Column

Klaver streelt gevoel en wurgt verstand

Klaver is nogal selectief in z'n vertrouwen.

GroenLinks-fractievoorzitter Jesse Klaver presenteert in boekhandel Paagman zijn boek De mythe van het economisme.Beeld anp

Economisme, dat is wat er mis is in de samenleving. Deze centrale stelling van Jesse Klaver, fractieleider van GroenLinks, staat zondag centraal tijdens een debat dat onze krant organiseert in de Rode Hoed. Concrete aanleiding is het verschijnen van diens boek, De mythe van het economisme. Ik heb het gelezen. Mijn vermoeden is dat de boodschap velen zal aanspreken -- het maatschappelijk sentiment wordt knap bespeeld. Maar inhoudelijk is het zo mager als een fotomodel.

Economisme is een door Klaver gemunte term - die goed gevonden is. Hij veegt met dit begrip onder één noemer het 'rendementsdenken', de 'boekhoudersmentaliteit', de 'toets- en afrekencultuur' en meer van dat soort maatschappelijke marketingtermen van links. Economisme is voor Klaver wat 'Just do it' is voor Nike.

Maar om te overtuigen, heb je niet alleen goede marketing nodig. Je moet ook nog goede gympies maken.

Wat is de kern van Klavers betoog? Ik zie twee punten. Kwantiteit versus kwaliteit. En systemen versus mensen. Het dominante denken, stelt Klaver, gaat over kwantiteit en systeem. Het gewenste denken, vindt hij, gaat juist over kwaliteit en mensen. Laten we dit abstracte postulaat even omarmen, en met Klaver zeggen: ja, dit is het doel.

Gegeven het doel dringen zich vervolgvragen op. Een hiervan is: hoe doe je dat? Op deze vraag geeft Klaver nauwelijks antwoord, en wat hij hierover zegt is inconsistent.

De inconsistentie is deze. Zijn enige antwoord op het 'hoe' is: schenk vertrouwen. Dat stelt hij bijvoorbeeld in de context van de bijstand, waar mensen 'eindeloos worden gecontroleerd en met wantrouwen worden bejegend'. Beter is volgens Klaver: bijstand zonder plichten en met ruime bijverdienmogelijkheden. Heb vertrouwen in de burger.

Maar deze vertrouwenslijn wordt niet consequent doorgevoerd. 'De directeur-grootaandeelhouder moet worden aangepakt', schrijft hij bijvoorbeeld in de context van de belastingen. Voor deze burgers wil hij dus juist nieuwe regels en verplichtingen.

Klaver, concludeer ik dan maar, is nogal selectief in z'n vertrouwen. En zijn wantrouwen jegens de directeuren-grootaandeelhouders lijkt me, tussen haakjes, gepaster dan zijn vertrouwen in de bijstandsgerechtigde. Hoe dat ook zij, het 'schenken van vertrouwen' lijkt allerminst een breed toepasbaar instrument om de nadruk te verleggen van kwantiteit naar kwaliteit en van systemen naar mensen.

Het 'hoe' komt er overigens in zijn boek bekaaid vanaf, terwijl daarover juist zo veel moeilijke vragen zijn. Ik geef een voorbeeld. Klaver windt zich nogal op over onderwijs. Over 'de toetscultuur' en de nadruk op rekenen en taal. Hij wenst een breder curriculum. En: 'De kwaliteitsontwikkeling van het kind moet centraal staan in het onderwijs.'

Hoe? Klavers enige antwoord is: minder toetsen. Dit deed me denken aan de man die een elektrische auto wilde hebben, hiertoe de benzinemotor uit zijn wagen sloopte, en triomfantelijk uitriep: ziezo!

Bredere ontwikkeling van kinderen - overigens een nastrevenswaardig doel - vereist wel wat meer dan dat. Durf ik te schrijven: vereist een systeem? Durf ik te schrijven: veronderstelt het operationaliseren van een curriculum en het definiëren van wat we onder 'kwaliteit' verstaan en het meten van die kwaliteit zodat de voortgang kan worden vastgesteld? Of ben ik nu economistisch bezig?

Klavers tegenstellingen zijn vals. In de maatschappij staat kwaliteit niet tegenover kwantiteit, en systemen niet tegenover mensen. Gegeven de omstandigheid dat in Nederland bijna 17 miljoen mensen wonen, en zich dus vraagstukken voordoen die gecompliceerder zijn dan met vrienden bier drinken bij het kampvuur (Klavers beschrijving van het goede leven), lijkt me deze stelling beter te verdedigen: kwalitatief goede systemen, mits goed gekwantificeerd, bezorgen mensen kwaliteit van leven.

Maar goeie gympies maken is een kunst die Klaver nog moet leren.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden