Lagere woonlasten voorkomen prijsdaling huizenmarkt

Steeds meer bordjes 'huis te koop' verschijnen in het straatbeeld, maar de huizenprijzen dalen niet. Een belangrijke reden is dat de gemiddelde woonlasten dalen.

Maar bij de presentatie van de meest recente verkoopcijfers, woensdag in Nieuwegein, bleek er geen vuiltje aan de lucht. Integendeel: de huizenprijzen zijn weer licht gestegen. En dat is een prettig verhaal voor de makelaars. Want hoe hoger de prijzen, des te hoger de bedragen die zij aan provisie in hun zak steken.

Vooral de artikelen in The Economist zijn de Vereniging van Makelaars (NVM) in het verkeerde keelgat geschoten. In een special voorspelde het gezaghebbende Britse blad begin juni dat de komende vier jaar de gemiddelde prijs van een Nederlands huis maar liefst 30 procent gaat dalen. Zo'n vaart zal het niet lopen, zegt NVM-voorzitter Oscar Smit. Ter onderbouwing van deze stelling draait hij de bekende riedel af. Zo zijn de koopprijzen op de Nederlandse markt mede zo hoog, omdat kopers niet of nauwelijks kunnen uitwijken naar huurwoningen en vice versa. 'Huren is meestal geen alternatief voor kopen', aldus Smit.

Daarnaast rekenen de pessimisten over de huizenprijzen buiten de stilgevallen nieuwbouw in Nederland. En minder aanbod van nieuwe huizen betekent hogere prijzen voor de bestaande woningvoorraad, rekent de NVM voor. 'Een paar jaar geleden vond het ministerie van VROM nog dat er per jaar honderdduizend nieuwe woningen gebouwd moesten worden om de groei van de vraag bij te houden. Het zijn er nu zestigduizend', stelt Smit.

De belangrijkste reden dat een grote daling van de huizenprijs tot dusverre is uitgebleven, is echter dat de maandelijkse lasten van een koophuis in de afgelopen drie kwartalen zijn gedaald. Voor een gezin met een inkomen van 45 duizend euro is het sinds vorig jaar goedkoper geworden om te wonen, blijkt uit een analyse van de huizenprijzen van de NVM, gegevens over de hypotheekrente van De Hypotheker en de inflatiecijfers van het CBS.

In het tweede halfjaar betaalde het hypothetische modelgezin bij aankoop van het gemiddelde 'NVM-huis' in het tweede halfjaar van 2002 maandelijks nog 972 euro aan hypotheeklasten - met volledig gebruik van de hypotheekrente-aftrek. Nu is dat nog 907 euro per maand. Dat is een daling van ruim 9 procent in een half jaar, met dank aan de lage rente op de kapitaalmarkt.

Tel daarbij op de inflatie - ook al een vergeten grootheid op de woningmarkt - en een gezin dat nu durft te kopen is zo 10 procent beter af dan de buren die eind vorig jaar een nieuw onderkomen betrokken. Kortom: de prijzen zijn stabiel, maar de kosten dalen, en dat is een duidelijk signaal van een inzakkende markt. De meeste kopers richten zich namelijk niet op het prijskaartje dat aan een woning hangt, maar op de maandelijkse lasten.

Deze simpele noties blijven in het voorspellingencircus rondom de woningmarkt vaak onderbelicht. Net als de voor de hand liggende conclusie dat zodra de rente oploopt de huizenprijzen gaan dalen. In dat licht is de recente renteverandering van marktleider Rabobank veelzeggend. Dinsdag verhoogde de bank de hypotheekrente voor een periode van vijf jaar rentevast met 0,2 procent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden