Italië ook roemrucht fietsenmerk ontnomen

Het ene legendarische merk na het andere raakt Italië kwijt aan het buitenland. Het jongste verlies is een bedrijf dat vele jaren in Italië een ander woord is geweest voor fiets: Bianchi....

JAN VAN DER PUTTEN

Van onze correspondent

Jan van der Putten

ROME

In 1883 bouwde Edoardo Bianchi in Milaan zijn eerste fiets. Die kostte 130 lire (nu 15 cent), 100 lire minder dan een Britse Raleigh. Al snel ging Bianchi ook auto's en motorfietsen produceren. Maar zijn grootste roem behaalde hij met zijn fietsen.

Bianchi's concurrentie met het merk Legnano kreeg vooral vorm in de heroïsche duels tussen de campeonissimi Fausto Coppi op Bianchi en Gino Bartali op Legnano. In de jaren veertig en vijftig won Coppi op zijn Bianchi-fiets vijf keer de Ronde van Italië, vijf keer de Ronde van Lombardije en drie keer Milaan-San Remo.

Bianchi grossierde in wereldkampioenen op de weg (Gimondi in 1973, Argentin in 1986, Bugno in 1992) en won twee keer het wk mountainbike.

Maar zakelijk kwam de klad in het bedrijf. De productie van motorfietsen werd gestaakt, de automobieldivisie overgedaan aan Fiat, terwijl de twee rijwielfabrieken in handen kwamen van de scooterfabrikant Piaggio, die zelf onderdeel werd van de Fiat-groep.

Bianchi, Italiës grootste rijwielfabrikant, verkoopt een kwart miljoen fietsen per jaar en heeft met een omzet van ruim honderd miljoen gulden een Europees marktaandeel van 12 procent. Na Martini & Rossi, Lamborghini, Gucci en zoveel andere roemruchte merken heeft nu ook Bianchi een buitenlandse baas gekregen. Dat is Salvatore Grimaldi, die in 1952 als zevenjarige met zijn ouders van Zuid-Italië naar Zweden emigreerde.

Niet bekend

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden