Laat de armen hun eigen banen creëren

Armen zijn creatief genoeg om zelf op ondernemerspad te gaan. Als ze maar een beetje kapitaal krijgen. Muhammad Yunus richtte in 1984 een bank op voor de armen....

Bill Clinton zei ooit dat Muhammad Yunus, de bankier van de armen, een Nobelprijs moet krijgen. Het tijdschrift Ode, dat hem deze week naar Nederland haalde voor een lezing, noemt hem wereldkampioen armoedebestrijding. Maar wie de succesvolle bankier aanhoort, denkt eerder met een neoliberale adviseur van George Bush te maken te hebben.

Yumus pleit voor discipline en zelfredzaamheid. Ontwikkelingshulp maakt armen afhankelijk, zegt hij resoluut. De hulpindustrie heeft bovendien zijn eigen belangen. Als de geldkraan dichtgaat, verliezen duizenden ontwikkelingswerkers, ambtenaren en consultants hun baan.

Moet die kraan dan dicht? De G8, de groep van grootste industrielanden, heeft deze zomer net besloten de hulp te verdubbelen. Yunus laat vriendelijk doorschemeren dat hij de vraag niet zo interessant vindt. In de hulpindustrie draait het altijd om de kwantiteit. Ik vind het veel interessanter hoe je de hulp efficiënter kunt maken. Neem Bangladesh. Wij krijgen gemiddeld 2 miljard ontwikkelingshulp per jaar. Over de afgelopen dertig jaar is dat 60 miljard dollar. Maar als ik nu door mijn land loop, dan zie ik nauwelijks waar dat is terechtgekomen.

Ook over de schuldkwijtschelding die de G8-landen overeenkwamen, is hij kritisch. Iedereen lijkt te denken dat je de armen helpt door hun regeringen hun schulden te vergeven. Maar ik zie het verband niet. Want het ligt voor de hand dat ze er wapens voor kopen, of een mooi monument voor de president. Zolang we niet weten waar het geld naartoe gaat, vraag je alleen maar om problemen.

Yunus denkt te weten hoe het beter kan. De tierelantijntjes moeten eraf. Als je een simpele brug wilt bouwen, moet je geen sjiek ontwerp laten maken door de beste architect van het land. Maar dat gebeurt wel. Omdat het geld dat er is, per se moet worden uitgegeven. Ook wil hij dat de armen meebetalen aan projecten. Laat ze maar een cent betalen voor het onderhoud van een brug, iedere keer als ze eroverheen gaan. Anders voelen ze zich niet verantwoordelijk.

De Grameen Bank, die hij meer dan twintig jaar geleden in Bangladesh oprichtte, is op een soortgelijk principe gebaseerd: zelfredzaamheid. Honderden keren heeft hij het verhaal van de bank reeds verteld, maar zijn enthousiasme is er niet minder om. Het is nooit mijn bedoeling geweest een bank op te richten. Maar in 1976 was er grote hongersnood in het land. Ik gaf toen economie aan de universiteit en vond het verschrikkelijk dat mensen doodgingen van de honger terwijl ik bezig was met elegante theorieën.

Mij viel op dat mensen enorm moesten bloeden voor het geld dat ze hadden geleend van woekeraars. In een dorp telde ik 42 mensen, die samen 27 dollar schuld hadden. Mijn God, dacht ik, wij denken steeds over miljarden dollars, over industrialisatie, en over nationale ontwikkelingsfondsen. Toen heb ik die 27 dollar uit mijn eigen zak gegeven.

Banken en mensen in de ontwikkelingswereld hebben krediet nooit serieus genomen. Het debat gaat vooral over nationale welvaart en veel minder over de vraag waarom individuele personen arm zijn. Als ze dat fenomeen moeten verklaren, zeggen economen dat armoede draait om een gebrek aan banen. Je moet als land groeien, dan worden er banen gecreëerd en zal armoede verdwijnen.

Yumus geloof er helemaal niets van. Bangladesh zal nooit zo hard groeien dat iedereen een baan krijgt. Het maakt niet uit hoeveel internationaal ontwikkelingsgeld in het land wordt geïnvesteerd.

Wat is de oplossing dan wel? Yumus buigt zich naar voren, zijn ogen beginnen te fonkelen. Laat de armen zelf hun eigen banen creëren. Ga eens kijken in Indonesië of India of Bangladesh. Hoe overleven de mensen daar? Door wat aan je te verkopen, door je schoenen te poetsen, door je koffers te dragen, door je in een riksja rond te rijden.

Yunus gelooft er heilig in dat iedereen creatief is. Of ze nu een bedelaar zijn, een zieke of een analfabeet. Maar nu krijgen ze voortdurend te horen dat ze dom zijn. En daarom arm. Helaas zijn de armen dat zelf gaan geloven.

Dat meer dan 1 miljard mensen een groot deel van de dag moeten zoeken naar water en geen toegang hebben tot voorzieningen als elektriciteit, vindt hij geen excuus om dan maar te wachten op hulp. Je kunt nog altijd creatieve manieren vinden om dat water te dragen.

Wat armen wel nodig hebben, is een beetje kapitaal. In 1983 richtte Yunus daarom zelf een bank voor de armen op. Die heeft inmiddels 4,5 miljoen klanten, van wie de overgrote meerderheid vrouw is. Trouw betalen ze hun kleine leningen terug, die vaak niet meer dan 100 dollar bedragen.

Meer dan de helft van zijn klanten is door de microkredieten uit de armoede omhooggeklommen. Hoe hij dat meet? Niet met behulp van de statistieken die ontwikkelingseconomen van de Wereldbank in Washington maken. Daar bestaat armoede alleen maar in het hoofd, niet in het echt. Yunus kijkt liever naar concrete zaken. Heeft het gezin een dak boven het hoofd? Heeft het warme kleding voor in de winter? Heeft het toegang tot voldoende drinkwater? Als het antwoord op dat soort vragen positief is, dan pas is een gezin uit de armoede.

Vroeger verklaarden ze hem voor gek, maar inmiddels heeft hij de ontwikkelingswereld weten te overtuigen van het nut van microkrediet. De Verenigde Naties riepen 2005 zelfs uit tot het jaar van het microkrediet. Honderd miljoen armen overal ter wereld profiteren ervan.

Maar met microkredieten hebben de vele initatieven die de afgelopen jaren als paddestoelen uit de grond schoten, vaak weinig te maken Sommige commerciële banken, zoals Citicorp en Deutsche Bank, verstrekken kleine leningen in ontwikkelingslanden via hun liefdadigheidsfondsen, niet via hun zakelijke loket. Yunus heeft er geen goed woord voor over. Ze lijken het vooral te doen omdat ze onder druk staan van de pers en van hun concurrentie. Dan zegt iemand hoog in het bedrijf: Doe nou maar wat, geef die armen dat geld gewoon.

Een belediging, vindt Yunus. Microkrediet draait om discipline en respect. Het hele punt is juist dat de armen alles terugbetalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden