Kleine mensen willen ook weleens in de file staan

Veel Wajongers schieten niets op met een baan. Orlando MacBean en Urmiela Rambaran zijn een uitzondering...

Zaterdag 17 mei 2003 staat in het geheugen van Orlando MacBean (45) gegrift als een mooie dag. MacBean – 110 cm groot – ging die dag naar de Kleine-mensen-club. Doel: praten over kleine-mensen-problemen, zoals brievenbussen en pinautomaten die te hoog zijn. Maar zodra MacBean de zaal binnenstapte, was hij dit doel vergeten. ‘Ik zag Urmiela zitten. Ze zag er zo mooi uit met haar lange donkere haren en blauwe jurk.’

Wat MacBean betreft, was het liefde op het eerste gezicht. Bij Urmiela Rambaran (34) – 135 centimeter lang – volgde de vonk niet lang daarna, na een date op het strand in Scheveningen. ‘Toen is het snel gegaan. We zijn een paar maanden later gaan samenwonen’, zegt MacBean.

Hoewel het stel elkaar nog dagelijks verliefd in de ogen kijkt, was hun situatie lange tijd niet ideaal. Het probleem: geld.

Rambaran had ondanks haar beperkingen geen recht op een uitkering, omdat ze tot 2000 in Suriname woonde. Het stel leefde van de Wajong-uitkering van MacBean. Deze uitkering, bedoeld voor gehandicapten die van kind af aan al fysieke of psychische beperkingen hebben, is zo’n 800 euro per maand. Zo nu en dan verdiende hij wat bij als acteur of figurant in tv-spotjes of series. ‘Het liefst was ik een bekend acteur geworden. Maar ik kom vaak niet verder dan de rol van dwerg of clown.’

Sinds januari is echter alles anders. Na een moeizame zoektocht hebben beiden een baan bij de kantoorinrichter Ahrend in Zwanenburg. MacBean niet onder meer 30 uur per week stoelzittingen en Rambaran naait de bekleding. ‘Het is fantastisch’, aldus MacBean. ‘En niet alleen omdat we nu 2.400 euro netto per maand te besteden hebben, maar ook omdat we nu soms in de file staan. Net als iedereen. We hebben het gevoel dat we weer meedoen.’

Het succes van Rambaran en MacBean is een uitzondering. Uit een onderzoek dat de Chronisch zieken en Gehandicapten Raad (CG-raad) maandag publiceerde, blijkt dat een baan voor de helft van de werkende Wajongers niet loont. Een kleine deeltijdbaan – zo’n zeven uur per week – levert meer op dan 36 uur in de week werken. (zie inzet)

Oorzaak is de jungle van uitkerings- en toeslagwetten, aldus Ad Poppelaars, directeur van de CG-raad. ‘Veel Wajongers die gaan werken, denken er per maand een paar honderd euro op vooruit te gaan. Maar dan blijkt bijvoorbeeld dat ze iets te veel verdienen en hun vervoerskosten niet helemaal vergoed krijgen.’

Het gevolg: Wajongers zitten gevangen in een kleine baan. En dat terwijl het kabinet én veel jonggehandicapten juist willen dat meer Wajongers aan de slag gaan. Momenteel werkt een kwart van de 160 duizend jonggehandicapten, veelal in een sociale werkplaats.

Makkelijk is het niet om aan de wensen van het kabinet tegemoet te komen, zegt jobcoach Yvonne Hendriks van het reïntegratiebureau Agens. Autisten, schizofrenen en borderliners, allerlei Wajongers heeft ze aan een baan geholpen. ‘Maar Orlando en Urmiela waren tot nu toe het moeilijkst. Ik heb bij zo’n vijftien bedrijven geïnformeerd, maar iedereen zei nee. Ze wisten niet wat ze moesten met twee dwergen.’

Via Ankie Nelis, de teamleider van de stoffeerafdeling van Ahrend – die Hendriks kent uit een grijs verleden – , kwam ze uiteindelijk bij het kantoormeubelbedrijf uit. ‘Het past in ons beleid om maatschappelijk verantwoord te ondernemen’, zegt Nelis.

Spannend vond ze het wel. De nacht voordat de Wajongers zouden beginnen, had ze zelfs een nachtmerrie. ‘Ik was bang dat de collega’s hen niet zouden accepteren. Ik droomde dat ze Orlando hadden vastgespoten met het lijmpistool. Maar mijn zorgen bleken misplaatst. Het gaat erg goed. Bovendien blijkt het goed voor de sfeer op de werkvloer om te werken met mensen die ‘anders’ zijn.’

Tal van aanpassingen heeft Ahrend moeten doen voordat het stel kon beginnen. De kapstokken zijn verlaagd, de tafelpoten zijn afgezaagd en er staan een scootmobieltje en een driewielertje klaar zodat MacBean en Rambaran – beiden slecht ter been – zich makkelijk kunnen voortbewegen in de fabriek. ‘Ik heb alle registers open moeten trekken om dit mogelijk te maken’, zegt Hendriks. Vijf instanties zijn ermee bezig geweest. Inmiddels ze is bijna klaar. ‘Ik heb nog een opleiding tot meubelstoffeerder voor hen geregeld, zodat ze meer taken kunnen krijgen. En Orlando heeft een hoogwerkertje nodig. Dan kan hij zonder hulp van zijn collega’s werken. Het UWV heeft zojuist toestemming gegeven, de stoel kost 18 duizend euro.’

Hoeveel het in totaal heeft gekost? Hendriks heeft het niet bijgehouden. ‘Het is de investering waard. Ze kunnen tot hun pensioen werken en doen weer mee.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden