doe-het-zelfbouw

In de Flevolandse polder bouwen pioniers zelf hun gewenste huis en dorp

Door de modderpoel brengt een bewoonster van het Zweedse ecodorpje Bolderburen (in aanbouw) de bouwvakkers knakworst en broodjes tijdens hun lunchpauze. Beeld Raymond Rutting

De Amerikaanse Harvard University en de Britse krant The Guardian keken er al met grote ogen naar: de Nederlandse polder waar pioniers hun eigen dorpen en huizen van begin tot eind zelf ontwerpen en bouwen. Een bouwrevolutie. Maar geen enkele revolutie verloopt bloedeloos.

Toen archeologische onderzoekers vorig jaar ‘een soort verschroeid hazelnootdopje uit de steentijd’ vonden onder haar kavel, moest Jessica Kersting (47) er eerst hartelijk om lachen. Maar haar bouwadviseur trok wit weg. Ruim een jaar nagelbijten later was Kersting 70 duizend euro onderzoekskosten armer, en was de bebouwbare grond van haar Zweedse dorpje met zesduizend vierkante meter geslonken.

‘Dat is het risico van het vak’, zegt ze nuchter, nadat ze zich in regenlaarzen een weg heeft gebaand door de diepe, zuigende modder van ‘haar dorpje’ in wording: Bolderburen, naar de gelijknamige jeugdboeken van Pippi Langkous-schrijver Astrid Lindgren. ‘Nu bouwen we op die zesduizend vierkante meter een vijver en een boomgaard voor de bewoners.’

In Oosterwold, 43 vierkante kilometer uien- en spruitenvelden tussen Almere en Zeewolde, woedt een grootschalig experiment voor de ultieme doe-het-zelver: koop een stuk rauwe landbouwgrond en bouw erop wat je maar wil. Geen minutieus gebiedsplan. Geen welstandscommissie. Geen grote projectontwikkelaars. Slechts ongerepte moddervelden en ongekende vrijheid (zie kader). De keerzijde: bouwers moeten álles zelf regelen, van vergunningen en onderzoeken tot de waterhuishouding en alle nodige gemeenschappelijke voorzieningen – compleet met wegen en rioleringen.

Zeker vijfhonderd mensen streken al neer in Oosterwold, zo meldt een woordvoerder van het project. Er staan 360 woningen, enkele honderden meer zijn in aanbouw. Almere en Zeewolde hopen dat dit aantal stijgt naar 15 duizend rondom 2030. Maar de eerste pioniers ontdekten al snel: een gemeenschap bouwen behelst meer dan een paar heipalen de grond in drijven.

Hoe begin je een eigen project in Oosterwold?

Geïnteresseerde ‘initiatiefnemers’ melden zich aan via de site van het project, maakoosterwold.nl. Dat kan als individu, of als groep – voor wie met gelijkgezinden aast op een eigen dorpje. Daarop volgt een informatiebijeenkomst met andere gegadigden. De wachttijd daarvoor is nu al zo’n zeven maanden. Dan is het tijd voor het befaamde ‘stip zetten’: de gewenste plek markeren op de kaart van Oosterwold. De volgende stap is de intentieovereenkomst, die de initiatiefnemer kan afsluiten zodra hij – even – met de toekomstige buren uitvogelt waar precies de kavelweg komt te liggen en wie daarvoor wat betaalt.

Met de intentieovereenkomst op zak kan de initiatiefnemer beginnen aan het ontwikkelingsplan. Van de website: ‘helder maken wat de ruimteverdeling is en zaken als energie-, sanitatievoorziening, stadslandbouw-, groen-, roodfunctie, inkomen, parkeren, erfontsluiting, waterberging en de (gezamenlijke) kavelweg’. Dat leidt tot een anterieure overeenkomst, en dan is het tijd om te beginnen aan de diverse vergunningen en onderzoeken: archeologisch-, ecologisch-, sonderingsonderzoek, de eisen van het Waterschap, etc. Wanneer de omgevingsvergunning vervolgens in de pocket is, mag de aspirant-bouwer eindelijk het land kopen.

En dan? Dan moet u alleen nog even een huis neerzetten. Nadat de landbouwgrond geschikt is gemaakt voor bebouwing, uiteraard.

Het volledige stappenplan is te vinden op de site van het project, maakoosterwold.nl.

Kerstings nuchtere houding komt haar dan ook goed van pas. En waar nuchterheid faalt, organiseert ze borrels. Heel veel borrels. Borrels voor de aspirant-bewoners, borrels voor de buren, borrels voor de bouwvakkers. Alcohol als smeermiddel voor een welwillende samenwerking binnen de piepjonge gemeenschap. Want zonder samenwerking kom je er niet, in Oosterwold.

Kersting en haar man Martin Qvist – zij half Zweeds, hij helemaal – bouwen al tien jaar lang typisch Zweedse houten huizen voor liefhebbers. Eerst kleine tuinhuisjes voor de kinderen, later vakantiewoningen, toen volwaardige huizen. Eentje per keer. Tot begin 2017, toen Kersting na steeds meer telefoontjes met vragen over ‘Oosterwold’ zelf eens ging kijken wat daar nu eigenlijk aan de hand was.

De bouw van het Zweedse ecodorpje Bolderburen. Beeld Raymond Rutting

Het plan was snel gevormd: drie kleine rode huisjes op een stukje akker in Oosterwold. Maar de toenmalige gebiedsregisseur, die initiatiefnemers begeleidt, zei: ‘Joh, zet er wat meer bij elkaar – hartstikke leuk’. Het werden er 22. Een heus Zweeds dorpje, met pittoreske maar hypermoderne energieneutrale woningen. In no-time meldden zich kopers. Dat is gaaf, dacht Kersting: doen wat we altijd doen, maar dan met 22 huizen tegelijk. Een flinke efficiëntiewinst voor mijn bedrijf. Alleen even dat zelfbouw-gebeuren uitzoeken.

De grondregels

Een welstandscommissie en gedetailleerd uitbreidingsplan mogen ontbreken, ook in Oosterwold moeten gebouwen voldoen aan het bouwbesluit. Daarnaast zijn er een aantal grondregels. De belangrijkste:

Het vloeroppervlak van de woning (bvo) mag niet meer zijn dan 12,5 procent van de kavelgrootte.

De helft van de oppervlakte moet worden gebruikt voor stadslandbouw: hou kippen of plant perenbomen, maar landbouw zal er zijn.

Hooguit 11 procent van de kavel mag verhard zijn.

Huilen en schreeuwen

Te beginnen met: de kavelweg. Dat is het weggetje dat Kersting’s dorpje en andere initiatieven straks moet gaan verbinden met de gemeentelijke Kievitsweg. De Kievitsweg loopt als een aorta tussen de akkers, zelfbouwers moeten samen de vertakkingen naar diverse nog te bouwen woonwijken plannen en aanleggen. De kavels zijn aangrenzend, dus de weg moet over het terrein van sommige zelfbouwers. De helft over het terrein van de één, de helft over het terrein van de ander, en bouwen maar. Toch?

Anderhalf jaar en pakweg vijftien vergaderingen van de kavelvereniging-in-wording verder, overwoog Kersting heel even om het project te schrappen. Er werd gehuild. Er werd geschreeuwd. Er werd met de vuist op tafel geslagen. ‘Die weg moet worden getekend, betaald, en onderhouden’, zegt Kersting. ‘Drie dingen waarover je ruzie kunt maken. ‘Waarom moet de afslag van de Kievitsweg op mijn kavel?! Geef jij maar een hoekje van jouw kavel weg.’ Dat soort gesprekken. Het perfecte recept voor een burenruzie.’

Tussen de kavelwegvergaderingen door inspecteerden ecologisch onderzoekers Kerstings kavel op de eventuele aanwezigheid van beschermde torren of kevers, en zochten archeologen driftig naar bouwbelemmeringen van cultuurhistorische aard. Met als resultaat, in juni 2017: een ‘verkoolde hazelnootdop’ (inderdaad als zodanig omschreven in het archeologisch rapport), een stukje verkoold bot, een duizelingwekkende factuur en een vermindering van Bolderburen’s bouwoppervlak met een derde van het beoogde totaal.

Vertraging

Waar Kersting voor anderen bouwt, zijn er ook zelfbouwers die het helemaal alleen moeten doen.

Een klopje op de deur van de Fendt-caravan langs de Kievitsweg, die tot aan zijn dubbele assen in de modder staat, resulteert in een onderdrukte kreet van binnen. Wanneer de bewoonster de deur opent, stroomt kaarslicht naar buiten en stijgt een warme damp op van haar avondmaal – een rijstpotje – de donkere, gure novembernacht in. Op de achtergrond: een vrijstaand houten huis in aanbouw, dat al negen maanden eerder klaar had moeten zijn – ware het niet voor de gemeente.

De bewoonster, gehuld in vijf lagen kleding, wil alleen anoniem haar verhaal doen: ‘Mijn collegae weten niet in welke omstandigheden ik verkeer.’ 

Toen de caravanbewoonster in december 2017 haar oude huis verkocht, verwachtte zij hooguit een paar maanden te moeten overbruggen. Ze had nooit gedacht dat ze een jaar lang met een voor de gelegenheid aangeschafte caravan van plek naar plek moest trekken, om vooralsnog te eindigen als een soort Mamaloe aan de rand van een spruitenveld. 

In november 2017 vroeg ze haar omgevingsvergunning (voorheen bouwvergunning) aan. Een maand later ontdekte de gemeente dat het in haar eigen bestemmingsplan de geluidsregels voor nieuwbouw ‘niet juist had toegepast’, waardoor de vrouw in de caravan pas in september 2018 haar vergunning kreeg. Er staan maximaal veertien weken voor. Nu de bouw eindelijk begonnen is, kan ze in december hopelijk de caravan uit en haar nieuwe huis in: ‘Mijn bouwers zijn op tijd, dat is het probleem niet.’ 

Ze is niet de enige die klaagt over lange vertragingen buiten haar schuld; voor de gemeente Almere heeft bijna niemand een mild woord over – Kersting niet, en zelfbouwers elders in Oosterwold niet. Vooruit, Martin Qvist, Kersting’s echtgenote en zakenpartner: ‘Voor de gemeente was het ook pionieren. Ze wisten daar niet altijd goed wat ze deden.’

Waarom maken honderden mensen dan toch de trek naar Oosterwold? Omdat hier kan wat nergens anders kan. ‘Je droomhuis verwezenlijken’, zegt Marjon Woudstra (57), die binnenkort als eerste in een van de Bolderburen-huizen trekt (en het afgelopen jaar zes keer van tijdelijke woonruimte wisselde). ‘Ruimte, rust, een groep gelijkgezinde mensen. Maar dat zijn niet de types die in hun nieuwe huis met een lijst elk gebrek optekenen – het gaat hier wel met een zekere chaos gepaard.’ 

Het zorgt in Oosterwold voor een bont gezelschap huizen. Een ritje over de Kievitsweg voert achtereenvolgens langs een lage woonschuur in industrieel grijs, een klassiek bakstenen landhuis met rieten dak, een woning vervaardigd uit verticale beige planken, en een welhaast Mississippi-style villa, opgetrokken uit horizontale witte planken. Er is een tiny house farm waar mensen in kleine, duurzame huizen wonen. Er staat een joert, een Mongoolse steppetent die dienst doet als basisschool. Er strekt een verzameling bungalows opgetrokken uit hout en massa’s glas uit op een heuvel.

Doorzettingsvermogen en een stevig huwelijk

Zelfbouw is niet voor iedereen weggelegd, zegt Wouter Sap (50), in het dagelijks leven havenmeester. En opgeleid als cv-monteur. En vroeger ook werkzaam als loodgieter en elektricien. En getrouwd met Ibolya Moor (52), die in het verleden werkte op de financiële administratie van onder meer een bank en een gemeente. Samen durfden zij het zelfbouwen wel aan. 

Huis in het ecodorpje Bolderburen in de steigers. Beeld Raymond Rutting

Terwijl de zon zakt en de bosrand aan de tuin schaduwen werpt naar de woonkamer, vertelt Sap vanuit zijn leunstoel over die keer dat een bezorger per brommer luttele uren voor het verstrijken van de beslistermijn een bericht van de gemeente bracht: de omgevingsvergunning gaat nog zes weken langer duren. Of die keer dat de deurwaarder aanbelde met een rekening voor elektriciteit. Hádden ze toen maar elektriciteit. Over nieuwe regels, ingevoerd halverwege het bouwen, voor de ligging van de kavels, de geluidsnormen.

‘Als bouwvakkers de vloer dichtschroeven terwijl er nog geen kabels liggen, is dat wel te herstellen’, zegt Sap. ‘Maar wanneer je als particulier niemand bij (beheerder van het stroomnet) Liander te spreken krijgt, omdat die geen zaken met particulieren doen, is dat gekmakend. Wij hebben wel mensen huilend op de kavel zien staan.’

De gemeente heeft een hoop geleerd – zo is de kostenverdeling voor archeologisch onderzoek inmiddels aangepast. De eerste pioniers vermoeden dat de zelfbouwers die in hun voetsporen treden het makkelijker krijgen. Geduld, een stevig huwelijk en een hele goede rechtsbijstandsverzekering blijven volgens Sap en Moor essentieel voor iedere aspirant-pionier die zelf een voormalig uienveld wil omtoveren in zijn droomwoning. Maar: dan heb je straks ook wat.

‘Een vrijstaande woning op 1200 vierkante meter voor 260 duizend euro’, zegt Sap. ‘Dat was nergens anders mogelijk geweest. Dat is voor mij de essentie van Oosterwold: een gewone jongen kan hier met zijn handen in de klei graven om zelf iets te bouwen dat anders onbetaalbaar was geweest.’

Totstandkoming van het project Oosterwold

De zelfbouwrevolutie in Almere is het geesteskind van Adri Duivesteijn, oud-wethouder Wonen (PvdA) van de stad. Toen Almere in 2008 besloot dat het in de twintig jaar daarop haar inwonertal wilde verdubbelen, zag toenmalig wethouder Duivesteijn zijn kans schoon om een lang gekoesterde wens in vervulling te doen gaan: woningbouw door organische groei. Niet langer zouden projectontwikkelaars beslissen hoe mensen wonen en leven, in Duivesteijn’s plannen zouden burgers zelf hun woningen vorm geven.

Toen kwam daar de crisis om Duivesteijn’s plannen een handje te helpen. Huizenprijzen daalden, potentiële huizenkopers hielden de hand op de knip, projectontwikkelaars stopten met gemeentelijke grond kopen en wijken bouwen. De prijzen van grond, in handen van de gemeente of het Rijk, daalden eveneens. Dat maakte het interessant voor ondernemende particulieren: in Oosterwold ging een vierkante meter voor slechts 29 euro over de toonbank. Goedkope grond kopen en je eigen huis bouwen: in een onzekere huizenmarkt leek zelfbouw plotseling een slimme investering. 

Oosterwold is een van de manieren waarop die plannen gestalte kregen, en de tegenhanger van verdichting en stedelijke hoogbouw. Ruimtelijk en landelijk, naar toch vlakbij de Randstad. Het project is onderdeel van Almere 2.0, het plan van de stad om woningnood te helpen ledigen door vóór 2030 zeker 60 duizend nieuwe woningen te bouwen. Daarvoor moeten ook de infrastructuur, leefbaarheid, duurzaamheid en economische bedrijvigheid in de regio naar een hoger plat getild worden. Almere 2.0 op haar beurt maakt deel uit van de Rijksstructuurvisie Amsterdam-Almere-Markermeer. Die studie verwacht een behoefte aan 440 duizend nieuwe woningen (pdf) in de noordelijke Randstad in 2040.

Utopia in de polder

Zonnestralen, kippen en een Mongoolse tent. Fotograaf Simon Lenskens legde de zelfbouw in Oosterwold vast op een warme dag in het voorjaar. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden