'Kraakverbod is een domme wet, volkomen overbodig'

Deze maand keurde de Eerste Kamer de antikraakwet goed en dat betekent dat vanaf oktober kraken strafbaar is. Maar is die wet wel nodig?...

Ooit was de kraakbeweging groot en machtig, zo groot dat de kroning van het staatshoofd uitliep op een veldslag en dat de strijd om een pandje in de Amsterdamse Vondelstraat pas werd beslecht toen de politie na drie dagen een tank inzette om de barricades op te ruimen.

Dat waren nog eens tijden, maar wel heel lang geleden: 1980. Toen waren er naar schatting 20 duizend krakers in Nederland, nu zijn het er volgens socioloog en filosoof Eric Duivenvoorden nog maar een mannetje of achthonderd.

Toch is juist nu een wet aangenomen om kraken te verbieden. Deze maand stemde de Eerste Kamer ermee in, en uiterlijk 1 oktober wordt hij van kracht. De wet werd door de indieners CDA, VVD en ChristenUnie gepresenteerd als een reactie op de ‘verharding’ van de kraakbeweging, maar het lijkt eerder een handig gebruik maken van de totale verslapping ervan. De lobby van de krakers bleek niet in staat iets tegen de wet te doen.

En dus heeft de kwijnende kraakbeweging er een probleem bij. Nu nog is een kraker alleen strafbaar als de kraak wordt gezet binnen een jaar nadat het pand is leeg gekomen. Onder de nieuwe kraakwet is elke kraker strafbaar.

De indieners verwachten dat de wet eindelijk een einde maakt aan de aantasting van het eigendomsrecht, en dat het op korte termijn afgelopen zal zijn met kraken. Maar het lijkt niet waarschijnlijk dat de door hen gewenste golf van ontruimingen er komt. De beslissing of een pand wordt ontruimd, is voortaan aan de officier van justitie. Als een eigenaar aangifte doet, zal de officier besluiten of hij tot vervolging en dus ontruiming overgaat. Maar deze maand liet het college van procureurs-generaal, het hoogste orgaan van de officieren van justitie, al weten dat het zo’n vaart niet zal lopen. ‘We gaan niet ontruimen voor leegstand’, is daar het devies.

Vrijwel geen leegstand
Ook de gemeenten zullen weinig gebruikmaken van de wet. De gemeente Den Haag heeft vrijwel geen probleem met krakers, zegt wethouder Marnix Norder (PvdA). In de hele stad zijn de laatste vijftien jaar maar een stuk of tien panden gekraakt, en met de krakers blijken bijna altijd goede afspraken te maken. En als er gedwongen moet worden ontruimd, kan de civiele rechter worden ingeschakeld. Dat lukt altijd.

Norder: ‘De balans van krakers en antikraak is nu juist fijn, want we hebben vrijwel geen leegstand.’ Dat was twintig, dertig jaar geleden wel anders. Toen was leegstand heel gewoon. ‘Onroerendgoedeigenaren hebben vaak belang bij leegstand. Ze hebben daarmee een mooie aftrekpost voor de belasting, en ze kunnen het pand op elk gewenst moment verkopen.’

Pas sinds de kraakbeweging op het toneel verscheen, gingen eigenaren beter uitkijken. Krakers namen bezit van een deel van de lege panden, maar een veel groter deel werd in bruikleen gegeven aan antikrakers. ‘Het spook van de leegstand is nu bijna weg, maar ik vrees dat dat door de antikraakwet weer terugkeert. Op het moment dat een pand leeg staat, treedt verloedering in. Groepjes jongeren gaan er de ruiten ingooien, er komt graffiti, het verloedert in een moordend tempo. De zwartheid en duisternis van zo’n pand straalt af op de hele buurt. Leegstand trekt leegstand aan.’

Gebrek aan deskundigheid
Ook de Groningse wethouder Frank de Vries, eveneens PvdA, is negatief over het verbod. ‘Dit is een domme rechtse wet, dat mag u gerust opschrijven’, zegt hij. ‘We doen net alsof we het over een groot maatschappelijk probleem hebben, maar dat is er niet. In Groningen zijn ongeveer tien kraakpanden. Ik heb nooit problemen gehad. Neem de watertoren, die stond leeg en werd gekraakt. De krakers meldden zich. Ik heb ze ontvangen op mijn kamer. Jongens, hou het een beetje netjes en als ik het nodig heb, dan lever je de sleutels weer in. Zo gaat dat. Laten we het alsjeblieft een beetje aardig houden.’

De Vries: ‘Die antikraakwet is volkomen overbodig. Dit is weer zo’n staaltje wetgeving uit Den Haag, waarvan het gebrek aan deskundigheid over hoe het lokaal gaat, er duimendik bovenop ligt.’

De wethouder hoopt de huidige situatie zo veel mogelijk te kunnen behouden: ‘We hebben goede afspraken over leegstand en met lieden die kraken. Ik hoop dat we dat kunnen handhaven.’ Maar als een eigenaar aangifte doet, dan zal de gemeente in overleg met het OM handelen. ‘Ook voor ons is de wet wet’, aldus De Vries. ‘Maar ik heb liever een gesprek met de eigenaar over het voorkomen van leegstand, dan dat we met z’n allen op de politie gaan wachten.’

Ook Tilburg worstelt met de nieuwe wet. In de gemeenteraad staan SP en VVD lijnrecht tegenover elkaar. De SP vindt: lekker laten zitten. De VVD is voor hard ingrijpen. De wethouder wonen moet nu een beleidsvoorstel formuleren. ‘Het beleid zal wel ergens komen te liggen tussen de standpunten van SP en VVD in’, aldus een woordvoerder.

Tilburg denkt aan een tweesporenbeleid: bij waardevolle panden die meteen in gebruik kunnen worden genomen, eerder ingrijpen dan bij andere kraakpanden. ‘We willen vooral inzoomen op de leegstand, niet op krakers. De kraakwereld is niet zo groot, het is ook geen probleem.’

Eigenaren
Ook eigenaren zijn niet zonder meer van plan om de antikraakwet aan te grijpen. Paul van Roosmalen, directeur van de Deventer woningcorporatie Woonbedrijf Ieder1, zegt dat hij altijd eerst gaat praten met de krakers van een woning. Dat leidt bijna altijd tot een oplossing. In voorkomende gevallen zou hij de nieuwe wet wel kunnen gaan gebruiken. Maar ook Van Roosmalen ziet een groot nadeel aan de wet: ‘Door het kraken ben je wel gedwongen je bedrijfsvoering scherp te houden. Dat raken we straks kwijt.’

Een woordvoerder van vastgoedmaatschappij Uni-Invest laat weten nooit met leegstand te maken te hebben. ‘Wij hebben overal maatregelen getroffen’, zegt hij, en dan bedoelt hij: antikraak waar nodig. De afweging is zakelijk. ‘Een gebouw leeg laten staan is niet goed. Daar gaat een gebouw van achteruit. Dus kun je er beter mensen in hebben zitten met een bruikleenovereenkomst. Dat kost wel wat geld. Ze betalen een vergoeding, maar dat is bij lange na niet genoeg om de verwarming te betalen.’

Booming business
Antikraak is booming business. Een van de grote ondernemingen op dit gebied, Camelot, kan de vraag naar zijn diensten nauwelijks bijhouden. ‘Vorig jaar groeiden we met 30 procent, dit jaar zeker weer’, zegt een woordvoerder.

Camelot beheert de lege opstallen van het land van Ooit, lege kerken, maar ook het het gigantische pand van het Centraal Bureau voor de Statistiek in Voorburg. ‘We zitten nu in vijf landen in Europa en hebben een omzet van 12 miljoen euro.’ In Nederland schat hij het aantal antikrakers op vijftigduizend. De nieuwe wet zal zijn markt niet bederven. De gemeente krijgt de opdracht de leegstand te bestrijden en die zal dus gebruikers nodig hebben.

Jaap van Rhijn, algemeen directeur van Boer Hartog Hooft Makelaardij, ziet ook grote voordelen in de balans die is ontstaan tussen kraken en antikraak. ‘Door het systeem van antikraak is een voor de stad essentieel goedkoop en snel woonsysteem ontstaan. De kraakwacht is van groot belang om jonge mensen aan de stad te binden. Stel dat je in Amsterdam wilt studeren, hoe kom je dan op korte termijn aan goedkope woonruimte? Maar weinigen doen dat via kraken; de meesten gaan via antikraak naar een definitieve woning. En datzelfde geldt voor veel bedrijfjes en kunstenaars. Jong talent vindt zo snel onderdak en het zou slecht zijn voor de stad als deze mogelijkheid vervalt.’

Socioloog Eric Duivenvoorden gaat nog iets verder. Volgens hem is er in een stad als Amsterdam zelfs een gebrek aan kraakpanden. ‘Daarom is Amsterdam tien jaar geleden begonnen met een broedplaatsenbeleid.’ Op die manier probeerde de gemeente de creatieve cultuur in een aantal kraakpanden kunstmatig na te bootsen. Duivenvoorden speelt daarop in. Met zijn stichting Urban Resort exploiteert hij een aantal panden waar kunstenaars goedkope ruimte kunnen krijgen, zoals in het voormalige Volkskrantgebouw en in enkele voormalige scholen.

De antikraakwet lijkt echter precies hetzelfde te beogen. Eigenaren moeten volgens deze wet leegstand van hun pand na een half jaar melden bij de gemeente, op straffe van een boete van 7.500 euro. De gemeente kan een gebruiker in het lege pand zetten. Het lijkt erop dat op die manier antikraak een wettelijke basis krijgt, maar de Haagse wethouder Norder is er niet blij mee. ‘Hoe moet ik straks controleren of een pand leeg staat? Moet ik twintig ambtenaren op een fiets zetten om dat te gaan controleren?’ Hij denkt ook dat hij eigenaren niet kan dwingen een gebruiker in zijn pand toe te laten. ‘Daarvoor heb ik te weinig machtsmiddelen.’ Hij vreest dat er een grote bureaucratie moet worden opgezet op een moment dat iedereen vindt dat er minder ambtenaren moeten komen en de gemeente hard moet bezuinigen. En hij vreest vooral procedures tussen gemeente en eigenaar. ‘Terwijl het nu vanzelf gaat. De eigenaren zorgen er onder druk van de kraakbeweging wel voor dat er een gebruiker in hun pand zit.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden