....

Toch zou een adempauze om meerdere redenen welkom zijn. Wat aanvankelijk werd beschouwd als een gelopen race, is uitgemond in een discussie over de grenzen van marktwerking: is de energievoorziening niet zo’n vitaal publiek belang dat alleen al om die reden moet worden afgezien van verkoop aan een buitenlandse partij? De principiële vragen die nu bij de verkoop van Essent worden gesteld, komen echter rijkelijk laat.

De druk die op Noord-Brabant is uitgeoefend, van de Tweede Kamer tot minister Van der Hoeven en werkgeversvoorzitter Wientjes, is niet vrij van hypocrisie. Wie besluit de energiemarkt vrij te geven, mag niet verbaasd zijn als partijen zich daarnaar gedragen. Het was Van der Hoeven die de nu omstreden splitsingswet door de Kamer loodste. Dat was vóór de financiële crisis. Bovendien heeft Rusland laten zien dat energie ook een geducht politiek wapen kan zijn. Sindsdien is het trefwoord energiezekerheid. Zolang aan een Europees energiebeleid vooral lippendienst wordt bewezen, proberen landen in de eerste plaats hun eigen energievoorziening zeker te stellen.

De kwestie-Essent confronteert Nederland andermaal met zijn neiging het braafste jongetje van de klas te willen zijn. Zowel Duitsland als Frankrijk voelde weinig voor splitsing van hun energiebedrijven, met als gevolg dat de Europese Commissie de verplichting hiertoe weer heeft laten vallen. Als zelfstandig commercieel productiebedrijf is Essent, en dat geldt niet minder voor Nuon en Eneco, geen partij voor buitenlandse concurrenten. Het afblazen van de verkoop van Essent aan RWE lost dat probleem niet op.

De energiebedrijven hebben zich altijd tegen een verplichte splitsing van hun onderneming verzet, juist uit vrees dan een makkelijke prooi voor buitenlandse concurrenten te worden. Een aantal energiecentrales ging overigens al eerder in buitenlandse handen over. Nuon en Essent hebben bovendien een kans laten liggen doordat een voorgenomen fusie, die hen een sterkere positie zou hebben gegeven, op het laatste moment afketste.

Formeel is weinig in te brengen tegen het standpunt dat de aandeelhouders beslissen. Het aandeelhouderschap van provincies en gemeenten dateert echter uit een tijd dat de omvang van de elektriciteitsmaatschappijen samenviel met de provinciegrenzen. Nu wringt het dat lagere overheden beslissen over de landelijke energievoorziening.

In zijn brief aan Balkenende wijst werkgeversvoorzitter Wientjes er terecht op dat de energievoorziening een zaak van nationaal belang is, die bemoeienis door de nationale politiek vereist. Zijn interventie mag rijkelijk laat komen, het zou goed zijn als men ook in Den Haag opnieuw zou nadenken over hoe het publieke belang het beste kan worden gewaarborgd.

Reageren? volkskrant.nl/commentaar

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden