Column Peter de Waard

Is het niet tijd dat de Duitse diesel even gaat pruttelen?

Peter de Waard

De diesel van de Europese Unie is al een tijd een pruttelend motortje geworden. De Duitse economie groeit niet meer.

In het derde kwartaal van vorig jaar was er een krimp, en in het vierde een stilstand, waardoor het land net ontkwam aan een recessie – dat zijn twee kwartalen van krimp – en niet het slechte voorbeeld van Italië volgde. En nu dreigt de Duitse auto-industrie ook nog eens te worden getroffen door een importheffing van 25 procent die Trump aan Europese fabrikanten wil opleggen.

Volgens berekeningen van het zeer gerespecteerde Institut für Wirtschaftsforschung (Ifo) zou de Duitse auto-export naar de VS daardoor met 50 procent kunnen dalen. Dat scheelt de Bondsrepubliek 18 miljard euro aan inkomsten. In­direct zal het ook Nederland geld gaan kosten, want veel bedrijven hier zijn belangrijke toeleveranciers van de grote merken Volkswagen, Audi, BMW, Opel en Mercedes.

Maar het zou ook voordelen hebben. De totale Duitse export loopt al jaren de spuigaten uit en ondermijnt daarmee de stabiliteit van de eurozone. En eigenlijk ook het mondiale financiële systeem.

In 2018 had Duitsland een overschot op de lopende rekening – het handelsoverschot plus de opbrengsten van deviezenreserves – van 294 miljard dollar (249 miljard euro). Dat is volgens Ifo in absolute getallen veruit het grootste overschot van alle landen in de wereld. Het is bijna twee keer zo groot als de nummer twee op de ranglijst – Japan, met 173 miljard dollar – en drie keer zo groot als de verrassende nummer drie van vorig jaar – Rusland, met 116 miljard dollar. Pikant is dat China nog maar een overschot van 49 miljard had. Het land met het grootste tekort is de VS, met 455 miljard dollar.

In procenten van het bbp is het Duitse overschot op de lopende ­rekening 7,4 procent. Dat is minder hoog dan in 2015 – 8,9 procent – maar nog altijd veel hoger dan het maximum van 6 procent dat de ­Europese Commissie aanhoudt. In een zero sum game, zoals internationale handel is, leiden excessieve overschotten automatisch tot ex­cessieve tekorten op de lopende ­rekening in andere landen, die daardoor in problemen komen.

Het IMF en de Europese Commissie hebben Duitsland al vele malen opgeroepen het overschot terug te brengen door bijvoorbeeld meer te importeren uit landen met een tekort, zoals Griekenland, Frankrijk en Ierland. Maar dat lukt niet.

Het is een zichzelf versterkend ­effect. Als landen overschotten blijven maken, halen ze steeds meer ­deviezen binnen waarop ze rendement krijgen. Dit vergroot de overschotten verder. Bij de tekortlanden gebeurt het omgekeerde. Uiteindelijk kunnen die niet meer aan hun verplichtingen voldoen. De overschot- of rentenierslanden klagen dan weer steen en been.

Dat Trump de Duitse auto-industrie treft, is niet zo gek. Helaas treft hij ook die van tekortlanden als Frankrijk en Groot-Brittannië.

Dat zijn bepaald geen diesels.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.