De onderneming Museum Belvédère

Lastig, een museum zoals Belvédère runnen

Belvédère, museum voor moderne kunst in Friesland, is óók een bedrijf. Het leidinggevend duo spreekt van een helse onderneming, met voortdurende geldzorgen, creatieve fondsenwerving en af en toe een opsteker.  

Museum Belvédère, het museum voor moderne en hedendaagse kunst op landgoed Oranjewoud. Beeld Museum Belvédère

Een worsteling, een enorm avontuur. Het runnen van een museum dat niet drijft op subsidie is een helse onderneming, zeggen ze bij Belvédère, het museum voor moderne en hedendaagse kunst op landgoed Oranjewoud nabij Heerenveen. Vlagen van wanhoop en vreugde wisselen elkaar in hoog tempo af, als de tweekoppige leiding van de zaak vertelt over het museum als bedrijf.

‘Elke tentoonstelling, elke boekuitgave, elke jaarrekening is weer spannend’, zegt directeur-conservator Han Steenbruggen in het café van het museum, een ruimte die zweeft boven een van de waterlopen van het landgoed. ‘Lukt het of niet? Wat brengt het op? ­Financieel, maar vooral inhoudelijk. Concessies aan inhoud doen we nooit, maar het is altijd een gevecht.’

Af en toe gaat de blik van zijn collega Corrie Oerlemans naar buiten, naar het landschapspark rond het museum. Zij is verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en de financiën van Belvédère. Het museum moet zo goed mogelijk worden verkocht, ‘maar zonder onszelf te verkopen. Verdien je geld tegen het wezen van dit museum in, dan heeft het publiek dat onmiddellijk door. En word je daar op afgerekend.’

Groepsinspanning

Belvédère opende in 2004 de deuren, als een van de eerste van een golf aan particuliere musea in Nederland. De meeste daarvan danken hun bestaan aan een enkele gefortuneerde ondernemer, zoals Voorlinden in Wassenaar. De totstandkoming van het museum in Friesland was een groepsinspanning. Kunstliefhebber Thom Mercuur (1940-2016) kreeg particulieren en bedrijven zover dat ze mee wilden betalen aan de stichting van een museum voor kunst uit Friesland en andere noordelijke provincies – en andere kunst rond landschap en natuur.

De groep rond Thom Mercuur betaalde de ene helft van de stichtingskosten van 3 miljoen euro, de andere helft kwam van gemeente en provincie. Architect Eerde Schippers tekende een museumgebouw dat als een balk in het landschap ligt – en prompt werd gekozen tot ‘Gebouw van het jaar’. Sindsdien draait het museum grotendeels op particuliere giften, de inkomsten uit onder meer de kaartverkoop en, zoals Steenbruggen zegt, ‘creatief omgaan met armoede’.

Han Steenbruggen en Corrie Oerlemans. Beeld Katja Poelwijk

Huishoudboekje

Met zes personeelsleden (4,2 fte) en tachtig vrijwilligers worden acht tot twaalf tentoonstellingen per jaar georganiseerd, die landelijke belangstelling trekken. Er zijn ook tal van activiteiten als literaire avonden, kunstreizen en rondleidingen voor schoolklassen. In het huishoudboekje van Belvédère van vorig jaar staat een omzet van 630 duizend euro. De opbrengst uit entreegelden was 206 duizend euro, uit winkelverkopen 128 duizend, uit zaalverhuur 28 duizend, uit catering 20 duizend, uit de kunstreizen 10 duizend en zo gaat het nog even door. En belangrijk, zegt Oerlemans, het museum geeft haar kwartaalblad MB zelf uit, net als de catalogi. ‘Aan een uitgever ben je anders enorm veel geld kwijt.’

De stichting Vrienden van Museum Belvédère is jaarlijks zo vriendelijk om een flink bedrag in de kas te stoppen, vorig jaar 70 duizend euro. Van de sponsors, meestal bedrijven in Heerenveen, werd daar nog eens 66 duizend euro bijgedaan. Vroeger was het enthousiasme van het bedrijfsleven aanzienlijk groter. Oerlemans: ‘Na het uitbreken van de economische crisis werd het steeds minder. Bij de bedrijven vielen natuurlijk steeds meer ontslagen. Uiteindelijk was het bijna onfatsoenlijk om ze nog om steun te vragen. Nog steeds zijn ze heel voorzichtig met hun toezeggingen.’

‘Een businessclub zoals in het voetbal, dat lukt ons niet’, vertelt Steenbruggen. ‘We doen eigenlijk al meer dan het maximale met onze bescheiden organisatie en onze vrijwilligers. We hebben het wel geprobeerd met professionele fondsenwervers en een ambassadeursclub. Dat levert altijd wel wat op, maar uiteindelijk niet genoeg. De omgeving hier is niet echt cultuurminded.’

Dus zijn er ook nog de speciale acties, zoals een veiling ter gelegenheid van de schenking van het schilderij Slootje met overhangende dopheide van Jan Mankes. Het museum vroeg aan 150 kunstenaars of ze een interpretatie wilden maken van het schilderij van Mankes. Die werken werden tentoongesteld en geveild. Het leverde 49 duizend euro op.

Even gewaagd voor museumbegrippen is de organisatie van de jaarlijkse kunstbeurs Art Noord. Steenbruggen: ‘De noordelijke provincies hadden al lang geen kunstbeurs meer als Art Amsterdam. We waren beducht voor commentaar dat het museum te commercieel ging opereren. Maar het commer­ciële circuit is net zo belangrijk voor de culturele infrastructuur als wij. Zij geven vaak dezelfde noordelijke kunstenaars een podium. We nodigen ook alleen galeries uit waarvan we het beleid interessant vinden.’ De opbrengst voor het museum in 2017: 20 duizend euro.

En dan zijn er nog de tentoonstellingen van particuliere kunstcollecties. Aantrekkelijk als bruikleen, maar ook vaak beschouwd als een inbreuk op het eigen tentoonstellingsbeleid. Steenbruggen: ‘Wij zijn juist enthousiast over zulke samenwerking. Het museum bestaat mede dankzij particuliere bruikleengevers. Wij koesteren die relaties. Verzamelaars helpen ons met bruiklenen, maar zijn vaak ook bereid tot schenken. Door schenkingen en hulp van Friese fondsen zijn we toch in staat onze collectie behoorlijk uit te breiden.’

Noodkreet

De terughoudendheid van sponsors leidde drie jaar geleden tot een noodkreet van het museum richting overheid. Het eigen vermogen verdampte zo snel dat acute geldnood dreigde. Gemeente en provincie springen nu bij, elk met 50 duizend per jaar. Daarmee zijn de zorgen nog niet voorbij, zegt Oerlemans. Het museum hoopt op een structurele subsidie van 200 duizend per jaar, als blijvende financiële basis. Voor groot onderhoud van het gebouw, bijvoorbeeld. ‘Daar hebben we nu nog geen geld voor. Zo’n vaste bijdrage zou ook veel bedrijven over de streep kunnen trekken.’

Opstekers zijn er gelukkig ook, voegt Steenbruggen daaraan toe. ‘Vorige maand werd bekend dat we de Agnes van den Brandeler-prijs hebben gewonnen. We mogen 50 duizend euro besteden aan een expositie van werk van een kunstenaar die ten onrechte minder bekend is. Heerlijk om een tentoonstelling te gaan maken waarvan de financiering nu al is gedekt.’  

Profiel

Bedrijf
Museum Belvédère

Waar
Oranjewoud, Heerenveen

Sinds
2004

Aantal werknemers
6 personeelsleden en 80 vrijwilligers

Bezoekers 2018 (schatting)
55 duizend

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.