Koopkrachtdroom blijkt een nachtmerrie

Neem nu meneer en mevrouw S. uit Wageningen. Beiden zijn 65-plussers, meneer S. ontvangt als ex-ambtenaar een pensioen van het ABP en mevrouw S....

Van onze redactie economie

AMSTERDAM

Als standaardcategorie van gehuwde bejaarde met een aanvullend pensioen van dertigduizend gulden zouden ze volgens de standaardberekening van de minister deze maand samen veertig gulden meer moeten hebben gekregen. Maar meneer S. heeft 53,05 gulden minder gekregen. De 28 gulden extra voor mevrouw S. kan dat verlies lang niet goedmaken.

Meneer S. begrijpt het niet. Zijn pensioen is omhoog gegaan (bruto met ruim 27 gulden), zijn AOW ook (bruto met bijna 44 gulden) en na aftrek van de belastingen houdt hij 53 gulden en een stuiver minder over.

Meneer S. is niet de enige die het niet begrijpt. Dat weten ze bij het ministerie van Sociale Zaken, bij ongeveer alle politieke partijen, bij de vakbonden, bij de pensioenfondsen, bij loonadministraties, bij Postbus 51 en bij de ouderenorganisaties inmiddels ook.

'Volgend jaar zal opnieuw een aanzienlijke lastenverlichting worden doorgevoerd. Voor burgers betekent dat onder meer een verlaging van het geheel van belastingen en premies en een korting op de gemeentelijke milieuheffingen. Mede door deze maatregelen gaan vrijwel alle groepen van de bevolking er in koopkracht op vooruit.'

In september vorig jaar werden deze woorden van de koningin, uitgesproken op prinsjesdag, nog graag geloofd. Vier maanden later lijkt de koopkrachtdroom een nachtmerrie te worden. Voor ouderen, werkenden en uitkeringsgerechtigden, maar ook voor de regeringspartijen en het kabinet. In plaats van mooie loonstrookjes om de kiezers te stimuleren opnieuw paars te stemmen, zijn er nu boze brieven en telefoontjes van kiezers die meedelen aan een andere kleur de voorkeur te zullen geven.

Minister Melkert probeert de zaak nog te redden door te garanderen dat de beloofde koopkrachtwinst er ook echt zal komen. Vandaag, tijdens het debat in de Tweede Kamer over de koopkracht, zal blijken hoever Melkert met zijn reddingsactie wil gaan.

De minister heeft zijn garantie tot nu toe beperkt tot zijn standaardgevallen. Zoals meneer en mevrouw S. Al wijkt het Wageningse paar in één opzicht van de standaard af. Het pensioen van meneer is wel omhoog gegaan, maar aanzienlijk minder dan Melkert graag had gezien. In juli krijgt meneer opnieuw een hoger pensioen (en meer AOW). Hoeveel weet hij nog niet, en hij mag slechts hopen dat hij daarmee in de buurt van Melkerts ideaal komt.

Het voorbeeld van meneer en mevrouw S. maakt een aantal dingen duidelijk. Ook al ben je het ideale paar voor een koopkrachtplaatje, dan nóg kunnen ideaal en werkelijkheid snel uiteen lopen. Een pensioenverhoging van 1,24 procent is echt lager dan een van 2,65 procent, het percentage waarmee Melkert rekent. Dat scheelt een paar tientjes.

Die kunnen er in de loop van het jaar misschien nog wel bijkomen, maar dat ziet en weet meneer S. nu niet - en met hem duizenden anderen. Over het hele jaar bezien kunnen S. en zijn vrouw nog in de buurt komen van de door het kabinet beloofde koopkrachtwinst. Dat is mede te danken aan andere maatregelen waarvan het echtpaar ook profiteert, zoals lagere ziektekosten en lagere gemeentelasten, die Wageningers als S. krijgen in de vorm van een geringere verhoging van de onroerendezaakbelasting.

Maar wat vooral uit het voorbeeld van S. - en met hem vele anderen - blijkt, is dat de lastenverlichting die het kabinet geeft, helemaal geen lastenverlichting is en dus ook niet tot de beloofde koopkrachtwinst leidt.

Het grootscheepse geschuif met belastingen en premies levert S. geen voordeel maar een nadeel op. Dat nadeel kan alleen maar worden goedgemaakt als het pensioenfonds het pensioen minstens evenveel verhoogt als Melkert in zijn rekensom heeft bedacht. Maar Melkert kan dit niet afdwingen.

Wat voor de gepensioneerde S. geldt, gaat ook op voor grote groepen werkenden. Zij gaan er van december op januari soms op achteruit, of er een beetje op vooruit. Maar dat beetje (vijf gulden voor de standaard Jan Modaal van Melkert) is volstrekt onvoldoende om koopkrachtverlies te voorkomen, laat staan om koopkrachtwinst te boeken. Alleen een hoger loon kan deze werknemers aan winst helpen.

Het kabinet heeft 'vrijwel alle groepen van de bevolking' koopkrachtwinst beloofd. De rekening voor deze belofte wordt echter grotendeels naar anderen doorgeschoven.

Harko van den Hende

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden