Column Peter de Waard

Is de Chinese economie bezig in te storten?

Op 15 december maakte een hoogleraar economie van de Renmin Universiteit in Beijing een opmerking die wereldwijd de wenkbrauwen deed fronsen.

Xiang Songzuo, plaatsvervangend directeur van het International Monetary Research, meldde doodleuk dat de groei van de economie van China in 2018 geen 6,5 procent was, zoals de officiële statistieken willen doen geloven, maar slechts 1,65 procent. Hoewel Chinese statistieken wel vaker met een korreltje zout werden genomen, dacht niemand aan een complete ineenstorting. De Chinese groei zou in dat geval vorig jaar de helft van de Amerikaanse hebben bedragen en zelfs onder de 2 procent van de eurozone zijn gebleven.

In China was verdere discussie onmogelijk. De officiële censuur verwijderde de uitspraken van Xiang Songzuo nadat die overigens wel al 1,2 miljoen keer waren gedeeld op sociale media. En daarna werd het nieuws overschaduwd door technische hoogstandjes van het land als de geboorte van de eerste genetische baby en de landing op de achterkant van de maan en het spierballenvertoon in de richting van het afvallige Taiwan.

Zo erg als Songzuo wil doen geloven, is de afname van de groei waarschijnlijk niet. De stijging van het elektriciteitsverbruik en goederentransport duiden op een stijging van het bbp van nog zeker 5 procent. Maar de Chinese motor, die de wereldeconomie zo lang op sleeptouw heeft genomen, begint te pruttelen. Tim Cook, topman van Apple, constateerde dat de Chinezen minder iPhones kopen. Ook andere data zoals de consumptie en detailhandelsverkopen duiden op een afnemend consumentenvertrouwen.

Volgens cijfers van de marktonderzoekers Markit en Caixin zou de bedrijvigheid in de Chinese industrie in december ten opzichte van een maand eerder zijn afgenomen. Het China Beige Book – een onafhankelijke dataleverancier over de Chinese economie – oordeelde in het vierde kwartaal van 2018: ‘China is een vergrijzend land met hoge schulden en een excessieve industriële overcapaciteit’. De Chinese beurs daalde vorig jaar met liefst 25 procent. De Chinese munt renminbi daalt al sinds 2017. De handelsoorlog met de VS helpt niet, maar is zeker niet de oorzaak.

China haalde in 2011 Japan in als de op een na grootste economie van de wereld. Maar het land staat net als Japan dertig jaar geleden voor de grote transitie: van een lage lonenland met een vieze industrie naar een moderne technologisch hoogstaande economie die kwaliteit stelt boven kwantiteit en het milieu hoog in het vaandel heeft staan. China gaat meer op het Westen lijken en dat zal gepaard gaan met een veel lagere groei, zoals Japan weet.

Statistieken dienen in China echter een politiek doel: ze moeten zorgen voor interne stabiliteit. Als de groei daalt, zal dat in kleine stapjes plaatsvinden. Grote schokken zijn ongewenst in de kapitalistische staatseconomie. En in een autocratie kan dat worden geregeld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden