Japanse economie schiet van top naar dal

'Abenomics' heeft van Japan tot nu toe alleen een sputterende motor gemaakt. Groei en krimp wisselen elkaar even snel af als zon en regen in de Nederlandse zomer.

Winkelcentrum in Tokio. De consumptie in Japan blijft achter. Beeld EPA

Maandag meldde het kabinetsbureau in Tokio dat de qua grootte derde economie in de wereld in het tweede kwartaal met 0,4 procent (1,6 procent op jaarbasis) is gekrompen, na twee kwartalen van hernieuwde groei. Consumptie, investeringen en export verloren allemaal terrein. De krimp in Japan voedde de angst voor nieuwe malaise in de wereldeconomie. Vorige week kreeg die al een knauw door de devaluatie van de Chinese yuan. Veelbetekenend was dat de olieprijs maandag verder daalde.

De krimp is echter vooral slecht nieuws voor premier Shinzo Abe, die in december 2012 aantrad met een ambitieus stimuleringsprogramma, dat de al een kwart eeuw stagnerende Japanse economie uit het slop moest trekken. Tot nu toe zijn de resultaten sterk wisselend. Elke keer lijken zich nieuwe tegenvallers voor te doen.

Terughoudende consumenten

Minister Akira Amari van Economische Zaken zei dat de consumptie van april tot en met juni met 0,8 procent was gedaald. Hij gaf het slechte lenteweer de schuld. Hierdoor daalde immers de vraag naar airconditioningapparatuur en kleding. Opvallend was de snel dalende vraag naar laptopcomputers en tablets. De binnenlandse consumptie is goed voor 60 procent van het bbp van Japan.

De export daalde met 4,4 procent, ondanks de enorme val van de koers van de yen. Oorzaak daarvan zijn de tegenvallende export naar China. Vooral de verkopen van Japanse auto's in China liep terug, volgens Amari als gevolg van de overproductie van auto's in China. Ook naar de VS werd veel minder geëxporteerd. Keerzijde van de dalende yen is dat buitenlandse producten - vooral voedsel - duurder worden en de consumptie drukken. De import daalde met 2,6 procent.

Amari erkende dat de prijsstijgingen van importartikelen de consument nog terughoudender maken. De Bank of Japan slaagt er ondanks een voortrazende bankbiljettenpers niet in de inflatie weer naar 2 procent per jaar te brengen. En de regering lukt het niet ondanks een budgettair stimuleringsprogramma de consumptie en investeringen aan te zwengelen.

De Japanse Minister van Economische Zaken, Akira Amari. Beeld epa

Tijdelijke aard

Economen willen dat zowel de centrale bank als de regering er nog een schepje bovenop doet, zodat de doelstellingen van 2 procent inflatie en 2 procent groei in 2015 alsnog worden gehaald. 'Er is geen alternatief dan verder te stimuleren totdat de echte economie aantrekt en de inflatie een gewenst niveau bereikt', zei Takuji Aida, econoom van de Société Générale.

De Bank of Japan denkt dat de krimp in het tweede kwartaal van tijdelijke aard is en dat dit jaar alsnog een groei van 1,7 procent mogelijk moet zijn. Eerder was 2 procent groei voorspeld. In het eerste kwartaal groeide het bbp op jaarbasis nog met 4,5 procent. De Bank of Japan heeft de inflatieverwachting voor 2015 teruggebracht van 0,8 naar 0,7 procent - ver onder de doelstelling van 2 procent.

Opvallend was dat de beursindex maandag steeg. Deels kwam dat doordat de krimp minder groot was dan was gevreesd. Een andere oorzaak zou kunnen zijn dat beleggers erop rekenen dat nieuwe stimuleringsmaatregelen zich deels vertalen in een nieuwe geldstroom naar de beurs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden