Koninklijke Munt gaat gehavend de uitverkoop in

Het kabinet wil de Koninklijke Nederlandse Munt verkopen, bevestigen bronnen. Dat zal niet meevallen: interne wanorde en een financieel echec in Chili hebben de eeuwenoude muntenmaker flink beschadigd. 

Het gebouw van de Koninklijke Nederlandse Munt in Utrecht.Beeld anp

Op 19 januari 2016 is het zover. De gemeente Utrecht geeft de Koninklijke Nederlandse Munt een vergunning om over te stappen op drieploegendiensten. Voortaan kan er in de monumentale fabriek dag en nacht geproduceerd worden.

Wat de gemeente Utrecht volgens een woordvoerder niet weet, is dat het bedrijf - 100 procent eigendom van de Nederlandse staat - in de praktijk dan al bijna een jaar met drieploegendiensten draait. Zonder vergunning. Werknemers en medewerkers, onder wie veel Poolse uitzendkrachten, moeten de ramen zoveel mogelijk dicht houden. En 's nachts mogen ze vooral niet slaan met deuren en praten op de binnenplaats. Zo kan de productie van Chileense peso's en Zweedse kronen zonder vergunning doorgaan, al beweert KNM in tegenspraak met de gemeente dat het nachtwerk 'gedoogd' werd.

Een merkwaardige manier van opereren voor een staatsbedrijf, maar het is volgens ingewijden exemplarisch voor het gebrekkige (voormalige) management bij KNM. Al in het jaarverslag van 2013 stond dat de muntenmaker in drieploegendiensten ging draaien. Alleen was niemand op het idee gekomen daar tijdig een vergunning voor aan te vragen. Dat deed de KNM pas op 2 juli 2015. Te laat.

Zo is er onder het oude management (driekwart van de bedrijfstop is inmiddels onder druk vertrokken) wel meer misgegaan de afgelopen jaren. Het predicaat 'Koninklijk', de lange geschiedenis beginnend in 1567 en het statige pand in Utrecht gaven de producent van alle Nederlandse euro- en herdenkingsmunten het aura van degelijkheid. Maar achter de schermen heerste volgens betrokkenen wanorde en geldnood.

Een mislukte deal in 2013 met Chili is het bedrijf uiteindelijk fataal geworden. De KNM bleek die grote opdracht om peso's te slaan niet aan te kunnen en trof in de Chileense centrale bank een contractpartner die onverbiddelijk reageerde op elke misser. De ene na de andere container vol peso's werd in Santiago afgekeurd wegens tekortkomingen, van oxidantvlekjes tot fouten bij het inpakken. Herstelwerkzaamheden moesten in Chili gebeuren door lokale partijen, die daar 'een godsvermogen' voor vroegen, aldus een betrokkene die net als de meeste andere ingewijden anoniem wil blijven wegens de gevoeligheid van de zaak.

De rekening is terecht gekomen bij de aandeelhouder, de Nederlandse staat. De KNM staat vele miljoenen in het rood bij het ministerie van Financiën. Ook de banken hebben nog kredieten openstaan.

Hiermee worden 1 euro munten geslagen.Beeld anp

De staat neemt afscheid

Voor staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes is de maat vol. Hij zette eerder al muntmeester en algemeen directeur Maarten Brouwer met een afvloeiingsregeling op straat. Interim managers zijn inmiddels hard aan het saneren en reorganiseren, waardoor het bedrijf nu qua verliezen weer 'rond de nullijn' zou opereren. Wiebes zal desondanks vandaag of volgende week aankondigen dat de staat afscheid gaat nemen van de KNM.

Een aantal marktpartijen, waaronder PNM Global - een leverancier van KNM - en het Luxemburgse concern Quiding, dat munten maakt voor wijnflessen, is benaderd als eventuele overnamekandidaat. Dat overnameproces zou nog in een pril stadium verkeren, ook omdat de financiële huishouding bij KNM eerst op orde moet zijn. Tot gêne van het departement slaagde de staatsdeelneming er meer dan een jaar niet in om het jaarverslag van 2014 goedgekeurd te krijgen door de accountant.

In de Tweede Kamer zal er weinig weerstand zijn tegen het kabinetsplan om KNM te verkopen. Het munthuis wordt als 'een marginale business' gezien. Een groot publiek belang is er ook niet, aldus ingewijden op het Binnenhof. KNM maakt alle Nederlandse munten, maar in de praktijk slaat het bedrijf vooral stuivers, omdat die veel slijten of verloren gaan. Van de andere munten zijn er vaak nog grote voorraden.

KNM maakte in 2015 nog een slechte beurt bij Financiën door bij de productie van 55 miljoen stuivers in de problemen te komen. Terwijl de voorraad sneller slonk dan verwacht, bleek het munthuis onvoldoende rondellen (onbewerkte muntplaatjes) te hebben om genoeg nieuwe stuivers te slaan. Toen er met improvisatiekunsten toch rondellen werden geleverd, bleken die niet te voldoen aan de eisen. De slechte plaatjes moesten handmatig eruit gehaald worden.

Nederland is zeker niet het eerste land dat afscheid neemt van een eigen munthuis. Het gebruik van cashgeld loopt terug en bij de producenten heerst overcapaciteit. De concurrentie is moordend en door de openbare aanbestedingsregels is het moeilijk het eigen munthuis een voorkeursbehandeling te gunnen. Canada (Royal Canadian Mint) en Groot-Brittannië (Royal Mint) zijn nu de grote spelers. Die munthuizen kunnen straks ook gewoon de Nederlandse stuivers slaan.

De KNM voelde ruim twee jaar geleden pas echt de tucht van de markt. Het muntcontract dat eind 2013 met Financiën werd afgesloten, trok volgens een ingewijde 'het financiele tapijt onder het bedrijf' vandaan. De vergoedingen en orders gingen drastisch omlaag. Tegelijkertijd werd de subsidie voor het Geldmuseum ingetrokken waardoor een belangrijke huurder het monumentale pand verliet.

Bij de Koninklijke Nederlandse Munt worden nieuwe euromunten geproduceerd.Beeld anp

Verkoop lastig

KNM moest zichzelf redden, maar het oude management bleek niet in staat de bedrijfsvoering te professionaliseren. Het ministerie van Financiën bleef op afstand ('niemand keek naar KNM om'), totdat de schade in de miljoenen begon te lopen.

Een verkoop zal nog niet meevallen. Als de overheid zich terugtrekt als aandeelhouder, wordt de poel van potentiële klanten kleiner. Centrale banken van veel andere landen willen de productie van muntgeld alleen maar uitbesteden aan munthuizen die een staat achter zich hebben staan. Eenmaal in particuliere handen moet KNM verder op een kleinere markt.

Volgens Haagse bronnen wil Wiebes de verkoop 'netjes' afhandelen, maar voor het personeel breken onzekere tijden aan. Kenners van de markt noemen het 'doodzonde' als het bedrijf verdwijnt. Het zou een vernietiging zijn van kapitaal, werkgelegenheid en technologische kennis. Een nieuwe verlies voor de traditionele maakindustrie in Nederland.

De optimisten onder het personeel houden zich vast aan de opleving bij de Koninklijke Joh. Enschedé. Die drukker van biljetgeld verkeerde enkele jaren geleden ook in zwaar weer, maar is met een nieuwe eigenaar weer opgeklauterd.


Eén ding staat vast: Wiebes gaat bij een verkoop niet de hoofdprijs krijgen voor KNM. Daarvoor is er de afgelopen jaren te veel schade opgelopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden