ProfielSophie Wilmès

In België lukt het wel: Sophie Wilmès wordt eerste vrouwelijke premier

Sophie WilmèsBeeld BELGA

Voor het eerst in de geschiedenis heeft België een vrouwelijke premier. Sophie Wilmès volgt Charles Michel op in zijn demissionaire regering. Wie is zij?

Bij het aantreden van zijn derde kabinet zei premier Mark Rutte twee jaar geleden dat hij moeite had gehad vrouwen te vinden voor ministersposten. Dat probleem heeft België kennelijk niet. Het land heeft dit weekeinde zijn eerste vrouwelijke minister-president gekregen, na 51 mannelijke voorgangers. Sophie Wilmès (44) werd zaterdag voorgedragen en legde zondag de eed af bij koning Filip.

Wilmès’ benoeming is de voorlopige kroon op een korte politieke carrière. De in economische en financiële adviezen gespecialiseerde advocaat zat in de gemeenteraad van Ukkel en werd in 2007 schepen (wethouder) in Sint-Genesius-Rode, een gemeente van 18 duizend zielen. Daarna zat de politicus kort in de provincieraad van Vlaams-Brabant. In 2014 belandde ze als lid van de liberale partij Mouvement Réformateur (MR) in het federale parlement toen een partijgenoot tot de regering toetrad.

Hoewel ze net haar intrede had gedaan in de landelijke politiek, werd Wilmès tot veler verrassing nog geen jaar later benoemd tot minister van Begroting en Nationale Loterij. Toen de eerste regering van premier Charles Michel vorig jaar december ten val kwam, kreeg ze er de bevoegdheden Wetenschapsbeleid en Ambtenarenzaken bij.

Op de winkel passen

Charles Michel is ook de man die zij nu opvolgt, nadat ze enkele maanden als zijn rechterhand heeft kunnen warmlopen. Michel vertrekt uit Wetstraat 16, het Belgische equivalent van het Haagse Torentje, om zich voor te bereiden op het voorzitterschap van de Europese Raad, dat hij vanaf 1 december gaat bekleden. Als leider van een demissionaire regering die alleen nog maar op de winkel mag passen, liet Michel zich de laatste weken al nauwelijks meer zien in het parlement.

Als eerste vrouwelijke premier van België zal Wilmès, getrouwd en moeder van vier kinderen, niet meer in de melk te brokkelen krijgen. Haar regering steunt op slechts 38 van de 150 zetels. De Belgen trokken afgelopen mei naar de stembus, maar de politici hebben geen nieuwe regering weten te vormen. Grote besluiten moeten wachten en dat geldt ook voor Wilmès’ hoofdtaak tot afgelopen zaterdag, de landsbegroting.

Begrotingstekort

Als verantwoordelijke voor die begroting heeft zij de afgelopen vier jaar weinig indruk weten te maken. Deze zomer kondigde Wilmès aan dat het begrotingstekort volgend jaar zal oplopen tot 10 miljard euro. ‘We hadden voorzien dat het tekort nog verder zou toenemen’, liet de minister optekenen in de krant La Libre Belgique. Dat leverde haar het verwijt op een draaikont te zijn, want eerder had ze waarschuwingen daarover steeds afgedaan als ‘apocalyptische prietpraat’, zoals het dagblad De Tijd het bondig formuleerde.

Het verwijt de financiën niet netjes op orde te hebben, klonk eerder in de politieke loopbaan van de nieuwbakken premier. De Morgen rept van ‘gênante fouten in de begroting’ van Sint-Genesius-Rode toen ze daar schepen was en de gemeente moet ‘daarom in extremis 1 miljoen euro extra lenen’. De Belgen hoeven niet bang te zijn dat zoiets nog eens zal gebeuren, valt op te maken uit een tweet van Wilmès vlak na haar voordracht. ‘Ik zal er alles aan doen om de stabiliteit en continuïteit te verzekeren bij het beheer van de lopende zaken.’

Vrouwelijke minister-president is nog altijd zeldzaam

België heeft er 188 jaar op moeten wachten, maar het land heeft met Sophie Wilmès eindelijk zijn eerste vrouwelijke premier. Van een primeur voor Europa is geen sprake: die eer viel Margaret Thatcher in 1979 te beurt. Sinds zij als eerste vrouw Downing Street 10 betrok, zijn er nog twaalf Europese landen geweest die werden geleid door een vrouw, en sommige zelfs meer dan één keer. 

De Polen houden het record: dat land kreeg in 1992, in 2014 en in 2015 een vrouwelijke premier. 

Op dit moment telt Europa zeven vrouwelijke regeringsleiders, sinds Theresa May in juli in Groot-Brittannië het veld ruimde. Het zijn de Duitse bondskanselier Angela Merkel, haar Oostenrijkse ambtgenoot Brigitte Bierlein, Erna Solberg (Noorwegen), Viorica Dăncilă (Roemenië), Mette Frederiksen (Denemarken), Katrin Jakobsdottir (IJsland) en Nicola Sturgeon (Schotland). 

De allereerste gekozen vrouwelijke premier ter wereld was Sirimavo Bandaranaike, in Sri Lanka in 1960.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden